Moderne technologieën maken Tweede Wereldoorlog beleefbaar

Bron: Venray Remembers

Het zijn de ooggetuigen die de Tweede Wereldoorlog dichtbij brengen met hun herinneringen, maar hoe lang nog? Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek woonden er in 2025 voor het eerst minder dan 1 miljoen mensen in Nederland die de bevrijding hebben meegemaakt. Naar verwachting is over vijf jaar nog maar de helft van die groep over.

Er komt een dag dat niemand meer kan vertellen hoe het voelt om halsoverkop de schuilkelder in te vluchten, zoals de 91-jarige André van Goch beschrijft. Toen hij tijdens het buitenspelen witte strepen onder de overvliegende bommenwerpers vandaan zag komen, wist hij niet hoe snel hij naar binnen moest rennen.

‘Herinnering wordt geschiedenis’, concludeerde de commissie die tien jaar geleden onderzocht hoe de herinnering aan de Tweede Wereldoorlog levend moest worden gehouden. Moderne technologieën als podwalks en hologrammen kunnen uitkomst bieden door de verhalen beleefbaar te maken.

In Venray, waar aan het einde van de Tweede Wereldoorlog hevige gevechten plaatsvonden, is een beleefroute genaamd ‘Aan de andere kant’ ontwikkeld tussen de Duitse Militaire Begraafplaats in Ysselsteyn en Oorlogsmuseum Overloon.

Bron: Venray Remembers

Zes beleefpunten langs de route bieden elk een ander perspectief op de Tweede Wereldoorlog. Ze zijn herkenbaar aan de bankjes met silhouetten in de scheidingswanden, die bezoekers uitnodigen om letterlijk en figuurlijk ‘aan de andere kant’ te kijken.

Waar de bijbehorende verhalen over de spanningsvelden tussen geallieerd tegenover Duits, goed tegenover fout en levend tegenover dood voorheen op een routekaart afgedrukt waren, worden ze sinds kort tot leven gebracht door middel van augmented reality. Met je smartphone projecteer je de video’s in het omliggende landschap, waardoor je er zelf onderdeel van wordt.

Zo is er het verhaal van pelotonscommandant John Lincoln en private Archie Freeman van het 1e bataljon van het Norfolk-regiment, dat na de bevrijding van Overloon op 14 oktober 1944 de aanval op Venray inzette. Door de aanhoudende regen is het terrein tussen de twee dorpen drassig geworden. De Duitse Schumines zijn nauwelijks zichtbaar, waardoor veel Britten gewond achterblijven in het veld. De verovering van het gebied, met de tussenliggende Loobeek als meest dodelijke obstakel, duurt drie dagen. “Je bent bij de soldaten in de modder, de rook en het geweld en ziet wat de lange dagen, de vermoeidheid en het verlies van kameraden met hen doen”, vertelt projectleider Ingrid van Eijndhoven over de toepassing die de geschiedenis in het heden plaatst. “Door beleving te creëren wordt het gedachtegoed toegankelijker en aansprekender, ook voor jongeren die doorgaans minder geïnteresseerd zijn in historie. Mijn dochter is daar een voorbeeld van: de geschiedenislessen op de middelbare school boeien haar nauwelijks, maar de beleefroute maakte wel indruk.”

Ook Frank van Vree, emeritus hoogleraar Geschiedenis van Oorlog, Conflict en Herinnering aan de Universiteit van Amsterdam, ziet dat beleving toegang biedt tot de geschiedenis. “Dat is de kracht van moderne technologieën als deze, al kun je natuurlijk nooit echt ervaren wat de mensen toen meemaakten.”

Volgens Van Eijndhoven zijn er meer nadelen. “Hoewel we zo dicht mogelijk bij de feiten proberen te blijven, moet het natuurlijk ook leuk zijn om naar te kijken. Daardoor bevatten sommige filmpjes elementen waarvan we niet helemaal zeker weten of ze volledig waarheidsgetrouw zijn. Bij de Sint Petrus Banden Kerk komt de Venrayse jongen Leo Janssen bijvoorbeeld in contact met de Duitse soldaat Ronald Johler, vlak voordat de kerktoren op 16 oktober 1944 wordt opgeblazen. Historische bronnen bevestigen dat die personen hebben bestaan, maar of ze elkaar ook hebben ontmoet? Dat denk ik niet.”

In haar ogen is dat niet zo’n probleem. “Het doel is om de gebeurtenissen te duiden. Op onze website is meer informatie beschikbaar. Wie meer wil weten, kan daarnaast een bezoek brengen aan de Duitse Militaire Begraafplaats in Ysselsteyn of Oorlogsmuseum Overloon.”