Waarom geeft Oost-Europa zoveel tegengas tegen Europese besluiten? (10-09-2021)

Waarom geeft Oost-Europa zoveel tegengas tegen Europese besluiten? (10-09-2021)

Afgelopen week noemde de Tsjechische premier Andrej Babis het Europees Parlement ‘groene fantasi’ na het aankondigen van het voorstel om de productie auto’s met een verbrandingsmotor te verbieden. Dit is niet de eerste keer dat een oostelijke lidstaat zich fel verzet tegen Europese plannen of idealen. We weten bijvoorbeeld van de omstreden wetten in Hongarije omtrent de rechten van de LHBTI+ gemeenschap en hun migratiebeleid, maar wat maakt dat de belangen van oostelijke lidstaten zo zwaar botsen met de idealen van de westelijke lidstaten?

Om antwoord daarop te krijgen moeten we een stapje terug in de geschiedenis. Oost-Europese landen hebben in het verleden vaak te maken gehad met bezettingen en autoritaire regimes die de bevolking onderdrukte. Denk in het bijzonder aan de tijd van de Tweede wereldoorlog en de koude oorlog waar de nationale identiteit van Oost-Europese naties werd gemarginaliseerd. Dit maakt Oosterse lidstaten ondanks het economische profijt toch niet zitten te wachten op ‘teveel bemoeienis’ van een grootmacht en vaak gaan voor leider die claimt te spreken voor het volk en het nationale belang van hun staat. 

De botsingen ontstaan vooral het kenmerkende liberale en globalistische karakter van de EU tegenover het conservatieve en nationalistische karakter van de oosterse lidstaten met premiers zoals: Andrej Babis in Tsjechië, Viktor Orban in Hongarije en Mateusz Morawiecki in Polen die allen lid zijn van een rechts-populistisch, nationalistisch en eurosceptische partij. Maar maakt het nog meer zo geliefd vandaag de dag? 

Zoals eerder benoemd hadden Oost-Europese lidstaten in het verleden vaak te maken met autoritaire regimes. Hierdoor is de behoefte aan een leider die zich presenteert als een stem voor het volk erg groot zodat de afstand die de burgers tussen zichzelf en de regering voelen verkleind. Dat vertrouwen in de Europese Unie daalt is niets nieuws en niet enkel een Oost-Europees probleem, veel burgers zien de Europese als een grote macht die voor hen moeilijk tastbaar en ver van hen afstaat. Het dalende vertrouwen in de Europese Unie resulteerde uiteindelijk in het feit dat de Britten de unie verlieten met de welbekende Brexit. Uit de EU stappen is voor oosterse lidstaten echter geen optie, omdat ze hierdoor de gemakkelijke vrije handel en veel subsidies verliezen die essentieel zijn voor de verdere economische ontwikkeling voor hun landen. Het verlaten van de EU zal hun landen vooral opnieuw klein en kwetsbaar maken, dan wel nu niet zozeer voor het binnenvallen van een grootmacht, maar met desastreuze gevolgen voor hun economie.

Dit maakt dat vaak Oost-Europese lidstaten vaak in aanvaring komen met het Europees Parlement. Een zeer bekend recent voorbeeld is dat het Europees Parlement heeft gezegd dat LHBTI+ mensen overal hun basisrechten moeten kunnen uitvoeren en dat de Europese Commissie in actie moet komen tegen lidstaten die de EU-normen niet zouden respecteren. Hierbij gaat het om de omstreden wetten in Polen waarin er LHBTI vrije zones zijn ingesteld, Roemenië die het huwelijk tussen mensen van hetzelfde per wet uitsluit en Hongarije die LHBTI+ gerelateerde voorlichting verboden maakt voor kinderen en jongeren. De situatie van de LHBTI gemeenschap is slechts één van de vele dingen. Een eerder bekend conflict tussen de oosterse lidstaten en het parlement was tijdens de vluchtelingencrisis in 2015 waar lidstaten zoals Polen en Hongarije geen vluchtelingen wilden opvangen om te voorkomen dat hun Christelijke cultuur door een toestroom van Islamitische vluchtelingen verdrukt zou worden. Ook op het gebied van milieu en klimaat verzetten oosterse lidstaten zich, zoals eerder benoemd verzette de Tsjechische premier Babis zich tegen de wet om in 2035 geen nieuwe auto’s met een verbrandingsmotor te produceren als deel van het klimaatplan om in 2050 Europa volledig neutraal te maken, omdat duurzame energie produceren duurder is voor de nog ontwikkelende oosterse lidstaten. De producties van auto’s en auto onderdelen zijn goed voor één derde van de Tsjechische economie, daarom is deze verandering niet wenselijk voor het land.

Er zijn dus veel voorbeelden van botsende belangen in de Europese Unie tussen het voormalig oostblok en het westen, maar betekent het voor ons? Waarschijnlijk zullen wij als gewone burgers weinig merken van het verzet in Oost-Europese lidstaten omdat dit vaak plaats zal vinden op nationaal niveau en het vooral consequenties heeft voor hun landen als er sancties volgen vanuit de EU.

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.