’Als corona zeven jaar geleden was voorspeld, had ik een ander beroep gekozen’

’Als corona zeven jaar geleden was voorspeld, had ik een ander beroep gekozen’

Verpleegkundige Charlotte van Beek op rechts met een collega op links tijdens hun werk op de IC.

AMSTERDAM – Toen werd voorspeld dat COVID-19 de wereld over zou gaan, was dit een lachertje op de acute opname afdeling waar verpleegkundige Charlotte van Beek werkt. ‘’Dat zullen we nog wel eens zien”. De ernst werd pas duidelijk toen het virus in Italië en Brabant om zich heen sloeg.

In de beleving van Van Beek leek het rustig op de afdelingen van het Amsterdam UMC, locatie Boelelaan. Maar dat het stilte voor de storm was, realiseerde ze zich nog niet op dat moment. Eind maart liep de spoedeisende hulp van het ziekenhuis vol met coronapatiënten, het hek was van de dam. Een mail op zaterdag met het verzoek de komende tijd de IC te ondersteunen volgde. Er werd gevraagd om een akkoord voor 17 uur diezelfde middag. De acute opname afdeling zou haar deuren voorlopig sluiten. Hogerop was besloten dat het team van Van Beek het meest geschikt was. Veel ervaring, veel kennis. Die maandag kreeg het team een scholing van de teamleider en het hoofd IC. Een intensieve tijd stond hen te wachten. ‘Het is de spuigaten aan het uitlopen, bereid je voor’, Was de boodschap.

Wat dacht je toen je die boodschap hoorde?
”Hell no”. Dat dacht mijn hele team. Maar tijd om erbij stil te staan was er niet. We hadden natuurlijk niet écht een keuze. Onze afdeling ging tijdelijk dicht en de IC werd voorlopig onze werkplek. Althans, degene met een fulltime uren contract. Collega’s met minder uren moesten gaan werken op reguliere corona-afdelingen. Een groot deel van mijn team werkt fulltime. Dus ik ging met nog ongeveer 15 anderen naar de IC.

Wat was je eerste indruk tijdens je eerste dienst op de IC? 
‘’Drama. Iedere patiënt lag op de buik, een beeld dat ik nog nooit heb gezien. Het was meteen met de deur in huis vallen. Ik keek erg op tegen wat me te wachten stond. Ik heb de IC nooit geambieerd. Iedereen lag zo alleen. Familie was niet welkom. Het personeel was onherkenbaar. Wel voelde ik dat er hard werd gewerkt.’’

Was het voor jou meteen helder wat er van je verwacht werd?
‘’Nee. Ik werd gekoppeld aan een IC-verpleegkundige en die vroeg mij dingen te doen die ik niet mag doen. Het was crisiszorg, dus soms was er geen keuze. Maar de eindverantwoordelijkheid mocht ik eigenlijk niet dragen. Tijdens de scholing vooraf zijn we hiervoor gewaarschuwd. Er werd ons verteld dat er fouten gemaakt zouden gaan worden omdat dat in deze tijd onoverkoombaar zou zijn. In een normale situatie heeft één IC-verpleegkundige één, max twee patiënten onder haar hoede. Tijdens de ergste piek waren dat er drie of vier. De IC-verpleegkundige moest dus wel dingen uit handen geven. Gelukkig hebben wij wel veel kennis omdat de acute opname afdeling ook vrij gespecialiseerde zorg is. Maar in een normale situatie zou ik bepaalde dingen niet hebben gedaan. Wat dat betreft leek het wel oorlog.’’

Was je niet bang om die eindverantwoordelijkheid te dragen terwijl die niet bij jou hoorde?
‘’Ja en nee. Voor sommige dingen voelde ik mij wel bekwaam, dus dat heb ik gedaan. Maar het omwisselen van high risk medicatie heb ik bewust geweigerd. Als dat verkeerd gaat kan dat dodelijke gevolgen hebben. Dat wilde ik niet op mijn geweten hebben. Ik weet dat collega’s van mij, die dit ook niet mogen, het wel gedaan hebben. Maar ja, soms was de druk erg hoog. Ik begrijp dat je dan iets doet waar je later je vraagtekens bij plaatst.’’

Kon je na verloop van tijd wennen aan het werken op de IC?
‘’Jawel. Het werd routine. Ik miste mijn eigen afdeling, maar alle IC-verpleegkundigen waren heel aardig en betrokken. Je zag aan ze dat ze het ook zwaar hadden. Zij hadden hier ook niet voor gekozen. Wat ik eerder al zei, normaal ben je als IC-verpleegkundige niet verantwoordelijk voor meerdere, zulke complexe patiënten. En nu ineens wel. Dat maakte ook op hun grote indruk.’’

Wat vond je het moeilijkste tijdens het werk op de IC?
‘’Het onvoorspelbare van het virus. We hadden te maken met een virus wat we niet kenden. Voor alle ziekten bestaan protocollen die je vertellen hoe je moet handelen. COVID-19 was voor iedereen nieuw. Soms haalden we patiënten van de beademing omdat het goed ging en een uur later stortte iemand weer volledig in. Dan was je terug bij af. Veel patiënten kregen ook bijkomende complicaties zoals longembolieën of acuut nierfalen. De zorg werd hierdoor heel erg complex.’’

Heb je veel patiënten zien overlijden?
‘’Niet zozeer in mijn diensten. Wel kwam ik regelmatig terug na even vrij geweest te zijn en waren sommigen overleden. Zo was er een vrouw die van de beademing af mocht omdat het goed ging, later is ze ineens overleden. Weer dat onvoorspelbare. We mochten bijvoorbeeld richting familie geen termen als ‘het gaat beter’ gebruiken. Omdat het een half- of twee uur later weer mis kon zijn.’’

Er was dus geen familie welkom op de afdeling?
‘’Nee. We gebruikten videobellen. Ondanks dat de patiënt in coma lag, wilde familie hun familielid wel zien. Wat je vaak zag was dat familie zich even sterk wist te houden, maar dan toch na een paar minuten volledig brak. Huilend spraken ze dan tegen de patiënt. Ze schrokken vaak van hoe hun familielid eruitzag. Zo hadden patiënten veel vocht in het gezicht.’’

 Kon je thuis ontspannen?
‘’Ik zat in een totale corona bubbel. Alles was corona. Ik wilde mij soms graag afsluiten. Ik kreeg veel steun en telefoontjes. Dat was ontzettend lief en lastig tegelijkertijd. Tuurlijk was het abnormaal in wat voor situatie ik zat. Maar ik ben het hele jaar door verpleegkundige en op mijn normale afdeling is het ook vaak heel heftig. Daar liggen jonge mensen met kanker en mensen die zelfmoord geprobeerd hebben te plegen. Laatst was er bijvoorbeeld een man die zichzelf door het hoofd had geschoten. Veel mensen die niet in de zorg werken denken dat corona super heftig is, en dat is het ook. Maar het is niet zo dat het de rest van het jaar níet heftig is wat je als verpleegkundige meemaakt.’’

Hoe voelde het applaus wat je kreeg van heel Nederland?
‘’Dubbel. De aandacht die we kregen was lief en kwam uit een goed hart. Maar problemen in de zorg bestaan al heel lang. Ook wordt werken in de zorg onderschat door velen.  Medisch personeel loopt weg omdat de druk te hoog is. En nu tijdens een pandemie voelt men de noodzaak om te gaan applaudisseren. Het voelde scheef. We doen ons werk en daar mag meer waardering en aandacht voor komen. Niet alleen tijdens een pandemie.’’

Was je het na verloop van tijd niet zat?
‘’Zeker. Soms had ik het gevoel waar doen we het voor. Mensen lagen wekenlang in coma zonder vooruitzicht. Omdat de ziekte zo onbekend is wisten we soms niet waar we goed aan deden. Bekend is dat hoge beademingsdrukken heel slecht zijn voor de longen. We vroegen ons af hoe iemand daarvan op de lange termijn zou herstellen. Dat maakte mij soms moedeloos.’’

Is er een situatie die heel veel indruk op je heeft gemaakt?
‘’Ja. Een man van ongeveer eind dertig was zo ziek dat artsen hem wilde overplaatsen naar een ziekenhuis in Groningen. Daar wilde ze hem behandelen met de ECMO-machine. Dat is een machine die wordt gebruikt ter ondersteuning van het hart en de longen. Normaal bedient het UMC deze machine ook maar er was momenteel geen personeel om deze te bedienen omdat zij ook ingezet werden voor corona zorg. Er werd rekening gehouden met dat deze man de rit naar Groningen niet zou overleven. Daarom werd familie gevraagd om afscheid te komen nemen, voor het geval dat. Ik was erbij toen zijn ouders kwamen en toen dacht ik wel echt, wáár ben ik beland? Die man was nog geen veertig en hij had geen voorgeschiedenis.’’

Kwam er toen adempauze voor jullie toen de piek af nam?
‘’Ja. Ineens werd het een stuk rustiger waardoor wij op de IC niet meer nodig waren. Een paar keer achter elkaar werd ik naar huis gestuurd. Eerst was dat lekker maar opgegeven moment werd het vervelend. Dan liep ik weer met m’n ziel onder mijn arm door het ziekenhuis, zoekend waar ik kon helpen. Zo waren er natuurlijk ook veel normale afdelingen waar patiënten met corona lagen. Ik was alleen nergens nodig. Ik wilde dat onze eigen afdeling weer openging, maar dat duurde zeker drie weken.’’

 Hoe was het om na die hectische tijd weer terug te zijn op je eigen afdeling?
‘’Voelde als thuiskomen. Mijn eigen collega’s weer om mij heen en wat adempauze. De reguliere zorg kwam weer op gang. Nogal onverwachts kwam toen de boodschap dat wij weer corona patiënten zouden gaan opvangen op de afdeling. Daar zakte mijn broek wel een beetje vanaf. Ik wist dat corona niet over was maar ik had verwacht dat wij als afdeling even rust kregen, dat de corona patiënten op andere afdelingen geplaatst zouden gaan worden. Dat viel dus vies tegen.’’

Ben je zelf bang geweest om corona te krijgen?
‘’Nee. Wel bang om mijn familie te besmetten. Ik was mij bewust dat ik extra kwetsbaar was om het te krijgen. Toen mijn opa jarig was twijfelde ik om er heen te gaan. Maar ja, je hebt in zulke tijden ook familie en afleiding nodig. Uiteindelijk ben ik een maand geleden positief getest op het virus. Sinds de tweede golf hebben veel patiënten op de afdeling gelegen die dan ineens verdacht werden van corona. Als je daar onbeschermd naast staat loop je een groot risico. Ik ben een paar keer in mijn gezicht gehoest. Een week later kreeg ik klachten en ben ik behoorlijk ziek geweest. Ik wilde naar mijn familie maar dit kon natuurlijk niet, ik zat in thuis isolatie. Ik kon mij een voorstelling maken van hoe het voor al die patiënten moet zijn, vreselijk. ”

Hebben jullie begeleiding gekregen?
‘’Tijdens het werken op de IC was er een psycholoog aanwezig. Ik merkte dat ik daar geen behoefte aan had. Er werd tijdens de evaluaties veel geklaagd over de pakken en de striemen van de maskers. Maar ja, dat was nu eenmaal de situatie en daarover bakkeleien ging ons niet verder helpen. Ik merkte dat ik het prettiger vond om soms na werk even te blijven hangen met het team en een drankje. Luchtig napraten met mensen die hetzelfde meemaken. Na de IC -periode lijkt het alsof iedereen doorgaat. Terwijl bij velen nu de realisatie pas komt wat we hebben meegemaakt. Ik heb bij tijd en wijle last van slapeloosheid.’’

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *