Studentenhuisvesting nog steeds oneerlijk

Studentenhuisvesting nog steeds oneerlijk

’S-HERTOGENBOSCH – Uit de Landelijke Monitor Studentenhuisvesting die gepubliceerd werd afgelopen november bleek dat de druk op studentenhuisvesting de komende vijf jaar aanhoudt. De krapte op de markt zorgt voor een hoop oneerlijkheid voor studenten. Onder andere astronomisch hoge huurprijzen in de particuliere huursector en ellenlange wachtlijsten in de sociale huursector zijn de gevolgen. Ik sprak Lyle Muns (voorzitter Landelijke Studentenvakbond) over de huidige situatie en wat we hier aan zouden kunnen doen.

De eerste grote vraag is natuurlijk: wat zorgt voor een groot tekort aan studentenwoningen en kunnen we alle problemen niet heel makkelijk verhelpen door gewoon snel veel meer bij te bouwen? Helaas gaat dit niet zo makkelijk. In de eerste plaats moeten gemeenten grond ter beschikking stellen voor het bouwen van studentenwoningen. Gemeenten hebben echter maar een bepaalde hoeveelheid grond te verdelen en willen dit ook voor andere doeleinden gebruiken. Er bestaat namelijk überhaupt een groot woningtekort, niet alleen voor studenten. In de belangenafweging kan het zijn dat er niet genoeg rekening met studenten wordt gehouden, of simpelweg niet kan worden gehouden.

Los van de beperkte hoeveelheid grond, kunnen gemeenten grond wel aanwijzen voor sociale verhuurders en hier plannen mee maken, maar deze vallen niet allemaal zomaar te organiseren voor deze organisaties. Sociale organisaties hebben vaak kortingen nodig op grondprijzen, omdat de hoeveelheid woningen anders niet behaald kan worden. Echter kost dit gemeenten zelf geld; ze kunnen de grond nu niet duurder aanbieden aan een derde. 

Maar ook in de particuliere sector maken gemeenten het niet makkelijk door steeds strenger op te treden tegen het fenomeen ‘verkamering’: het opdelen van een appartement of huis in studentenkamers, om deze vervolgens te kunnen verhuren. Soms stellen gemeenten een stop op alle verkamering in, maar het komt ook voor dat het juist in bepaalde wijken wordt tegengehouden; wijken waarvan gemeenten vinden dat er al teveel studenten wonen of waar helemaal geen studenten thuishoren. De Landelijke Studentenvakbond (LSVb) heeft hier moeite mee, omdat gemeenten bij voorbaat al studenten afschilderen als een overlastgevende groep. ‘De LSVb vindt dat gemeenten alleen moeten optreden tegen studenten die ook daadwerkelijk overlast veroorzaken en niet alle’, aldus Muns. Zeker in grote steden is dit iets wat een hele zware druk legt op het ter beschikking stellen van meer studentenwoningen. 

De krapheid op de markt zorgt er uiteindelijk voor dat huisjesmelkers misbruik kunnen maken van de situatie door absurd hoge huurprijzen te vragen. Dit is verboden. Met het woningwaarderingsstelsel (WWS) wordt wettelijk bepaald hoeveel huur gevraagd mag worden. Huisjesmelkers vragen vaak vele malen meer en dit is logisch legt Muns uit: ‘Een huisjesmelker denkt: ‘Niet geschoten, altijd mis. Ik probeer gewoon meer te vragen. Ik kan toch geen boete krijgen. Het ergste wat er kan gebeuren, is dat een student naar de huurcommissie stapt en die constateert dat de student teveel huur heeft betaald. Alleen het bedrag wat dan teveel is betaald, moet ik terugbetalen aan de student. In het beste geval krijg ik veel meer huur betaald.’ 

Daar komt bij kijken dat huisjesmelkers heel vaak contracten aanbieden voor bepaalde tijd. Studenten willen vaak om deze reden niet naar de huurcommissie stappen. Ze zouden dan namelijk een paar maanden minder huur betalen, maar worden na het verloop van hun contract meteen uit hun woning gezet; hun huurcontract wordt niet verlengt. Vervolgens begint het riedeltje weer van voor af aan met een nieuwe student die de huurwoning betrekt. Een boete voor huisjesmelkers is hiervoor de oplossing, stelt Muns. ‘De werkwijze van de huurcommissie is er namelijk één die geen zode aan de dijk zet. De LSVb pleit voor het beboeten van huisjesmelkers. Het geven van een financiële prikkel aan de verhuurders zorgt er eerder voor dat zij zich aan het woningwaarderingsstelsel houden.’ 

Deze boete zou bovendien flink fors moeten zijn. Omdat zo weinig studenten naar de huurcommissie stappen, moet het hier tegen opwegen en toch een afschrikwekkende werking hebben. 

De vraag bestaat wel of huisjesmelkers door de lagere winst niet ermee stoppen en er nog minder studentenwoningen beschikbaar komen (nu ook in de particuliere sector). Maar Muns vertelt dat huisbazen, die zich netjes houden aan het woningwaarderingsstelsel, nog altijd winst kunnen maken met het verhuren aan studenten. ‘Bovendien is belachelijk hoge prijzen vragen voor huur niet oké. Hier moet hoe dan ook wat aan gedaan worden.’

Buiten de hoge huurprijzen voor studentenkamers in de particuliere sector, noemde ik eerder ook al de lange wachtlijsten als nadelig gevolg in de sociale sector. Veel aankomende studenten schrijven zich niet al op de middelbare school in voor zo’n sociale studentenwoning. Dit kan er simpelweg mee te maken hebben dat zij geen oudere broer of zus hebben die hen hier op wees, of omdat ze oprecht nog niet wisten waar (en wat) ze wilden studeren, wat ook helemaal niet zou hoeven. Deze aankomende studenten komen door te late inschrijving in een grote stad als Amsterdam soms hun hele studententijd niet meer in aanmerking voor een kamer. 

SSH& (woningcorporatie Nijmegen en Arnhem) stapte als eerste, en tot nu toe enige, over op het systeem van loting afgelopen jaar. In 2019 maakten zij bekend vanaf 1 juli 2020 elke student die zich bij hun ingeschreven heeft één lot te bieden, waarmee een woningzoekende per week in kan zetten op één kamer naar voorkeur. Op de website is te zien hoeveel studenten meedoen voor een kamer en hoeveel kans er dus is om te winnen. Naar eigen zeggen hebben zij dit gedaan omdat het huidige systeem van wachtlijsten te ingewikkeld werd en helemaal vastliep. Volgens hen is het systeem van loting bovendien veel eerlijker, omdat bij aanvang van een studie elke student gelijke kansen heeft op een goede, betaalbare kamer. 

Lyle Muns wil (aankomende) studenten op het hart drukken zich nu hoe dan ook zo vroeg mogelijk in te schrijven voor wachtlijsten. Studenten die hier toch te laat mee zijn geweest en onderaan een wachtlijst bungelen, raadt hij aan toch iets te zoeken in de particuliere sector. ‘Teken het contract gewoon, maar ga daarna wel goed na of je niet teveel aan het betalen bent. Als je erachter komt dat je teveel huur betaalt, stap dan echt naar de huurcommissie. Je kunt hier veel geld van terugkrijgen, waar je al het recht op hebt.’

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *