
De gemiddelde leeftijd van Nederlandse deelnemers aan de Olympische Winterspelen is de afgelopen tien edities gestegen, van 23 jaar in 1988 naar 26,4 jaar in 2022.
Er zijn verschillende redenen waarom topsporters langer actief blijven. De materialen zijn in de loop der jaren bijvoorbeeld verbeterd. Zo zette de klapschaats, die in 1998 op de Winterspelen werd geïntroduceerd, de schaatswereld op zijn kop. “Dankzij die uitvinding is er minder kracht nodig bij de afzet”, weet bewegingswetenschapper Lieke Wolfraad.
Daarnaast is er tegenwoordig meer kennis over optimale trainingsprogramma’s. “Waar sporters vroeger sneller te maken kregen met blessures of overbelasting, met een kortere carrière tot gevolg, is de begeleiding nu gericht op langdurig en gezond presteren”, verklaart sportjournalist Jurgen van Teeffelen.
Toekomstperspectief speelt ook een rol. “Voorheen was het voor topsporters lastig om een maatschappelijke carrière op te bouwen, waardoor ze hun loopbaan eerder beëindigden. Inmiddels zijn er meer mogelijkheden, waardoor topsporters zich kunnen voorbereiden op een leven na de sport.”
Een verklaring voor de grote stijging tussen 1998 en 2002 heeft Van Teeffelen niet. “Wellicht is het programma toen gewijzigd, waardoor bepaalde onderdelen in het voordeel zijn van oudere sporters.” Commercialisering zou ook een factor kunnen zijn. “Daardoor verdienen sporters steeds beter.”
Genderverschillen
De gemiddelde leeftijd van vrouwelijke deelnemers uit Nederland ligt duidelijk lager dan die van mannelijke deelnemers uit Nederland. Wolfraad wijt dat aan het moederschap. “Mannen kunnen gewoon doorgaan als ze kinderen krijgen, maar vrouwen niet.” Toch hoeft dat volgens Van Teeffelen niet het einde van een sportcarrière te betekenen. “Er zijn voorbeelden van sporters die na een zwangerschap weer terugkeren. Daarnaast worden vrouwen steeds later moeder.”
Verschillen per sport
Hoe lang een atleet topsport kan beoefenen, is onder meer afhankelijk van de sport en welke eisen die aan de beoefenaar ervan stelt.
Nederlandse kunstrijders zijn over alle edities gemiddeld het jongst en Nederlandse bobsleeërs het oudst. “Kunstrijders moeten ontzettend flexibel zijn. Op jonge leeftijd is het lichaam een stuk leniger dan op oudere leeftijd.”
Met bobsleeën wordt over het algemeen later gestart. De meeste bobsleeërs komen namelijk uit een andere sport, zoals de atletiek. “Er zijn sprinters nodig om de bobslee op gang te brengen. Vanwege hun explosiviteit zijn atleten onder de 25 jaar hiervoor het meest geschikt, maar zij beschikken vaak niet over de benodigde financiële middelen. Een bobsleeteam oprichten is kostbaar en bobsleebanen liggen niet voor het oprapen, waardoor reizen onvermijdelijk is.”
Verantwoording
Voor dit verhaal is gebruikgemaakt van NOC*NSF-gegevens over alle Nederlandse deelnemers aan de Olympische Winterspelen vanaf 1928 tot 2022. De analyses zijn gebaseerd op hun leeftijd tijdens de openingsceremonie, niet tijdens wedstrijddagen.