‘Het slaat nergens op om de wintersporter de schuld te geven van klimaatverandering’
Onderzoekers luiden al geruime tijd de noodklok over de negatieve impact van wintersport op het klimaat. Desondanks blijft het tripje naar de sneeuw onverminderd populair. Hoe kunnen wintersporttoeristen dan bijdragen aan een zo’n klein mogelijke ecologische voetafdruk? Arjen de Graaf, commercieel directeur van de Nederlandse Ski Vereniging, vertelt hier meer over.
“Het slaat nergens op om het veranderde klimaat in de schoenen van de wintersporter te schuiven. Het is net alsof je zegt dat het afstervende Great Barrier Reef de schuld is van de duikers”, aldus een ietwat geïrriteerde Arjen de Graaf, die zich lang niet altijd kan vinden in de berichtgeving rond wintersport in combinatie met klimaatverandering.
Het is een uur of elf in de ochtend als Arjen zich meldt voor het belgesprek. De directeur van de Nederlandse Ski Vereniging bevindt zich momenteel op de ‘Autobahn’ in Oostenrijk en is op weg naar huis. “Ik ben voor mijn werk veel in de Alpen te vinden. Dan moet je denken aan zo’n acht weken per jaar.”
De wintersportindustrie is al geruime tijd onderwerp van gesprek. Zo publiceerde het wetenschappelijke tijdschrift Nature Climate Change vorig jaar augustus een onderzoek over de klimaatimpact op ruim 2.200 skigebieden in 28 Europese landen. In de analyse staat onder meer dat voor ongeveer 53 procent van de onderzochte gebieden een ‘zeer hoog risico op onvoldoende sneeuw’ dreigt bij een temperatuurstijging van 2 graden Celsius. Bij een stijging van 4 graden Celcius geldt dit zelfs voor 98 procent van de gebieden. “Ik vind het wel bijzonder dat je dit onderzoek als voorbeeld aanhaalt, want daar staat namelijk in dat wintersport helemaal niet zo slecht is voor het milieu”, haakt Arjen daarop in.
Beeldvorming
Maar hoe komt het dan dat er in de media een beeld wordt geschetst dat wintersport wél slecht zou zijn voor het milieu? Arjen: “Dat is een uitstekende vraag. En als je daar een antwoord op hebt, dan hoor ik het graag van je. Daar verbaas ik me echt over. In het onderzoek van Nature Climate Change is de impact van een stijging van zowel 2 als 4 graden Celcius bij 2.234 wintersportgebieden gemeten. De logische conclusie is dat zulke stijgingen niet heel positief zijn voor wintersport, maar op de een of andere manier wordt dat in de schoenen geschoven van de wintersportindustrie. Dat is echt te bizar voor woorden. In datzelfde onderzoek staat namelijk dat alle activiteiten plus het verbruik van de skiliften, sneeuwkanonnen, pistenbully’s, etc. goed zijn voor slechts 2 tot 4 procent van de ecologische voetafdruk van een wintersporttrip. Dat is echt marginaal, echt marginaal.”
“De afgelopen tien jaar is de wintersportindustrie in een gigantische stroomversnelling geraakt. Tegenwoordig zijn er zat gebieden die volledig zelfvoorzienend zijn in de industrie, zoals het zelf opwekken van stroom”, vervolgt de skibond-directeur. “Een ander mooi voorbeeld is het Oostenrijkse dorp Großarltal. Daar is ooit onderzoek gedaan naar de grootverbruiker qua energie en stroom. Liefst 90 procent van de totale energie die in dat dal werd verbruikt was afkomstig van een houtverwerkingsbedrijf met veertien man in dienst, terwijl het aandeel van de toeristische industrie slechts 10 procent was. Kortom, de impact van het toerisme in de Alpen is best wel relatief.”
Reizen
Het is juist het reizen dat een grote impact heeft op de ecologische voetafdruk van een wintersportvakantie, zo stelt Arjen. “De reis naar de plaats van bestemming is de grootste veroorzaker. 60 tot 80 procent van je ‘footprint’ zit in het reizen ernaartoe. Er wordt een beeld geschetst dat de wintersporter de veroorzaker is van die klimaatverandering. Natuurlijk heeft iedere toeristische activiteit impact, maar het slaat nergens op om dat in de schoenen van de wintersporter te schuiven. Neem nou het afstervende Great Barrier Reef voor de kust van Australië. Dat heeft natuurlijk te maken met de temperatuurstijging van het zeewater. Als je zou zeggen dat dat de schuld is van de duikers, dan zou dat heel raar zijn. Dat is bij wintersport ook het geval.”
“Ongeveer 85 procent van de Nederlanders gaat al met de auto naar wintersport, terwijl slechts 2 tot 3 procent het vliegtuig pakt”, vertelt Arjen. “Dus de grote vraag is hoe die 60 tot 80 procent ingeperkt kan worden. Een logische oplossing zou zijn om iedere wintersporter met de trein te laten reizen, maar dat is een utopische oplossing. Dat is praktisch onhaalbaar.”
Uitstoot
Op de website van EcoPassenger is het mogelijk om de CO2-uitstoot van je (wintersport)reis per vervoersmiddel te berekenen. Stel dat je op wintersport gaat naar het onder Nederlanders immens populaire Westendorf in Oostenrijk, dan bedraagt de CO2-uitstoot 28,5 kilogram in het geval dat je met de trein reist. Voor de auto staat een CO2-uitstoot van 39,5 kg, terwijl het vliegtuig goed is voor 206,4 kg.
*De reis is gemeten vanaf Utrecht Centraal. De cijfers zijn per persoon. Voor de auto wordt een middenklasse auto genomen voor 4 personen die rijdt op euro6.
“Stel dat je een weekend naar een wereldstad als Rome of Barcelona gaat, dan zou je ook een paar maanden op wintersport kunnen gaan”, gaat Arjen verder. “De ecologische voetafdruk is nagenoeg hetzelfde, dus in die zin is wintersport een veel duurzamere vakantie dan men denkt.”
Wat is de Nederlandse Ski Vereniging?
De Nederlandse Ski Vereniging, opgericht op 8 oktober 1927, is de Nederlandse skibond. “De Nederlandse Ski Vereniging zet zich in om wintersport nóg leuker, veiliger en voordeliger te maken. De sportbond weet waar wintersportliefhebbers behoefte aan hebben en biedt informatie, advies en ondersteuning bij het samenstellen van de perfecte wintersportvakantie. De Nederlandse Ski Vereniging is er voor iedere wintersporter, van recreant tot topsporter. Onze leden profiteren van een doorlopende reisverzekering, een inspirerende magazine en interessante kortingen en voordelen”, zo valt te lezen op de eigen website.
Ondanks het feit dat de wintersportindustrie onder een vergrootglas ligt, merkt de Nederlandse Ski Vereniging daar niets van. “Dat zie je bijvoorbeeld aan het aantal overnachtingen van Nederlanders in de Alpenlanden. Op dat vlak worden dit jaar hoogstwaarschijnlijk weer records verbroken. Dus Nederlanders laten zich niet beïnvloeden door negatieve berichtgeving rond wintersport. Wat ook in meerdere onderzoeken terug te zien is, is dat men duurzaamheid weldegelijk belangrijk vindt. Desondanks is het geen beslissende factor bij de keuze van een vakantiebestemming. Mensen laten zich veel meer leiden door bijvoorbeeld prijs, gemak en locatie in plaats van of een bestemming duurzaam is.”
“Dat is het interessante aan wintersport. In de toekomst is dat duurzaamheidsthema niet meer aan de orde. Over een aantal jaar is een deel van de wintersportgebieden in de Alpen zo ver in het verduurzamingstraject dat het niet meer de vraag is of je wel of niet duurzaam op wintersport gaat, je gaat per definitie duurzaam op wintersport.”
Causaal verband
Arjen ergert zich aan het feit dat er een causaal verband wordt gelegd tussen de wintersportindustrie en de klimaatverandering. “Het beeld van een groene alpenweide met daartussen een witte strook sneeuw klopt natuurlijk niet, maar dat is zo’n klein stukje van het verhaal. Wintersport is als de kanarie in de kolenmijn. In de Alpen zijn er werkelijk waar honderden gebieden die al geruime tijd met verduurzaming bezig zijn. Klaarblijkelijk is het in beeld van de gevolgen van klimaatverandering interessanter dan het kijken naar de feiten. Natuurlijk hebben we te maken met een klimaatcrisis, maar het is heel gek om te zeggen dat het een met het ander te maken heeft.”