{"id":314,"date":"2020-03-24T14:23:24","date_gmt":"2020-03-24T13:23:24","guid":{"rendered":"https:\/\/svjmedia.nl\/josseluiken\/?page_id=314"},"modified":"2026-07-13T22:41:37","modified_gmt":"2026-07-13T20:41:37","slug":"vrije-opdracht","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/svjmedia.nl\/josseluiken\/afstuderen\/vrije-opdracht\/","title":{"rendered":""},"content":{"rendered":"\n
\n
<\/div>\n\n\n\n
<\/div>\n\n\n\n
<\/div>\n<\/div>\n\n\n\n
<\/div><\/div>
\n

Wat als het stroomnetwerk het begeeft en een als jongvolwassene zelfredzaam moet zijn in de eerste 72 uur? Zijn zij dan voldoende voorbereid op een crisis?<\/strong> Wat is het plan voor deze periode? Waar liggen de kansen?<\/strong>

Jongvolwassenen is de doelgroep waar de focus op moet komen te liggen. Zij vertegenwoordigen de uitkomst van onderzoek dat aantoont dat zij het slechtst zijn voorbereid op een noodsituatie. Voor veel jongvolwassenen die zelfstandig wonen is de vraag wat er moet gebeuren niet eenvoudig te beantwoorden. Een noodpakket is nog lang niet altijd aanwezig en een doordacht plan ontbreekt. Dat vormt een uitdaging, omdat zelfredzaamheid van groot belang is tijdens de eerste 72 uur van een crisis.

Beperkt effect<\/strong>
Waar landelijke campagnes gericht zijn op bewustwording, vertaalt die kennis zich niet vanzelf naar gedrag. Volgens onderzoeksbureau Ipsos I&O, dat in mei 2025 onderzoek<\/a> uitvoerde in opdracht van dagblad Trouw<\/a>, geven jongeren aan het belang van voorbereiding te begrijpen, maar ervaren tegelijkertijd onzekerheid en stellen actie uit.

Lokaal onvoorbereid<\/strong>
Uit een peiling onder West-Friese jongeren blijkt dat dit beeld lokaal wordt bevestigd. Binnen deze groep beschikt slechts een klein deel over een volledig noodpakket, terwijl een aanzienlijk aantal jongeren geen voorbereiding treft of afhankelijk blijft van ouders en hun voorzieningen.

Zelfredzaamheid cruciaal<\/strong>
Dit signaal sluit aan bij bredere zorgen binnen de regio. Ook de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord benadrukt het belang van zelfredzaamheid en voorbereiding, juist omdat burgers in de eerste fase van een crisis op zichzelf en hun directe omgeving zijn aangewezen.<\/p><\/div>\n

De voorbereiding op een noodsituatie blijkt onder de jongvolwassene van West-Friesland beperkt.<\/strong><\/h3>\n\n\n\n
\"\"<\/figure>\n\n\n\n

Het boekje dat gaat over de voorbereiding op een noodsituatie is in het huis van de jongvolwassene beland en is nog niet gebruikt. \u00aeJosse Luiken<\/p>\n<\/div><\/div><\/div>

<\/div><\/div>

Wat als het stroomnetwerk het begeeft en een als jongvolwassene zelfredzaam moet zijn in de eerste 72 uur? Zijn zij dan voldoende voorbereid op een crisis?<\/strong> Wat is het plan voor deze periode? Waar liggen de kansen?<\/strong>

Jongvolwassenen is de doelgroep waar de focus op moet komen te liggen. Zij vertegenwoordigen de uitkomst van onderzoek dat aantoont dat zij het slechtst zijn voorbereid op een noodsituatie. Voor veel jongvolwassenen die zelfstandig wonen is de vraag wat er moet gebeuren niet eenvoudig te beantwoorden. Een noodpakket is nog lang niet altijd aanwezig en een doordacht plan ontbreekt. Dat vormt een uitdaging, omdat zelfredzaamheid van groot belang is tijdens de eerste 72 uur van een crisis.

Beperkt effect<\/strong>
Waar landelijke campagnes gericht zijn op bewustwording, vertaalt die kennis zich niet vanzelf naar gedrag. Volgens onderzoeksbureau Ipsos I&O, dat in mei 2025
onderzoek<\/a> uitvoerde in opdracht van dagblad Trouw<\/a>, geven jongeren aan het belang van voorbereiding te begrijpen, maar ervaren tegelijkertijd onzekerheid en stellen actie uit.

Lokaal onvoorbereid<\/strong>
Uit een peiling onder West-Friese jongeren blijkt dat dit beeld lokaal wordt bevestigd. Binnen deze groep beschikt slechts een klein deel over een volledig noodpakket, terwijl een aanzienlijk aantal jongeren geen voorbereiding treft of afhankelijk blijft van ouders en hun voorzieningen.

Zelfredzaamheid cruciaal<\/strong>
Dit signaal sluit aan bij bredere zorgen binnen de regio. Ook de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord benadrukt het belang van zelfredzaamheid en voorbereiding, juist omdat burgers in de eerste fase van een crisis op zichzelf en hun directe omgeving zijn aangewezen.<\/p><\/div><\/div><\/div>\n<\/div><\/div>\n\n\n\n

\n
<\/div>\n\n\n\n
\n


<\/strong>“Een langdurige stroomstoring is de noodsituatie waar de regio zich nu het meest op voorbereidt<\/strong>“<\/em><\/p>\n\n\n\n

De kans en zorgen over de gevolgen van een grootschalige stroomstoring groeien. Het risico op een stroomstoring werd op 26 mei 2026 in de regio al kort duidelijk. In Zwaag zaten tussen de dertig en vijftig huishoudens ruim vijf uur zonder stroom. Netbeheerder Liander meldt via het Algemeen Dagblad<\/a> dat dit soort situaties in de toekomst steeds vaker kunnen voor komen.<\/p>\n\n\n\n

Voor de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord is stroomuitval dan ook geen willekeurig scenario. Co\u00f6rdinator crisisorganisatie, van Veiligheidsregio Noord-Holland Noord, Mark Duursma legt uit dat een stroomstoring extra aandacht krijgt in het regionale risicoprofiel. \u201cE\u00e9n stroomstoring is een van de meest waarschijnlijke noodsituaties waar we in West-Friesland mee rekening mee moeten houden.\u201d De rol als co\u00f6rdinator van de crisisorganisatie is het opstellen van een draaiboek voor de veiligheidsdiensten. Dit om de communicatie tussen de belanghebbende partijen, zoals de brandweer, ambulance en politie, te bevorderen tijdens een noodsituatie.<\/p>\n\n\n\n

De Veiligheidsregio herkent dat de generatie tussen de 18 en 34 jaar minder goed is voorbereid op een noodsituatie. \u201cDe voorbereiding onder jonge inwoners blijft achter,\u201d vertelt Mark Duursma. \u201cEn dat terwijl de kans re\u00ebel is dat zij hier mee te maken krijgen,\u201d sluit hij af. Daarmee wordt een lokaal probleem zichtbaar: Op het moment dat een stroomstoring het dagelijks leven stillegt, blijken jonge inwoners het minst voorbereid op wat er dan gebeurt.<\/p>\n<\/div>\n\n\n\n

<\/div>\n<\/div>\n\n\n\n
<\/pre>\n\n\n\n
\n
\n
\"\"<\/div><\/div>
\n

Bram, 26 jaar<\/p>\n\n\n\n

“Ik heb wel wat groente conserves in de keukenkastjes staan”<\/em><\/p>\n<\/div><\/div>\n<\/div>\n\n\n\n

\n

Ge\u00efnformeerd, maar geen actie? West-Friese jongvolwassenen leggen uit<\/strong>

Om dit abstracte beeld concreet te maken is in West-Friesland gesproken met de doelgroep zelf. Hier wordt zichtbaar hoe zij denken over noodsituaties, wat hen tegenhoudt om zich voor te bereiden en in hoeverre zij zich daadwerkelijk in staat achten om zelfstandig te handelen wanneer het misgaat.<\/p>\n\n\n\n