Reanimeer mij niet: “Ik wil heus niet dood, ik wil alleen niet lijden”

Reanimeer mij niet: “Ik wil heus niet dood, ik wil alleen niet lijden”

Afbeelding: Freepik.com

Al meer dan tien jaar heeft Ina (71) een niet-reanimeren penning. Dit plaatje, dat zij altijd bij zich moet dragen, is een aanvulling op de papieren niet-reanimeren wilsverklaring. De Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) geeft deze wilsverklaringen en penningen uit. In een openhartig interview vertelt zij over haar ervaringen en keuze voor het niet-reanimeren.

Ina’s keuze tot niet-reanimeren is al lang geleden genomen. “Ik ben al sinds de diagnose PBC (ziekte van de kleine galwegen) lid van de NVVE, dat is ruim vijfentwintig jaar geleden. Toentertijd heb ik al een wilsverklaring opgesteld voor vrijwillig levenseinde, bestaande uit een euthanasieverzoek en een niet-reanimeren verklaring. De NVVE kwam rond 2007 met de niet-reanimeren penning, dit was iets heel nieuws. Dit stond in het clubblad, tenminste zo noem ik het.” Ze moet er zelf om lachen hoe ze het officiële ledenblad noemt. “Ik heb hen uiteindelijk opgebeld en gezegd dat ik deze penning wilde.”

Normaalgesproken gaat er nog wel een proces aan vooraf om de penning te krijgen, maar omdat Ina al lid was van de NVVE en in bezit van een wilsverklaring hoefde ze niet meer aan een vragenvuur te worden onderworpen. “Ik moest een pasfoto opsturen en een handtekening, deze staan ook op mijn penning. Dat moest allemaal met de post. Ook moest ik zo´n vijftig euro betalen. Uiteindelijk kreeg ik mijn penning toegestuurd en heb hem nu al meer dan tien jaar.” Ina laat de penning zien. Het is een klein plaatje, niet veel langer dan de duim en twee vingers breed. In grote letters staat boven de pasfoto: REANIMEER MIJ NIET.

Ze draagt de penning altijd aan haar beha, aan een soort ketting, zodat het op de buik of borstkast valt. Dit leek haar veiliger dan aan een ketting om de nek. “Als ik hem om mijn nek hang, dan kan het ook naar achteren om mijn rug vallen als het noodlot toeslaat. Hoe ik hem nu draag weet ik zeker dat wanneer men mij moet reanimeren, ze meteen de penning zien ziten. Je voelt het of ziet het wel als ze een AED willen aansluiten.

Als Ina beschrijft wat de penning voor haar betekent, is dit vooral de mogelijkheid tot zelfbeschikking. “Ik ben heel zwak geweest en heb veel pijn gehad, maar mijn geest is sterk. Ik zou dit natuurlijk nooit zomaar beslissen, maar dit klopt voor mij en dit wil ik. Als ik door mijn reanimatie er nog slechter uit kom en een lang ziekbed krijg, dan hoeft dat van mij niet. Ik wil heus niet dood, ik wil alleen niet lijden.”

Het is opvallend hoe open Ina er over praat. Het leren leven met een chronische ziekte en wat daar bij hoort is tenslotte wel iets wat voor haar al ver terug gaat. “In 1993 hoorde ik dat ik de chronische ziekte PBC had. Er werd mij verteld dat ik nog maar tien tot twaalf jaar had, maar niets was minder waar”. Met een kleine glimlach vertelt ze er over, dat ze die verwachting dik is overstegen. “Maar goed, toen wist ik dat natuurlijk nog niet. Ik ben toen bij de NVVE gekomen door een medepatiënt van de patiëntenvereniging, die mij vertelde over het bestaan van de wilsverklaring voor vrijwillig levenseinde. Dit heb ik meteen aangevraagd aan het begin van mijn ziekte. Ik had er alles over gelezen en ik wilde een beslissing als deze aan mijzelf laten, niet aan mijn man en kinderen. Ik ben nogal een eigenwijs mens.”

“Ik wilde een beslissing als deze aan mijzelf laten, niet aan mijn man en kinderen.”

Haar toenmalig huisarts en ook de huisartsen die zij daarna heeft gekend hadden allen begrip voor haar keuze tot niet-reanimeren. Haar echtgenoot had het er wel moeilijk mee. “In het begin ontkende hij mijn ziekte. Eigen-lijk wilde hij niet geloven dat ik niet beter werd. Uiteindelijk kwam het besef. Toen ik de verklaring aanvroeg had hij het er wel moeilijk mee, maar zei meteen ‘ja’ toen ik vroeg of hij mijn tweede vertegenwoordiger wilde zijn.”

Een vertegenwoordiger is iemand die voor Ina kan spreken als zij haarzelf niet meer kan uiten. De eerste vertegenwoordiger is altijd haar oudste zoon geweest. “Hij was toen al bijna twintig en de zorg was zijn vakgebied. Hij begreep het daarom ook beter. Onze jongste was pas zeventien, hij had het er toen een stuk moeilijker mee, maar heeft nu er ook begrip voor.” Later is Ina’s jongste zoon haar tweede vertegenwoordiger geworden. Haar man gaf aan dat hij zichzelf niet vertrouwde als het eropaan zou komen, omdat hij haar graag dichtbij zich wilde houden. “Hij zei altijd: doe je best he! Ik kan niet zonder je.”

“Hij zei altijd: doe je best he! Ik kan niet zonder je.”

Ondertussen heeft Ina dus niet alleen een verklaring, maar ook de penning. “Door experimentele medicijnen is het proces van mijn ziekte vertraagd, maar ik kreeg wel steeds meer andere bijwerkingen en ziektes erbij. En risicovolle ingreep in 2007 was voor mij de druppel: ik wilde de penning ook aanvragen.” Bij een hartaanval, beroerte of verstikking mag Ina niet gereanimeerd worden. Wel mogen de hulpverleners pijnbestrijding toedienen, zolang ze maar niet levensverlengend handelen. Ina is niet bang dat een leek op straat haar zal reanimeren. “Het wordt steeds bekender. Mocht een leek mij willen helpen en de hulpverleners komen uiteindelijk om het over te nemen, dan zullen zij de reanimatie stoppen.”

Wil je meer informatie over dit onderwerp?
Kijk op www.nvve.nl en www.hartstichting.nl/reanimatie/niet-reanimeren-wens

Over de auteur

Tessa Huisman

Ik ben een fulltime muziekfanaat, enthousiaste student en nieuwsgierig aagje. Ik sta open voor alle kanten van een verhaal en duik graag diep in een onderwerp. Mijn producties maak ik met de grootste aandacht en passie, ik hoop dat je dit ook er in terug hoort!

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *