Gameverslaving onder jongeren

Gameverslaving onder jongeren

Mensen met een gameverslaving zijn vooral jong (76% < 25) en mannelijk (94%). In het voortgezet onderwijs gamet 27% van de scholieren dagelijks. Daartegenover speelt een vijfde van de gamende jongens meer dan vier uur per dag games. De gemiddelde leeftijd is 21 jaar en 82% van de hulpvragers is jonger dan 25 jaar.

Sinds corona is het dataverbruik enorm gestegen (tot wel 70%). Een groot deel hiervan is game gerelateerd. Ook opvallend is dat de aandelen van videogames omhoog zijn gevlogen. Dat wijst allemaal op meer gamegebruik en meer gameverslaafden.

De game-industrie is groter dan de muziek- en filmindustrie bij elkaar. De industrie doet er alles aan om mensen nog verslaafder te maken door elementen in hun games te verwerken die voor adrenaline, dopamine en endorfine zorgen. Dit is een vergelijkbaar met wat er gebeurd als je drugs gebruikt.

Ik praat over dit onderwerp met Stern Apperloo, die zelf gameverslaafd is geweest. Stern is 19 jaar en woont in Alkmaar.

Ontwikkeling verslaving

Ik was 4 jaar oud toen ik begon met gamen. Ik heb een oudere broer dus ik ging samen met hem achter de computer zitten en speelde de game old school runescape.

Toen ik 9 jaar was zat ik op drummen, waar ik mee ben gestopt om meer te kunnen gamen. Toen ik 12 was ben ik gestopt met voetballen en op mijn 15de ben ik gestopt met school en sociaal contact, wat tot mijn 18de heeft geduurd. Ik gamede in die periode veertien uur per dag.

Vroeger op de basisschool melde ik me vaak ziek om te kunnen gamen. Ik was me er heel erg bewust van dat mensen niet wisten wat er in mij omging, zodat ik daar makkelijk over kon liegen.

In het derde jaar van Havo had ik over 200 uur absentie en ging ik, door ruzie met mijn moeder, bij mijn vader wonen.

In de laatste week van de zomervakantie had ik een operatie waardoor ik acht weken achterstand op school had. Dat was het moment dat ik stopte met school.

Vanaf hier nam het gamen mijn leven over en startte het dieptepunt van mijn verslaving. Ik zat met een kussen op schoot te gamen omdat ik me heel eenzaam voelde en mijn moeder miste. Ik sloeg mezelf, ik kon mezelf niet meer aankijken in de spiegel en ik hield niet meer van mezelf. Ik zag mijn vrienden niet meer, ik durfde de deur niet meer uit, ik durfde überhaupt niks meer.

Ik had pas op 15 januari 2019 het realisatiemoment dat ik een verslaving had. Ik zat toen zes weken in kliniek ‘Wij zijn broer’. Ik ben daar heen gegaan voor eenzaamheid, angst voor de dood en suïcidaliteit. Wat ze anders maakte dan andere klinieken was dat ze naar de onderliggende problemen gingen kijken en dat ze daaraan gingen werken. Ze gaven mij de tools om er op constructieve manier er mee om te gaan.

Voorlichting en behandeling

Ik heb nooit voorlichting gekregen over gamen, zelfs in mijn gameverslaving tijd werd er nooit erkend dat ik een gameverslaving had.

Alle hulpverlening die ik heb gehad manipuleerde ik, om ervoor te zorgen dat ik kon blijven gamen. Dat houdt in: een nieuw traject starten, zeggen dat het niet aansluit, weer wachten op een volgend traject. Om zo alleen maar in die wachttijden te zitten en leerplicht te kunnen ontduiken.

In deze tijd heb ik ook mijn gevoel heel erg onderdrukt omdat ik zo veel angsten had. Ik kon deze angsten niet aan, waardoor ik ging vluchten achter mijn computer. Online was voor mij een hele veilige omgeving, omdat je altijd iedereen kan blokkeren of ergens uit kan stappen. Het was voor mij een soort gevoel dat ik eindelijk geaccepteerd werd zoals ik ben.

Behandelaren kunnen iemand met een verslaving alleen helpen als hij bereidwillig is en zijn eigen probleem erkend. Maar ze hadden wel voorlichting kunnen geven of me met ervaringsdeskundigen kunnen laten praten. Ze hadden me een test kunnen laten afnemen of het klopt, dat hebben ze nooit gedaan. Ze hebben altijd in mijn behandelingen gekeken naar: hoe krijgen we Stern naar school, hoe krijgen we Stern naar werk. En niet: waarom is Stern ongelukkig en hoe gaat hij om met het leven op dit moment.

Wat werkte wel?

Toen ik bij kliniek ‘Wij zijn broer’ kwam, was ik net 18. Ik was op een punt in mijn leven dat als ik in bed lag, ik mezelf dingen aandeed en ook echt het huis uit wilde lopen om mezelf voor een auto of trein te gooien. Die suïcidale gedachtes werden zo sterk, dat ik bang was dat ik die gedachtes tot werkelijkheid zou brengen. Door die angst heb ik die hulp gezocht en ben ik die hulp ook gaan aanvaarden. In de verslaving wereld heet dat ‘de gift van de wanhoop’; je bent dan zo wanhopig dat je bereid bent om jezelf te veranderen.

Wat mij specifiek heeft geholpen is dat ze bij ‘Wij zijn broer’ letterlijk 24 uur per dag voor jou klaar staan. Als ik hun nodig heb, zijn zij er voor mij.

Meer aandacht voor gameverslaving

Er moet 100% zeker meer aandacht voor komen. Gameverslaving is een probleem waar veel mensen niets van weten, omdat het zich niet naar buiten toe afspeelt. Een drugsverslaving is bijvoorbeeld makkelijker te zien aan iemand; ze nemen overdosissen en worden opgehaald door een ambulance. Een gameverslaving zie je niet aan mensen omdat ze heel erg op zichzelf zijn.

Je ziet dat jongeren tegenwoordig veel te veel gamen en hun school daardoor laten vallen. Dat hoeft niet bij iedereen een verslaving te zijn, maar ook zeker bij een aantal wel.

Ik vind dat hier veel meer aandacht voor moet komen en dat die informatie moet worden verstreken door ervaringsdeskundigen. Als een man of vrouw, die niet eens goed weet hoe een laptop werkt, jou gaat vertellen wat een gameverslaving inhoudt, luister je daar niet naar. Als iemand het jou gaat uitleggen vanuit ervaring, hoe hij zich voelde en wat het gamen met hem deed, ga je erkenning vinden. Dat is de manier om het bespreekbaar te maken onder jongeren en dat geeft hun het vertrouwen om ervaringen te delen.

Therapie voor gameverslaving wordt op dit moment niet vergoed. Wel zijn er gesprekken met verzekeraars die de goede kant op lijken te gaan, omdat de WHO gameverslaving in 2019 als stoornis erkende. Voor dat deze erkentenis er was, konden er geen officiële behandelingen worden gedaan en moesten deskundigen de verslaving over de boeg gooien van impulsbeheersing of adhd, iets wat totaal de lading niet dekt.

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *