Interview: Drugsexpert bij de politie Max Daniel “Over het algemeen gaat het goed met drugshandelaren”

Nederland is Europees koploper in de productie van synthetische drugs. Bovendien is Nederland samen met België het grootste doorvoerland van cocaïne. “De georganiseerde misdaad die hier achter zit is heel bedreigend en zaait angst,” zegt Max Daniel hoofd van de nationale politie. “Het feit dat bij het onderzoek betrokken mensen van de politie hun naam niet willen noemen zegt genoeg.”

Elisabeth van der Ploeg

 Daniel vindt dat Nederland lange tijd naïef is geweest. “Met de moorden op advocaat Derk van Wierum en misdaadverslaggever Peter R de Vries zijn we wakker geschud. We beseffen nu pas goed dat we te maken hebben met een gigantisch probleem.” Daniel geeft leiding aan de opsporing van de georganiseerde drugscriminaliteit. Deze vorm van misdaad is volgens Daniel zichtbaarder dan ooit.

Big business

We spreken af in Arnhem, de stad waar Daniel in de jaren 90 nauw betrokken was bij de strijd tegen overlast van heroïne verslaafden. “Die tijd is voorbij. Heroïne is uit. Het is een drug voor losers geworden met alleen nog oudere gebruikers. De markt is enorm veranderd. De vraag naar synthetische drugs is enorm toegenomen. Cocaïne, speed en xtc leveren het meeste op voor criminelen.”Uit een rapport van de Europese politieorganisatie Europol blijkt dat Nederland en België de belangrijkste invoerlanden van cocaïne zijn van Europa. “We hebben de grootste haven van Europa samen met Antwerpen. Daar komen heel veel containers binnen. Die coke blijft niet altijd in Nederland.Tegelijkertijd ziet Daniel een gigantische toename in de verkoop en distributie van synthetische drugs. “Waar je eerst 100 pillen maakte, maak je nu 10.000 per minuut. Het is een big business geworden,” zegt Daniel.

Moeilijk werkklimaat

Het opsporen van drugscriminaliteit is heel gecompliceerd, benadrukt Daniel. “Er zijn investeerders, uitvoerders en mensen die voor de productielijn zorgen. Het is een hele organisatie die de keten leidt. Wat je meestal aantreft is de productielocatie en de mensen die op de productielocaties werken. Maar daar zit de top van het bedrijf niet.” Criminelen maken gebruik van cryptotelefoons. Ze kunnen met elkaar communiceren zonder dat de politie kan meelezen. Toch is het de politie gelukt om cryptodata te ontcijferen. “Je krijgt een goed beeld hoe zo’n organisatie werkt en wie er betrokken zijn. Je komt in een soort chatfunctie terecht. De criminelen denken dat ze alles kunnen zeggen, omdat niemand de berichten kan ontcijferen. Dat is ons wel gelukt. Je krijgt goed inzicht hoe de criminele structuren en samenwerking in elkaar zitten.”

Het werkklimaat in Nederland is gunstig voor criminelen. Nederland beschikt over goede voorzieningen. Ons internet, transport en de logistieke wereld is goed geregeld. Je communiceert direct met de rest van de wereld. “Als samenleving gaan wij bovendien heel menselijk om met drugs. Er is geen war on drugs. We hebben de gebruiker niet gecriminaliseerd. In heel veel andere landen wel.” De gezondheid en veiligheid van de gebruikers staat in Nederland voorop. Dat is interessant als je snel geld wil verdienen met weinig risico’s. Nederland is relatief veilig om in drugs te handelen,” stelt Daniel. De straffen zijn niet hoog en Nederland heeft veel gebruikers. “Over het algemeen gaat het goed met drugshandelaren. Je maakt drugs en kan gigantisch veel geld verdienen. Jonge jongens kiezen voor deze tak van sport.”

Confronterende concurrentiestrijd

Keerzijde is dat concurrentiestrijd ontstaat onder criminelen. “Legale organisaties concurreren doormiddel van legale middelen. Illegalen organisaties concurreren met wapens en geweld. Je krijgt oorlogen tussen de verschillende groeperingen. Er zijn mensen die zo goedkoop mogelijk aan de drugs willen komen. Dat heet ‘rippen’. Je kan beter stelen van een ander, dan dat je het allemaal zelf moet doen. Dat leidt tot liquidaties en geweld. Dat gaat van kwaad tot erger.” Is Nederland dan een narcostaat? “Nee. Nederland heeft wel een gigantisch probleem. Ik ben in een aantal narcostaten geweest. Het grootste verschil is dat een narcostaat de vermenging tussen de onderwereld en de bovenwereld heel erg zichtbaar is.”

“Nederland wordt geconfronteerd met haar eigen naïviteit,” zegt Daniel. “Wij hebben het idee dat de wereld maakbaar is. Ik hoor minister Grapperhaus zeggen: ‘De drugscriminelen zijn een grens overgegaan’. De vraag is, wie heeft die grens bedacht? Een criminele organisatie kent geen grenzen. Criminele organisaties gaan opzoek naar de achillespees van de tegenstander. Als de tegenstander de overheid is, wat is de zwakte van de overheid? Dat zijn individuen.” Dat leidt tot angst en dat is gevaarlijk voor een gezonde democratie, stelt Daniel.” We zijn wakker nu. De vraag is of er paniek ontstaat of dat we proberen met ratio het probleem op te lossen. Dat we plotseling allemaal spelregels gaan bedenken, om ons veilig te laten voelen. Waardoor een transparante rechtstaat die we hebben niet meer transparant is.” Het risico voor angst bij de politie wordt groter, stelt Daniel. “Ik ben voorzichtig met wat ik doe. Je houdt altijd rekening dat je een boegbeeld bent. Voor criminelen is het interessant een boegbeeld te pakken.”

‘Waarom geen amfetamine slikken?’

Daniel heeft kritiek op de politiek. “Er nooit meer de vraag gesteld waarom hebben we drugs verboden? Er is altijd een reden geweest waarom je drugs verbiedt. Waarom mag je wel paracetamol slikken, maar niet amfetamine slikken? Amfetamine is verboden, omdat het ongezond en gevaarlijk is voor de volksgezondheid.” De discussie die over drank en roken wordt gevoerd, wordt niet over drugs gevoerd, zegt Daniel. “Als je een sigaret aansteekt word je voor asociaal aangezien, maar als je een lijntje cocaïne snuift niet.”

De kop van jut

Het Duitse weekblad Der Spiegel haalt flink uit naar het Nederlandse drugsbeleid. Nederland is een maffiaparadijs geworden, stelt der Spiegel. “Ik kan me voorstellen dat dit het beeld is dat je van Nederland hebt. Wat ik merk bij de Duitsers en de Fransen is dat ze veel kritiek hebben op ons beleid, terwijl het beleid bij hen niet veel beter is. Ze hebben vaak een veel groter probleem dan dat wij hebben.” Het verschil is dat Nederland stoer doet over het drugsbeleid, benadrukt Daniel. “Wij vertellen de hele wereld dat ons beleid zo goed is, dus dan loop je het risico dat je de kop van jut wordt.”

Legaliseren is niet de oplossing

Het legaliseren van drugs is volgens Daniel niet de oplossing “Legaliseren is een gekke gedachten. Als je het in Nederland legaliseert, lost dat dan het probleem van de criminaliteit op? Als je weet dat al onze drugs voor de export is: ‘Nee’. Dan loop je de kans dat veel mensen hiernaartoe komen om hier in drugs te handelen.” Export is het verdienmodel van criminelen. Criminelen verdienen het minst in Nederland. “Je moet het niet in Nederland legaliseren, maar de rest van in de wereld. Dan moet je alle drugs legaliseren. Er is altijd wel een middel waar mensen in gaan handelen.”

“Als ik wist wat de oplossing zou zijn dan had ik een miljard op mijn bankrekening.” Het allerbelangrijkste volgens Daniel: het opvoeden van de samenleving. “We hebben het beeld gerecreëerd dat het allemaal normaal is en dat het gewoon moet kunnen. We vinden het niet gek dat iedereen op school iemand kent die drugs verkoopt. Niemand ziet de persoon als een slechterik. Dat normale zou ervan af moeten. Het zou iets uitzonderlijks moeten zijn dat mensen drugs gebruiken.”