Arnhem wil gezinnen in armste wijk schuldvrij maken: ‘Dat we als overheid geld verdienen aan de ellende van een ander begrijp ik niet’

De gemeente Arnhem wil veertig gezinnen schuldenvrij maken in de wijk Immerloo II. Dat is de armste wijk van Nederland. De eerste stappen zijn gezet. Wat blijkt: bij bijna twee derde van de schulden is de Rijksoverheid de schuldeiser. Maar de bewoners zijn hoopvol.

Het kwijtschelden van alle schulden van veertig gezinnen in de wijk. Dat is de missie waar gemeente Arnhem acht maanden geleden mee startte. ,,Ik had geen idee waar we instapten. We zijn maar gewoon begonnen”, zegt Lauriks wethouder bestaanszekerheid van de gemeente Arnhem. De gezinnen krijgen daarna twee jaar lang intensieve begeleiding om overige problemen aan te pakken. Het doel: mensen weer de ruimte geven om te bloeien.

De geselecteerden voor dit project moeten wel aan een aantal criteria voldoen. Bij gezinnen met kinderen moet er sprake zijn van hoge schulden met een flinke betalingsachterstand. Volgens Lauriks ging de start van de pilot wel moeizaam. ,,Je merkte eerst bij gezinnen veel wantrouwen. Dat is ook niet gek.” In de wijk Immerloo wonen veel slachtoffers van het Toeslagenschandaal. ,,Iedereen kent hier wel een slachtoffer. Bij sommige mensen zijn er zelfs kinderen uit huis geplaatst.”

Rijksoverheid is de meest lastige partij

,,Nu gaan de gesprekken voor de pilot steeds beter. Je merkt dat er meer hoop is bij de mensen.” De gemeente maakt afspraken met de schuldeisers. Waarna slechts een klein deel hoeft worden betaald. Volgens de gemeente Arnhem heeft iedere schuldeiser tot nu toe meegewerkt, maar blijkt de Rijksoverheid de meest lastigste partij.

,,Het was voor onze experts op het stadhuis vaak heel lastig om erachter te komen bij welk loket ze moesten aankloppen”, zegt Lauriks. ,,Het kwam zelfs voor dat een gezin zes verschillende dossiers bij één onderdeel van de Rijksoverheid had. Al die dossiers hadden een eigen zaaknummer en ambtenaar. Vind je het dan gek dat mensen niet meer de weg vinden? En ondertussen lopen de schulden op. Met zware boetes en extra kosten.”

Twee derde heeft een schuld bij de overheid

Ook blijkt dat bij bijna twee derde van de gezinnen de schuldeiser de Rijksoverheid is. Daarvan heeft negentig procent te maken met de eerste levensbehoeften: zoals gas, water, licht, huur en de zorgverzekering. ,,Als je een rekening van de overheid niet op tijd betaalt, kan de schuld binnen een jaar oplopen van 60 naar 1500 euro. Dat we als overheid geld verdienen aan de ellende van een ander begrijp ik niet”, zegt Lauriks.

Lauriks wil de ervaringen aan de orde brengen bij de Tweede Kamer en het kabinet. Volgens Lauriks zou het kwijtschelden van schulden in de toekomst de maatschappij juist geld besparen. ,,Schulden hebben is een nationaal probleem. Het maakt gezinnen kapot en het kost de maatschappij heel veel geld. Er is echt systeemverandering nodig om dit op te lossen.”

Van toeslagenschandaal naar herstelschandaal: ‘Gemeenten kunnen slachtoffers niet helpen’

Het herstel van het toeslagenschandaal is uitgelopen tot een herstelschandaal. Niet alleen het Rijk faalt in het herstel, ook gemeentes schieten tekort in hun ondersteuning. Dat stelt kinderombudsvrouw Stans Goudsmit uit Rotterdam. ,,Pas als het Toeslagenschandaal is opgelost, kan ik rustig slapen”, zegt Goudsmit.

Midden op het Stationsplein bij Rotterdam Centraal staat ze. Een vier meter groot standbeeld van een jonge vrouw van kleur.  Ze heeft een trainingsbroek, een t-shirt en Nikes aan. Haar handen zitten in de zakken. Verstopt in haar zakken maakt ze een vuist. ,,Ik herken er de gedupeerde jongeren in”, zegt Goudsmit standvastig terwijl ze naar het standbeeld kijkt. ,,Er zijn tijden dat de jongeren heel sterk en krachtig zijn. Soms ben ik ze ook even kwijt en dan zitten ze ondergedoken. Na enige tijd komen ze dan weer boven water en dan zijn ze weer net zo sterk.”

Het standbeeld genaamd Moments Contained gaat over het gevoel weggezet te worden als ‘de ander’. Tussen 2005 en 2019 zijn tienduizenden gezinnen door overheid onterecht bestempeld als fraudeur. Ze moesten plotsklaps alle toeslagen terug betalen. Met grote gevolgen: financieel ellende , emotionele schade en trauma’s voor ouders en kinderen. Het overgrote deel van de gedupeerden heeft een migratieachtergrond. In 2020 kwam het Toeslagenschandaal aan het ligt. Sindsdien is de overheid bezig met het herstel.

Goudsmit komt al jaren op voor de gedupeerde jongeren in Rotterdam en omstreken. In de gemeente Rotterdam wonen de meeste gedupeerden gezinnen van heel Nederland.

Wat gaat er mis bij gemeentes?

,,Gemeentes hebben vanuit het Rijk de opdracht gekregen om slachtoffers te ondersteunen op vijf leefgebieden. Dat is wonen, financiën, zorg, gezin en werk. We zien dat gemeentes tekort schieten in een aantal van die dingen. Er zijn bijvoorbeeld geen huizen. Het zorgsysteem loopt ook helemaal vast. Dus de opdracht die gemeentes hebben gekregen van het Rijk, kunnen ze helemaal niet waarmaken. Dat zorgt ervoor dat het contact met slachtoffers en de gemeentes heel stroef verloopt. Gemeentes hebben wel ervaring met het verstrekken van spullen. Je ziet dat daar nu een strijd komt tussen gedupeerden.”

Waarom loopt de brede ondersteuning vast bij gemeentes?

,,De grootste reden is dat de hersteloperatie bij het Rijk veel te langzaam gaat. Het financiële herstel is een lang en ingewikkeld proces. Dat moet echt veel sneller. Doordat het bij het Rijk zo lang duurt, komt de focus op de gemeentes te liggen. Daar loopt de hersteloperatie ook in de soep. Dus op beide vlakken krijgen slachtoffers niet waar ze recht op hebben.”

,,Daarnaast hebben gemeentes onduidelijke richtlijnen gekregen van het Rijk. Dus daarom ontstaan er verschillen tussen gemeentes. Het maakt dus uit in welke gemeente je als slachtoffer woont. De staatssecretaris Toeslagen heeft lang gezegd dat er geen richtlijnen moeten komen, omdat het om maatwerk gaat. Je ziet nu wel dat er bij verschillende gemeentes kaders ontstaan. Dat is fijn. Hierdoor ontstaan er geen vervelende discussie tussen slachtoffers en de gemeentes.”

Wat zie jij in Rotterdam?

“In de gemeente Rotterdam en regio Rijmond proberen gedupeerde jongeren nu zelf de regie te pakken. Zij willen ook een stem in dit herstelproces en wij helpen hen hiermee. Dat is heel erg belangrijk. Er wordt binnen het gemeentesysteem te weinig naar de stemmen van de gedupeerde jongeren geluisterd. We willen met beide partijen in gesprek blijven. Pas als het Toeslagenschandaal is opgelost, kan ik rustig slapen.”

Waar ligt de oplossing?

,,Het systeem moet op de schop of het herstel moet weg worden gehaald van de overheid. Hoe kan de dader voor de heling zorgen? Een snelle procedure waardoor mensen dit hoofdstuk kunnen oplossen. Dat is volgens mij de oplossing.”

Stans Goudsmit bij het standbeeld in Rotterdam.

De eigenwijze weg van Viktor Orbán naar China

BOEDAPEST – Het Hongarije van Viktor Orbán haalde tien jaar geleden China met vlag en wimpel binnen. Premier Orbán hoopte op veel handel met China en hoge investeringen. De werkelijkheid valt flink tegen. ,,Mocht Orbán ooit aftreden, dan zal de invloed van China verdwijnen”, stelt de Hongaarse China kenner Tamás Matura.

,,Tien jaar geleden had iedereen in Hongarije het over China”, vertelt Matura op het terras van een koffiehuis in Boedapest. Het terras kijkt uit op het imposante Operagebouw. ,,Voor het eerst sinds dagen is het zonnig weer. Vind je het goed als we buiten in de zon gaan zitten?”, vraagt Matura ontspannen.

Dit jaar bestaan de Chinese plannen voor de Nieuwe Zijderoute precies tien jaar. The Belt en Road Intiative werd in 2013 door de Chinese president Xi Jinping geïntroduceerd. Sindsdien kunnen landen bij China aankloppen voor een lening voor een haven, spoorweg of dam. Goed om de economie van een land een boost moeten geven.  ,,Iedereen verwachtte een tsunami aan grote Chinese investeringen en handelsmogelijkheden”, zegt Matura. ,,Maar dat bleek een grote dagdroom.” 

De China-kaart van Orbán

Sinds 2010 richt de Hongaarse premier Viktor Orbán zijn blik richting het Oosten. Doel: nauwere banden met Rusland en China. Orbán heeft verschillende afspraken met China gemaakt. Zo wil Hongarije één van de grootste producenten van lithiumbatterijen in de Europese Unie worden. Die batterijen zijn geschikt voor elektrische auto’s. In 2035 wil de EU geen auto’s meer op de weg met verbrandingsmotoren. Orbán speelt daarop in door het bouwen van batterijfabrieken in Hongarije, met hulp van de Chinese batterijen producent CATL.

Bovendien moet er in 2025 een Chinese spoorlijn komen van Boedapest naar Belgrado. Hiervoor leent Hongarije omgerekend zo’n 1,9 miljard euro van China. Een lening die volgens het Europese onderzoek platform Investigate Europe Hongarije 979 jaar kost om terug te betalen. ,,De gemiddelde Hongaar kan zich niet voorstellen hoe groot deze lening is”, zegt Matura. Hij denkt dat de Hongaarse regering dubbel spel speelt.

,,De regering gebruikt deze lening om Chinese en Hongaarse bouwbedrijven in te huren. De Hongaarse bedrijven zijn in de handen van vrienden van de Hongaarse overheid.” Volgens Matura is het moeilijk voor journalisten om de overheid te doorgronden. ,,Er is nauwelijks transparantie zoals in Nederland. De plannen voor de bouw van de spoorlijn zijn bijvoorbeeld staatsgeheim.”

Aan het gebouw van de Chinese staatsbank Bank of China wapperen de Hongaarse en Chinese vlag.

Het Chinese proefkonijn

Orbán gaat doorgaans slim met zijn kiezers om, maar de bouw van de Chinese Fudan Universiteit schoot helemaal in het verkeerde keelgat van de Hongaren. De universiteit behoort tot één van de beste universiteiten ter wereld. Op de campus moet er ruimte komen voor 6.000 internationale studenten. Net als de spoorlijn Boedapest-Belgrado is dit gefinancierd met een Chinese lening van 1,25 miljard euro.

Het terrein was eerst bedoeld voor honderden studentenwoningen, maar in de plannen voor de universiteit zijn de woningen geschrapt. Daarnaast onthulde het Hongaarse onderzoek platform Direkt36 dat de Hongaarse belastingbetaler opdraait voor de gigantische schuld.

In reactie op deze onthullingen, gingen in 2021 duizenden Hongaren de straat op. Woedend over het tekort aan studentenwoningen. Woedend over de schuldenlast waarmee de regering toekomstige generaties opzadelt. Bevreesd ook dat Hongarije veel te afhankelijk wordt van China. De felle reacties van de bevolking en de oppositie maakte dat de plannen nu stil liggen.

Net buiten Boedapest, langs een zijtak van de Donau ligt het terrein van de toekomstige universiteit. Het terrein is maar liefst vijftig voetbalvelden groot. Op het campus staan stilstaande gele graafmachines en auto’s rijden  af en aan langs. Het verlaten treinstation Soroksari út is vol gekladderd met graffiti. Wat opvalt zijn de anti-China straatnaamborden rond het gebied. Dalai Lamastraat, Oeigoeren Martelarenstraat, de Free Hongkongstraat en de Bisschop Xie Shiguangstraat.

De Dalai Lamastraat op het terrein waar de Fudan Universiteit moet komen.

Krisztina Baranyi is burgemeester van het district in Boedapest waar de universiteit moet komen. In 2021 heeft zij de straatnaamborden aangepast uit protest tegen de Chinese universiteit. ,,Met de straatnamen wilde ik de aandacht vragen voor de problemen in China”, zegt Baranyi in haar kantoor in het Ferencváros district. Twee jaar na de grote protesten krijgt ze dagelijks vragen over de universiteit. ,,Vandaag vroeg een bouwvakker hoe het met de universiteit gaat. Maandelijks heb ik nog interviews met de internationale pers.”

Volgens Baranyi is dit de eerste keer dat de Hongaarse bevolking zo oneens is met een Chinees project in Hongarije. ,,Het is onmogelijk voor de partij van Orbán om uit te leggen waarom de universiteit er moet komen en hoe dit nuttig is voor de Hongaren.”

De Hongaarse China kenner Matura ziet echter ook de positieve kanten van een Chinese universiteit. ,,Hoe meer internationale studenten, hoe internationaler de stad. Veel verschillende culturen, perspectieven en houdingen is goed voor de stad. Maar waarom moet ik als Hongaarse belastingbetaler betalen voor een Chinese universiteit?”

Baranyi heeft het gevoel dat de universiteit een speelbal is van de Hongaarse overheid. Het universiteitsgebouw moet worden gebouwd door alleen maar Chinese producten en werknemers. ,,De Hongaren moeten de Chinese schuld terug betalen, maar de bouw wordt alleen door Chinese bouwbedrijven gedaan. Er komt geen Hongaar of EU-lid aan te pas.”

Volgens Baranyi kan de Europese Unie niet zo veel doen. ,,De EU kan zich er niet mee bemoeien. Dit is een nationaal probleem en dat moet op landelijk niveau worden opgelost.” Volgend jaar rond de Hongaarse regionale verkiezingen worden de verdere ontwikkelingen voor de universiteit gepresenteerd. Baranyi verwacht dat de universiteit er hoe dan ook gaat komen. ,,Alle signalen wijzen erop dat de universiteit gaat komen. Orbán wacht op het juiste moment. Dan ben ik geen burgemeester meer ben van Ferencváros, maar iemand anders die niet aan de kant ligt van de oppositie.

Burgemeester Krisztina Baranyi is tegen de bouw van de universiteit.

Opzoek naar alternatieven

,,Het draait allemaal om geld”, zegt de bekende Hongaarse journalist en politieke commentator András B. Vágvölgyi. Hij zit onderuit in een jazzcafé in Boedapest. Vágvölgyi kent Orbán nog van het begin van zijn politieke carrière. ,,Toen Orbán net in de politiek begon was hij een liberale radicale politicus. Hij was anti-China en tegen het communisme. In 1989 was hij zelfs de initiatiefnemer van een groot anti-China protest in de straten van Boedapest,” zegt Vágvölgyi terwijl hij zijn croissant in zijn americano dipt.

Volgens Vágvölgyi veranderde alles in 2009. Toen werd Orbán uitgenodigd door de Russische president Vladimir Poetin naar het Kremlin. ,,Orbán ging daarheen als een anti-Sovjet man en hij kwam terug als een Russofiel.”

Sindsdien trekt Orbán op met alleenheersers zoals Poetin, de Turkse president Erdogan en dus de Chinese leider Xi Jingping. ,,Vandaag de dag houdt Orban van China. Hij vindt het Westen niks. Hij is op zoek naar alternatieven. Daarom richt hij zich naar China als tweede grote wereldmacht.”

De Verenigde Staten, China en de Europese Unie behoren tot de grootste handelsnaties van de wereld. Rusland en China zijn bondgenoten van elkaar. Door de oorlog in Oekraïne staat de verhouding tussen de EU en China onder druk. De Hongaarse president Orbán negeert alle twijfels over China van de Europese Unie. ,,De Chinezen beïnvloeden Orbán niet”, zegt Matura. ,,Orbán gebruikt de China-kaart om Europa te chanteren. Hij wil laten zien dat wij alternatieven hebben voor het Westen. Hij gebruikt China om zijn positie te versterken”

Vader en zoon grillen eten op de Chinese markt in Boedapest.

Toestemming vragen aan de China

Hongarije is voor China de grootste bondgenoot binnen de Europese Unie. Met het vetorecht in de EU probeert Orbán meermaals andere EU-leden in de weg te zitten.

Zo weigerde Hongarije in 2017 als enige land een gezamenlijk EU-brief te ondertekenen. In die brief keurde de EU het martelen van gevangengenomen advocaten in China af. Dat was niet de enige keer. Zo stemde Hongarije in 2021 niet mee met een EU-statement tegen de politiek van China naar Hong Kong toe.

,,Het is van ondergeschikt belang voor Orbán om China blij te maken”, zegt Matura. Volgens hem is China niet altijd blij met Orbáns politiek tegenover het Westen. ,,De Hongaren vergeten soms te vragen of de Chinezen wel blij zijn met zo’n veto of niet. Dat maakt de Chinezen een beetje geïrriteerd. Het vetorecht wordt alleen gebruikt om het Westen te irriteren.”

Voor zijn werk reist Matura vaak naar congressen in China. Tijdens een gesprek met een Chinese expert op gebied van buitenlandbeleid maakte de expert volgens Matura een opvallend verzoek. ,,Hij zei: Wij zijn ons bewust van al de politieke gebaren van de Hongaarse regering naar China. Wij zijn jullie heel erg dankbaar, maar kunnen jullie er alstublieft mee stoppen?”, zegt Matura lachend. Chinezen waarderen het meest stabiliteit in een land.  Matura denkt dat er zonder Orbán nooit sprake zou zijn van Chinese invloed. “Mocht Orban ooit aftreden, dan zal de invloed van China van de ene op de andere dag verdwijnen.”

Zachtjes fluisteren van de echte mening

Hongarije kent één van de grootste Chinese gemeenschappen van Oost-Europa. ,, Niemand weet hoeveel Chinezen hier precies wonen”, zegt Matura. ,,We hebben hier 20 tot 30 duizend Chinese inwoners in Hongarije. De gemeenschap woont hier al 35 jaar. De tweede generatie spreekt perfect Hongaars.”

Matura geeft les op de Corvinus Universiteit in Boedapest. Veel van zijn leerlingen zijn van Chinese komaf.  “Ik hou ervan om gevoelige politieke vragen over China te stellen in de les. Er zijn twee manieren hoe mijn studenten reageren. Alsof ze geen Engels spreken of ze herhalen de officiële verklaringen van de Chinese overheid.”

Volgens Matura zijn veel studenten bang dat andere studenten hen gaan verklikken aan de Chinese autoriteiten. De Chinese regering geeft meer geld uit aan in de gaten houden van de inwoners, dan aan defensie. “Het gebeurt vaak dat studenten na de les naar mij toe komen. Ze kijken dan om zich heen en fluisteren heel zachtjes hun echte mening.”

Op het plein Oktogon is het reclamebord van het Chinese telefoonbedrijf Huawei niet weg te denken.

Een Chinese luchtspiegeling

Wie over één van de grootste kruispunten van Boedapest loopt, kan de grote Chinese reclameborden niet missen. De Chinese staatsbank Bank of China en het Chinese telefoonbedrijf Huawei zijn niet meer weg te denken van het kruispunt Oktogon. ,,De invloed van China is slechts een luchtspiegeling,” zegt Matura. ,,In de Hongaarse opiniepeilingen zijn de Hongaren niet zo enthousiast over de Chinezen. De overheidsmedia prijst de Hongaarse relatie met China en het geweldige buitenlandse beleid, niet China zelf.”

Net buiten het centrum van Boedapest is het even alsof je voet in Azië zet. In een oude loods staan rijen aan winkelkraampjes vol gestouwd met producten uit Azië. Van keukenmateriaal tot stapels aan plastic kinderspeelgoed. Het is net een fysieke Ali-Express winkel. Voor lange tijd was de Chinese markt, Kőbányai Piac, het logistieke middelpunt van Chinese goederen naar de rest van Europa.

Er zijn nauwelijks mensen op de markt te vinden op een zaterdag middag. Een Aziatische vrouw zit op een plastic tuinstoel een dramaserie te kijken. Ze wacht geduldig op haar klanten. Op vragen wil ze niet reageren. Het is lastig om met de marktleden in gesprek te gaan. ,,Ik heb in de twee jaar dat ik hier studeer, maar met vijftien Chinezen gesproken”, zegt  een Amerikaanse student. Hij studeert voor twee jaar in Hongarije en spreekt vloeiend Hongaars. ,,Het is een hele gesloten gemeenschap. Ze zijn bang en wantrouwig.”

,,Je mag hier absoluut geen foto’s maken”, beveelt een Hongaarse bewaker in een geel hesje streng. ,,Ook niet als je het aan de mensen vraagt.” Op de Chinese markt lopen Hongaarse bewakers met gefronste wenkbrauwen de markt te controleren. ,,De meeste Hongaren komen niet naar deze markt”, zegt de student ,,Ze vinden het maar een vieze plek vol Zigeuners en Chinezen.”

De buitenkant van de Chinese markt in Boedapest.

Azië: het plastic afvoerputje van de wereld

Een plastic flesje weggooien bij het plastic afval. Dat wordt wel gerecycled toch? Tot en met 2017 was China de grootse importeur van plastic afval. Sinds 2018 wil het land af van het slecht gesorteerde plastic afval van het Westen. Wat voor impact heeft de plastic ban van China op andere Aziatische landen?

 

 

Verleden tijd

Zoals op deze tabel te zien was China dus lange tijd de grootste speler in het importeren van plastic afval. Jaren lang betaalde China voor het importeren van Westers plastic afval. In China werd een groot deel gescheiden en verwerkt in nieuwe producten. Om aan de binnenlandse vraag van plastic te voldoen, had China het Westerse afval nodig als grondstof. Maar dat is sinds 2018 verleden tijd.

 

 

Grootste exporteurs

Het Westen behoort tot de grootste exporteurs van plastic afval. Met Duitsland, Japan en de Verenigde Staten als voornaamste koploper. Opvallend is dat Nederland ook in de top 5 staat van grootste exporteurs in plastic afval van de wereld. ,,Wij produceren in Nederland en het Westen veel meer dan dat wij zelf kunnen verwerken”, zegt hoogleraar Industriële ecologie Arnold Tukker aan de Universiteit van Leiden. Hij heeft onderzoek gedaan naar de effecten van plastic afval op Aziatische landen. ,,Het meeste afval wordt in Europa verwerkt, maar dat verwerken en sorteren is intensief werk.  In Azië is het verwerken een stuk goedkoper. Dus verschepen wij een deel van ons afval naar Azië,” vertelt Tukker.

Eén van de redenen dat China de import op plastic afval heeft verboden, is omdat een deel van het Westerse afval slecht gesorteerd is. ,, Herbruikbaar afval is een heel schimmig gebied. Het is een product. Volgens de Wereldhandels Organisatie moeten producten vrij te handelen zijn.” , vertelt Tukker. Volgens hem is er jaren discussie wat nou afval, herbruikbaar en wat een grondstof is. ,In het herbruikbare afval zit soms geen herbruikbare stoffen. Hierdoor is de kans groter dat een deel van het herbruikbare afval niet gerecycled wordt,” zegt de professor Industriële ecologie.

Andere Aziatische landen proberen in het gat van China te springen. Vooral veel land in Zuidoost-Azië zijn klaar met de grote hoeveelheden Westers afval. Ze kunnen de toestroom niet aan. In 2019 wilde Cambodja 1.600 ton aan illegaal plastic afval retour sturen naar het Westen.

 

 

Minder zicht op

Op basis van data van Our World in Data komt het meeste plastic afval via Aziatische landen in zee. Zeker 80% van al het plastic in de zee gaat via Azië.  ,,Nederland stuurt een deel van zijn plastic afval naar Azië, maar daar is veel minder zicht wat er precies met dat afval gebeurd. De kans dat afval in de handen van illegalen groepen komt is daar veel groter. Zij willen snel van het afval af. Ze dumpen het in zee of op een vuilnisbelt. Daarnaast hebben deze landen minder ervaring met afval scheiden”, benadrukt Tukker.

De stekker eruit

Volgens Tukker ligt de oplossing vooral bij het Westen. ,,Nederland en het Westen moet het herbruikbare afval voor export beter controleren. Is dit herbruikbaar afval of niet?” Daarnaast kan het Westen Azië ook helpen met het duurzaam verwerken van afval. En bijvoorbeeld afval alleen exporteren naar een verwerker met een erkent certificaat. Hij benadrukt dat landen zelf moeten nadenken of zij wel plastic afval willen importeren. ,,Als een Aziatisch land het afval echt niet meer wil . Dan zunnen zij de stekker er uittrekken. ”

De man in de greppel

Plotseling hoort Ad een gigantische knal. Een felle scherpe piep schiet in de oren van Ad. Door de piep heen hoort Ad nog wel dit: ‘’We moeten er achteraan,” roept de mariniersofficier van de groep. De dorpelingen schieten als konijnen terug hun houten hutten in. De schoten van de tegenstanders schieten over de hoofden van de Javanen. Halsoverkop pakt Ad zijn spullen bij elkaar. Hij wurmt zich te midden in de groep. Zo kan hij alles goed zien. Voor het geval er iemand gewond raakt. De brigade rent richting het geluid van de tegenstander. Weg van de kampong, richting de jungle.

Een paar weken terug zit Ad nog op een rubberplantage honderden kilometers verder op. ,,Wanneer mogen wij hier eindelijk weg?”, roept de negentienjarige hospik Ad Jansen tussen de rubberbomen in de brandende Zuidoost-Azië zon. De zon schijnt als een brandende bouwlamp op de witte Nederlandse huid van Ad. Al wekenlang zit hij samen met zijn kornuiten te wachten op rubberplantage Landagennis op Malakka, Maleisië. De Mariniersbrigade is door de Engelsen gedumpt op de plantage. Sinds de overgaven van Japan trekken milities van Soekarno moordend en plundert door het land. Na maandenlang training in Amerika mogen de mariniers eindelijk als eerste lichting naar Nederland-Indië, om de Engelsen strijdkrachten over te nemen.

Het enige vloeibare is de witte melk van de rubber die uit de bomen druppelt en wat beschimmeld brood. Met hun handen scheppen Ad en zijn kornuiten wat water uit bruine plassen. Om toch nog iets van water te drinken. Ad slaapt met zijn maten in een rammelende houten schoendoos. Er is geen toilet, alleen een greppel waar iedereen zijn poep en plas achter laat. De zure geur van urine en ontlasting verspreid als een soort lappendeken over de plantage. ,,Is er al bericht uit Engeland?”, vraagt Ad aan het hoofd van de brigade met een zakdoek tegen zijn mond en neus. Nee, alweer geen antwoord.

Om de havenklap vallen er mariniers om van de diarree. Nergens is er een fatsoenlijke poepdoos te vinden op de plantage. De dysenterie veroorzaakt stevige buikpijn en hoge koorts bij de mariniers. De greppel loopt steeds voller en voller met poep, plas, bloed en god mag weten wat nog meer.  De zure geur wordt alleen maar erger en erger op de plantage. Bijna iedereen heeft het, maar hospik Ad niet op een wondere wijze.  Met zijn groene verbandkoffer vol met allerlei medicijnen, zoals antibiotica uit Amerika probeert hij de mannen te helpen. ,,Wanneer kunnen wij in godsnaam hier weg? Wanneer kunnen wij eindelijk naar Nederlands-Indië?”, roept Ad wanhopig. Het is afwachten tot de dysenterie en de dagen vanzelf weg appen.

Na twee weken wachten op de rubberplantage mogen Ad en de andere Mariniers eindelijk naar Nederlands-Indië. De diarree van de dysenterie is achtergelaten in de greppel van de plantage. Met de vroege ochtendzon komen ze aan in Soerabaja, de hoofdstad van Oost-Java. De brandde Java zon moet net als de heren nog even wakker worden. In de verte ziet Ad meters hoge pluimwolken. ‘Dat ziet er niet goed uit.’ Met landingsschepen wordt de brigade in de zwarte rook van de haven in kleine groepjes aan wal gezet. En dan ziet Ad pas echt wat de oorlog hier heeft aangericht. De schepen en boten liggen als dominostenen over elkaar op de houten kade. Het is een eenzame binnenkomst in Soerbaja. Er is geen hond op straat. Laat staan een boot die hier nog wil aanmeren. Ad stampt met zijn zwarte laars een beginnetje vuurtje uit. Hij heeft de vernielingen gezien van de Tweede Wereldoorlog thuis in Nederland. Hij wil de Indiërs die jaren onder de Japanners hebben geleefd helpen. ‘Jongens we moeten aan de slag.’

Na maanden trainen met de mariniersbrigade in Amerika , mag vandaag Ad voor de eerste keer op patrouille in Nederlands-Indië. Met de andere mariniers marcheert hij richting een kampong op Java. Wat dan de negentienjarige mee maakt, gaat hij voor de rest van zijn leven niet meer vergeten.

Onder een dak van riet en kranten zitten de Javanen te schuilen voor gloeiendhete evenaar zon. Wat ooit een bruisend dorp was, is nu niks meer van over.  De bruine huid van de dorpelingen ligt als een soort nat crêpepapier op hun lichaam. Het is alsof je door hun huid heen kan kijken. Je kan het skelet zowat zien. De botten van hun ribbenkast zijn zelfs te tellen. Zo vermagerd zijn ze. Met een jutten zakken proberen de vrouwen in het dorp zichzelf nog wat te bedekken. Er is geen rijstkorrel meer over. De oogsten die lukken worden door de Japanners weggerpoofd. De mensen van de kampong zijn compleet afhankelijk van hulp van de Nederlanders en de Amerikanen. Er zijn nauwelijks aanvoerlijnen om de mensen eten te geven.

Ad gaat in een houten hut met een dak van riet, naast een vrouw zitten met in haar armen een pasgeboren kind. Hij kijkt naar de uitgemergelde arm van de jonge moeder en ziet dat ze tientallen grote rode zweren op haar huid heeft. Zo groot dat de vuist van Ad er zelfs in kan. “Dit is echt verschrikkelijk”, zegt Ad. Hij kent honger van zijn tijden thuis in Nederland met de Duitse bezetting. Hij kan dit niet over zijn hospikhart verkrijgen om de mensen niet te helpen. ,,Ik ga je helpen,” zegt Ad tegen de jonge moeder.

Terug op het legerkamp loopt Ad naar de luxe villa van de bataljonsarts. Hij omschrijft de zweren en de Javanen die nauwelijks eten hebben. ,,We moeten iets doen meneer”, zegt hij terwijl hij van zijn handen een vuist maakt. “Je hebt gelijk jongen”, zegt de bataljonsarts. ,,Het enige wat misschien kan werken is deze poeder, maar ik garandeer niks!” Ad krijgt een klein potje zwavelhoudende poeder mee. Met een grote glimlach op zijn gezicht verlaat hij de villa. Terug naar zijn rammelige groene tent.

De volgende dag op patrouille loopt hij met zijn groene verbanddoos terug naar de jonge moeder. Ze zit nog steeds op dezelfde plek als gisteren. Samen met haar pasgeboren kind. Ze kauwt op een Amerikaanse koekje.  Ad steekt zijn witte arm naar voren. Met zijn handen maakt hij een smerende beweging. De vrouw begrijpt het en steekt haar dunne arm uit.  Ad smeert het zwavelhoudende poeder op de arm van de moeder. Hij pakt een stuk stof en wikkelt dat om haar magere arm. “Op hoop van zegen,” denkt Ad.

Plotseling hoort Ad een gigantische knal. Een felle scherpe piep schiet in de oren van Ad. Door de piep heen hoort Ad nog wel dit: ‘’We moeten er achteraan,” roept de mariniersofficier van de groep. De dorpelingen schieten als konijnen terug hun houten hutten in. De schoten van de tegenstanders schieten over de hoofden van de Javanen. Halsoverkop pakt Ad zijn spullen bij elkaar. Hij wurmt zich te midden in de groep. Zo kan hij alles goed zien. Voor het geval er iemand gewond raakt. De brigade rent richting het geluid van de tegenstander. Weg van de Kampong, richting de jungle. Het is de Hezbollah groep. Indonesische onafhankelijkheidstrijders met een moslimachtergrond. “Maar die vallen toch nooit aan op klaarlichte dag?”, denkt Ad bij zichzelf.

Ad heeft tijdens zijn training in Amerika en op het kamp in Malakka wel geoefend voor dit soort situaties, maar nu is het echt. De Hezbollah groep bestaat grote deels uit Indonesiërs. Zij kennen dit gebied als geen ander. De overige mariniers lopen steeds verder uit elkaar. Ad loopt achter de groep. Plotseling ziet Ad een onafhankelijkheidsstrijder van de Hezbollah groep verstopt in een greppel. Zijn gezicht is groen geschminkt. In zijn handen heeft hij een Engelse Brem vast. Gericht op de Nederlands Mariniers. Hij wil ze in de rug aanvallen.

Langzaam rijkt Ad naar zijn pistool aan zijn broek. ‘Ga ik hem nou doodschieten of niet?”, denkt Ad bij zichzelf. Tijdens de training in Amerika hoorde hij dat het ten strengste verboden om als hospik iemand te vermoorden. Hij mag alleen iemand neerschieten ter verdediging. Dit is geen zelfverdediging. Ad kijkt om zich heen. “Is er iemand die dit ook ziet?”, denkt hij. Maar niemand die het ziet. Iedereen kijkt met zijn ogen naar voren. De tegenstander laadt zijn Engelse brem en gaat schietklaar zitten. Snel rent Ad naar de Hezbollah strijder. Hij trekt zijn pistool uit zijn broek en houdt hem onder schot. ,,Dat gaat niet gebeuren klootzak”, denkt Ad.

Dan ziet Ad een mede marinier. ,,Hier licht er nog één!”, schreeuwt hij. Deze marinier heeft wel de bevoegdheid om hem dood te schieten. Binnen 30 seconden is het gebeurd. ”Zo die is naar een andere wereld”, zegt de mede marinier. Het gezicht van de Hezbollah strijder verkrampt. Het leven stroomt als de waterval van de jungle weg uit zijn lichaam. Ad kijkt hem in zijn doffe ogen aan. Kippenvel vloeit over het lichaam van Ad. Voor het eerst ziet hij iemand voor zijn ogen vertrekken.

Toelichting

Dit verhaal is gebaseerd op de werkelijkheid. Het is een mix van fictie en non-fictie. Dit verhaal is naar mijn mening nog mild in vergelijking met de werkelijkheid.  Ik heb Ad Jansen een tijdje geleden geïnterviewd hierover. Hij is bijna 100 en weet niet meer zoveel over de oorlog. De laatste keer dat ik hem sprak was hij nog goed bijzinnen. Maar je merkt dat hij ouder is geworden. Zijn verhaal van Nederlands-Indië heeft grote bewondering bij mij achtergelaten. Om die reden wilde ik het verhaal toch schrijven.

Mijn verhaal is geïnspireerd op het verhaal van Ad. Ter aanvulling heb ik deze bronnen gebruikt:

Frakking, R. (2021). Revolusi: Indonesië en het ontstaan van de moderne wereld, by David van Reybrouck. Bijdragen Tot De Taal-, Land- En Volkenkunde177(4), 592–595. https://doi.org/10.1163/22134379-17704011

Beeldbank Nederlands Instituut voor Militaire Historie. (n.d.). D1909, [Mariniers op Malakka Ladang Cedes nabij Bahau Voorjaar 1946]. Beeldbank Nederlands Instituut Voor Militaire Historie. https://nimh-beeldbank.defensie.nl/films-media-3/detail/93caeda8-5eba-11e1-88e0-deb8a456e588/media/d833b2a5-af87-6e43-9a14-68537a93934c

Nederlands Instituut voor Militaire Historie. (2015, February 13). Mariniersbrigade in Soerabaja 1945-1946 [Video].YouTube. https://www.youtube.com/watch?v=GdTayu1qc-E

Laatste stukje Thailand in Nederland

Hoe is het om in een Thaise tempel te wonen in een katholieke kerk Nederland? In deze minidocu loopt Elisabeth van der Ploeg drie dagen mee met monnik Long Phi Sander. Hij heeft zijn Nederlandse leven achter zich gelaten om  monnik te worden. Tussen alle Thaise monniken en mensen woont hij in een Thaise tempel in Afferden.

Up-weetjes met Elisabeth: binnen twee minuten antwoord op jullie vragen

Waarom is de lucht blauw? En waarom zijn babydieren zo schattig? Weetjes onderzoeker Elisabeth van der Ploeg lost binnen twee minuten jullie vragen op.

Deze week kregen we allemaal vragen van jullie doorgestuurd. Deze keer is het de beurt aan Lisa (12) en Diede (12). Zij hebben twee hele bijzondere vragen. Lisa vraagt zich af waarom we verliefd worden en Diede vraagt zich af hoe de aarde ronddraait.

Hele leuke vragen! Om jullie vragen te beantwoorden ga ik in gesprek met mensen die veel verstand hebben over deze onderwerpen. Ik spreek met heelalonderzoeker Joris Hanse van de Universiteit Amsterdam. Hij weet heel veel over de ruimte en de aarde. Verder spreek ik met Hoogleraar en Professor Jan Hindrik Ravesloot. Hij is hoogleraar aan de Universiteit Amsterdam. Hij weet heel veel over verliefdheid en kan daar veel over vertellen.

Ben je benieuwd naar hoe de aarde ronddraait en waarom je verliefd wordt? Het antwoord zie je in de video’s hieronder!Heb je nou zelf een vraag die Elisabeth kan oplossen? Stuur ons een DM via Instagram en wie weet zie je jouw vraag in onze uitzending!

Waarom word je verliefd?

Waarom draait de aarde rond?

Alle beelden zijn afkomstig van Pixabay

FACTCHECK: Jongeren worden eenzamer door sociale media

Jongeren gebruiken het meest sociale media. Volgens het Amerikaanse tijdschrift Forbes zorgt technologie voor eenzaamheid bij jongeren. Klopt het dat sociale media zorgt voor eenzame jongeren? Hoogleraar Ontwikkelingspsychopathologie Reinout Wiers en Hoofddocent Sociale Wetenschappen Regina van den Eijnden hebben het antwoord.

 Elisabeth van der Ploeg

Technology Is Making Our Youth Stressed, Lonely, Narcissistic And Digitally Obese’ Dat staat met koeienletters op de website van het Amerikaanse zakentijdschrift Forbes. Een hele mond vol. Het is een kop die gelijk vragen op doet brengen. Het tijdschrift refereert naar een onderzoek van Intensions uit 2020. Intensions is een Amerikaans marktonderzoeksbureau. Uit een onderzoek met tweeduizend Amerikaanse jongeren blijkt dat hoe langer men tijd op sociale media besteed, de kans op eenzaamheid groter is. Volgens het onderzoek van Intensions neemt de kans op eenzaamheid en andere psychische klachten toe als je langer dan vier uur online actief bent.

“Er zijn zeker aanwijzingen dat jongeren eenzamer worden door sociale media. Het artikel is geen klinkklare onzin”, vertelt Reinout Wiers, Hoogleraar ontwikkelingspsychopathologie aan de Universiteit Amsterdam. Ontwikkelingspsychopathologie is de wetenschap die de ontwikkeling bestudeerd van kind tot volwassenen. Kortgeleden bracht hoogleraar Wiers het onderzoek Problematic smartphone use and the quantity and quality of peer engagement among adolescents: A longitudinal study’ in samenwerking met zes andere hoogleraren naar buiten. Het onderzoek gaat over smartphone gebruik van jongeren. Wat is het effect van smartphone gebruik op jongeren?

“Bij een klein groepje individuen is de kans op eenzaamheid groter,” vertelt Wiers. Uit het onderzoek van hoogleraar Wiers blijkt dat jongeren die weinig hechte vriendschappen hebben, kwetsbaarder zijn voor eenzaamheid. De kans dat zij problematisch veel gebruik maken van hun smartphone neemt hierdoor juist toe.

Hoogleraar Sociale Wetenschappen aan de Universiteit Utrecht Regina van den Eijnden is het met het onderzoek van Wiers eens. Zij doet al acht jaar onderzoek naar het verslavingsgedrag van jongeren op sociale media. “Niet alle jongeren worden eenzamer door sociale media. Het geldt voor een hele kleine groep. Ongeveer tien procent van alle jongeren worden eenzamer door sociale media,” benadrukt Van den Eijnden.

“Het ligt niet aan de tijd die jongeren spenderen op sociale media, maar het gedrag,” vertelt Van den Eijnden. “Jongeren die zich al eenzaam voelen gebruiken sociale media als een manier om zich minder eenzaam te voelen. In de hoop dat zij in contact komen met andere jongeren. Het levert meestal niet op wat je ervan hoopt.” Op sociale media worden veel beelden geplaats van gelukkige mensen, stelt Van den Eijnden. “Sociale media zijn geen goed medium als je weinig sociale contacten hebt. Jongeren waar het al slecht mee gaat voelen zich juist ongelukkiger.”

Al met al klopt de claim: ‘Jongeren worden eenzamer van sociale media’ niet helemaal. Ongeveer tien procent van alle jongeren wordt eenzamer door sociale media. Dat zijn dus niet alle jongeren. Volgens het onderzoek van Intensions neemt de kans op eenzaamheid en andere psychische klachten toe als je langer dan vier uur online actief bent. Dat klopt niet. Het ligt niet aan de tijd die jongeren spenderen op sociale media, maar het gedrag dat zij vertonen. Sociale media is geen goed medium als je weinig sociale contacten hebt. Jongeren waar het al slecht mee gaat voelen zich juist ongelukkiger door sociale media.

Oekraïense Songfestival fan Mariia Asaula: ‘Ik hoop dat mensen voor de muziek stemmen en niet stemmen, omdat er oorlog in ons land is’

De finale van het Eurovisie Songfestival is pas aankomende zaterdag, maar de grote favoriet is al Oekraïne. Volgens de bookmakers gaat Oekraïne het songfestival zelfs winnen. De oorlog met Rusland legt een politieke deken over festival. Mariia Asaula is zelf Oekraïense en groot songfestivalfan. Wat vinden Oekraïners van het songfestival?

Door: Elisabeth van der Ploeg

“In Oekraïne keek ik altijd het songfestival met mijn familie. Het was echt een familietraditie!” zegt Mariia lachend terwijl ze binnenkomt op de Hogeschool Arnhem Nijmegen. De negentienjarige studente studeert al een jaar aan de hogeschool, internationale communicatie. Haar vader zit nog in de hoofdstad Kiev en haar moeder is vlak na het begin van de oorlog naar Duitsland gevlucht. Ze woont alleen in Arnhem. “Het gaat goed met ze,” zegt Mariia. “Kiev is de meest beveiligde stad van Oekraïne. Gelukkig komen wij uit de hoofdstad. Ik kan me niet voorstellen hoe het moet zijn voor Oekraïners die uit het oosten komen.”

Strijdlied

Volgens de bookmakers is Oekraïne dit jaar de winnaar van het songfestival. De kans dat ze winnen is zelfs meer dan vijftig procent. De Oekraïense omroep drong als eerste erop aan dat Rusland dit jaar niet mee mag doen vanwege de oorlog. “Iedereen is zo enthousiast over onze inzending,” vertelt Marria vrolijk terwijl ze naar de Oekraïense inzending kijkt. Het liedje heet Stefania en is vernoemd naar de moeder van de oprichter van de band. Het lied is een ode aan alle moeders. Door de oorlog met Rusland kreeg dit lied de betekenis van een strijdlied. “De fluit die in het nummer te horen is, is een traditionele Oekraïense fluit. Ik vind het geweldig dat ons liedje zo goed wordt beoordeeld. Ik hoop dat mensen voor de muziek stemmen en niet stemmen, omdat er oorlog in ons land is,” benadrukt Mariia.

Verlang naar thuisland

“Ik verlang er echt naar om terug naar Oekraïne te gaan”, vertelt Mariia beetje verdrietig. “Tijdens de Dag van de Overwinning is duidelijk geworden dat er geen chemische wapens op Kiev terecht komen.” Afgelopen maandag hield de Russische president Vladimir Poetin een toespraak tijdens de Dag van der Overwinning. Lang werd gevreesd voor de toespraak. Mogelijk zou de president officieel de oorlog verklaren met Oekraïne. “Mijn vrienden sturen video’s dat het normale leven weer aan de gang is. Het leven gaat door. Mijn moeder wil heel erg graag terug naar Kiev naar mijn vader. Hij zit daar alleen. Mijn moeder spreekt geen Engels of Duits. Ze heeft het heel erg moeilijk.” De dag dat de oorlog uit brak zou Mariia op bezoek gaan bij haar ouders in Kiev. “Het is echt bizar om te bedenken dat ik midden in die oorlog had kunnen zitten. Gelukkig spreek ik mijn ouders bijna dagelijks.”

Verschillende culturen samen

“Ik vind het songfestival zo geweldig, omdat allemaal verschillende culturen samen komen in één festival.” Mariia is groot fan van Oekraïense songfestival winnaar Jamala. Zij won in 2016 het songfestival met het nummer: 1944. Paar weken geleden nog ontmoet ze Jamala tijdens de opnames van het Nederlandse televisieprogramma College Tour. “Ik vind haar echt fantastisch. Ik ben zelfs naar de halve finales geweest in Kiev. De finale was te duur,” vertelt ze lachend terwijl ze foto’s van de dag laat zien.

Als Oekraïne dit jaar wint is het nog onduidelijk of Oekraïne het gastland wordt.

Toch samen aan het kijken

“Ik vind de Nederlandse inzending zelfs beter dan die van Oekraïne,” zegt ze lachend. Ze kijkt naar de Nederlandse inzending S10. Ook zij staat aankomende zaterdag in de finale in Turijn met haar nummer ‘De Diepte.’ “Ik werd helemaal emotioneel van het nummer. Ik heb het gevoel dat steeds meer landen in hun moedertaal liedjes gaan zingen.” Normaal gesproken kijkt Mariia het songfestival met haar ouders. Dit jaar is het natuurlijk anders. “Ik ga het songfestival met mijn vrienden kijken en in de tussen tijd met mijn moeder appen. Dan zijn we het toch samen aan het kijken.”

Audio reportage: De LP in opmars door jongeren

Vinylplaten worden steeds populairder. Zaterdag 23 april is het de internationale dag van de platenzaak. In vergelijking met 2020 is de omzet van platen met meer dan de helft verdubbeld. “Vroeger stond de zaak vol met grijze muizen, maar nu is het in het weekend druk met jongeren”, vertelt Luka Engelsen van platenzaak Sound of Haarlem.
Elisabeth van der Ploeg
Het gaat heel erg goed met de verkoop van platen. Vinyl maakt namelijk een enorme stijging sinds de coronacrisis. Haarlem staat bekend als de platenstad van Nederland. De stad kent een lange geschiedenis met vinyl.

Verdubbelen om de vraag te evenaren

In platendrukkerij Record Industry staan de machines roodgloeiend de platen te produceren. Op eerste gezicht lijken het genoeg machines, maar de fabriek moet verdubbelen om de vraag te evenaren. “We weten van gekkigheid niet hoe we de platen uit de deur moeten krijgen. De platen zijn niet om aan te slepen. Als een succesvolle plaat op is dan krijg je hem pas volgend jaar maart,” vertelt eigenaar Anouk Rijnders.

Fleedwood Mac

Paar kilometer verder op in platenzaak Sound of Haarlem merken ze het de laatste jaren dat jongeren meer platen kopen. “De laatste tijd is de vraag van jongeren naar platen enorm gestegen. Ik krijg wel eens vragen wat de beste plaat van Fleedwood Mac is. Dat vind ik fantastisch!” zegt Engelsen van platenwinkel Sound of Haarlem vrolijk.