Lokale schrijvers publiceren boek over het Nederlandse verzet

Lokale schrijvers publiceren boek over het Nederlandse verzet

Buiten dezelfde werkplek bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst  in Zevenaar delen collega’s Michel Wenting (56) en Klaas Castelein (38) een grote passie: die voor militaire geschiedenis. Samen schreven zij een boek over het gewapende Nederlandse verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het Engelstalige The Dutch Resistance 1940-1945 werd vorige maand na een proces van langer dan twee jaar uitgebracht.

Wat is jullie eigen relatie met de oorlog? Hebben deze verhalen ook de interesse in het onderwerp verder aangewakkerd?

Wenting: Mijn interesse heb ik direct overgenomen van mijn ouders, die midden twintig waren in de oorlog. Mijn vader was werkzaam voor het Rode Kruis en heeft in die hoedanigheid heel veel ellende gezien en meegemaakt. De verhalen die rechtstreeks uit zijn mond hoorde wakkerde de interesse al op jonge leeftijd aan. Mijn achter-oom Antoon Helmes was daarnaast medeoprichter van de LO in de gemeente Bergh. Zo gaf hij hulp aan onderduikers en neergeschoten geallieerde piloten.

Castelein: Mijn overgrootvader Hielke Brouwer is heel erg betrokken geweest bij het verzet, en dan met name met de opvang van joodse mensen in zijn Friese gemeente. Hij was binnen zijn gemeente het hoofd van de LO – hij heeft in zijn tijd aan ongeveer driehonderd met name joodse mensen onderduikadressen geregeld.

De interesse was er dus al, maar hoe is het idee ontstaan om samen dit boek te schrijven?

Castelein: Toen wij elkaar leerden kennen werd het al snel duidelijk dat een grote passie deelden voor militaire geschiedenis. In 2019 is het idee geboren toen we in een oorlogsmuseum in Doesburg met elkaar bespraken hoe weinig er in het Engels was geschreven over het Nederlandse gewapende verzet. En hoe niet-Nederlands sprekende mensen geen kennis kunnen nemen van deze bijzondere en ontroerende verhalen.

We dienden destijds een synopsis in bij Osprey Publishing, een Britse uitgeverij uit Oxford. Die waren meteen enthousiast, omdat zij al heel veel hadden gepubliceerd over de Tweede Wereldoorlog, maar nog niets specifieks over het gewapende verzet in Nederland. Eigenlijk zijn we vanaf september 2019 echt inhoudelijk bezig geweest met het boek. Mei vorig jaar was het af, maar omdat Osprey zoveel publiceert per maand duurde het nog even voordat het uitkwam.

Waarom wilden jullie bij Osprey publiceren?

Castelein: Osprey heeft echt een niche veroverd – zij publiceren het meest gedetailleerde en gevarieerde werk op het gebied van militaire geschiedenis. Zij zijn dus echt een begrip voor iedereen die geïnteresseerd is hierin. Osprey had al eens een boekje uitgegeven over het gewapende verzet in West-Europa tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar daarin kwam het specifieke Nederlandse verzet niet tot zijn recht. De niet-Nederlandse auteur daarvan had natuurlijk weinig toegang tot de Nederlandse literatuur die wij wel hebben. Toen dachten wij goed in dat kennisgat te kunnen springen. Binnen de boekenwereld hebben zij tevens een unieke oplage – de eerste is meteen drieduizend!

Wenting: Daarnaast hebben we het nu echt een gezicht kunnen geven, mede dankzij tekenaar Mark Stacey. We hebben hem input gegeven: samples van stof, kleding, you name it. En je ziet het ook terug in het boek – je kunt bijna de stof van de kleding zien.

Klaas: En die realistische tekeningen zijn ook typerend voor de uitgaves van Osprey. We hebben hiervoor 168 bladzijden aan referentiemateriaal verzameld. Michel heeft bijvoorbeeld een Nederlands marechaussee uniform laten reconstrueren, en dan gaat het echt om zaken als hoe de knoop eruit zag, en waar precies die gezet was. Per figuur moeten we minstens tien bladzijden aan referentiemateriaal hebben gehad.

Hoe verging die informatieverzameling dan? En hoe diepgaand was dat?

Wenting: Literatuur, musea, en niet onbelangrijk om te vermelden: een hele hoop archieven. We behandelen bijvoorbeeld als een inleiding vooroorlogse fascistische organisaties, waarvan er tallozen waren. Vele van deze hadden eigen uniformeringen van knokploegen – zo ook het Nationaal Front, waarvan de aanhang vooral uit Brabant afkomstig was. Van deze uniformeringen zijn slechts drie foto’s, een waarvan we hebben gekregen van de zoon van één van die personen. In het Brabants Historisch Informatie Centrum in Den Bosch hebben wij verschillende mappen mogen doorspitten en vonden wij meer specifieke beschrijvingen van deze.

Castelein: We moesten nog één detail zien te achterhalen van het uniform: de kleur van de bies op de kwartiermuts. Op basis van archiefomschrijvingen  hebben we vijftien stukken opgevraagd in het archief, en kwamen we op de gedetailleerde omschrijving, inclusief de kleur van de bies. We waren net twee kleine jongens, zo blij!

Het boekje moest 64 pagina’s worden. Hoe kregen jullie dan al zoveel materiaal in zo weinig pagina’s?

Klaas: Het schrappen was echt een uitdaging. En omdat we een zo’n breed mogelijk beeld wilden presenteren hebben we gekozen voor case studies uit het hele land. Het verzet in Limburg was weer heel anders dan in Noord-Holland. Maar we hebben natuurlijk zoveel materiaal over, dus we zijn al bezig met een vervolg bij een andere partij.

Michel: Ja, daarin willen we ook veel meer de diepte in gaan. We benoemen ook wel de vaak godsdienstige achtergronden, maar daar is nog zoveel meer over te melden.

Hebben jullie dan ook overwogen voor een andere uitgever te gaan?

Klaas: Niet echt, want we wisten waar Osprey voor stond, en dat het een toegankelijke, korte, wetenschappelijke introductie zou worden voor mensen die wat meer willen weten over dit onderwerp. En vanuit deze introductie kunnen mensen weer wat verder kijken, daarom is er ook een literatuurlijst bijgevoegd. Maar nogmaals, we wisten waar we aan begonnen. Wat ook jammer is: zoveel mooie beelden die verloren zijn gegaan vanwege auteursrechten. We hebben er zoveel niet kunnen opnemen.

Zal er in de volgende ook meer ingezoomd worden op lokale kwesties?

Michel: We zullen zeker wat meer inzoomen op lokale casestudies, zeker. We moeten Arnhem niet vergeten – gevangenisovervallen die exact een maand na elkaar werden uitgevoerd bijvoorbeeld. Daar is nog veel over te vertellen.

Klaas: Er is nog inderdaad nog zoveel! Aan het materiaal zal het niet liggen.

 

Over de auteur

Elizabeth Wenting

Elizabeth Wenting is beginnend journalist, met een grote dosis interesse in mensen en wat hun elke ochtend uit hun bed trekt. Daarnaast (of misschien juist daarom) houdt ze enorm van reizen en zich in andere culturen en gebruiken onderdompelen. Ze leest en schrijft graag, doet elke dag een poging de natuur in te trekken, en heeft een voorliefde voor media en film.

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.