Joëlle de Boer: “Laat donorkinderen zelf beslissen of ze willen weten waar ze vandaan komen.”

Joëlle de Boer: “Laat donorkinderen zelf beslissen of ze willen weten waar ze vandaan komen.”

Joëlle de Boer schrijft al bijna 6 jaar een blog over haar leven als donorkind. Ze weet al heel haar leven dat ze een donorkind is, omdat ze twee moeders heeft. In haar blog is ze heel open over alles wat ze meemaakt als donorkind. Zij spreekt ook veel over haar halfbroers en halfzussen. Ze heeft minstens 32 halfbroers en halfzussen. Allemaal tussen de leeftijd van 7 en 22. Ze is zelf op dit moment de op 6 na oudste, want dat kan ook voor donorkinderen elk jaar veranderen. Joëlle was een aantal jaar de op 3 na oudste, maar vond dus later nog twee oudere halfbroers en een halfzus.

Joëlle heeft haar vader op haar 16e voor de eerste keer ontmoet en is heel blij met met hem in haar leven. Hij laat haar volledig vrij in de hoeveelheid contact die zij en haar halfbroers en halfzussen willen hebben. Nu Joëlle het nog druk met school en haar eigen leven heeft weet ze nog niet zo goed waar ze hem in later in de toekomst wil plaatsen, maar dat hij een plek in haar leven gaat hebben is volgens haar zeker.

Ze is zelf van mening dat het taboe rondom het zijn van een donorkind moet worden doorbroken door als ouders vanaf het begin duidelijk te maken bij de kinderen dat ze donorkinderen zijn. “Als je dit op een latere leeftijd verteld kan dit een te grote shock zijn en wordt er juist schaamte gecreëerd. Het kind moet vrij kunnen zijn om zijn of haar biologische ouder op te zoeken als daar behoefte aan is. Het is niet aan de ouders om hier invloed op uit te oefenen.”

Stichting Donorkind

Stichting Donorkind is er om kinderen te ondersteunen met het zoeken naar hun biologische vader of moeder. Zij vinden het van belang dat donorkinderen de kans krijgen om hun biologische ouder te vinden zonder dat hun ouders, een gynaecoloog of de overheid zich hiermee hoeft te bemoeien. Ze kunnen niks voor de kinderen uitvoeren. Ze zijn er om de kinderen van support te voorzien in hun zoektocht.

“Alles wat over seks gaat is een taboe, dus ook het krijgen van een kind via een donor is een taboe” zegt Ties van der Meer, vrijwillig voorzitter van Stichting Donorkind. Van der Meer is zelf ook donorkind en spermadonor. Hij is van mening dat er geen tekort op het aantal donors zijn, maar aan wensouders die de donor accepteren. “Veel donors willen er wel voor het kind zijn en contact behouden, maar sommige wensouders vinden dat dan niet in hun familiebeeld passen en wijzen die dan af.” Op deze manier proberen mensen op andere manieren een donor te vinden, maar vaak wordt dat dan niet genoteerd. Dat maakt het dan weer lastig voor het kind om hun biologische ouder te vinden wanneer ze daar behoefte aan hebben.

Verdriet groter dan schaamtegevoel

Er worden ook donaties gehaald uit het buitenland, bijvoorbeeld uit Denemarken. Monique Mochtar, gynaecoloog van het Amsterdam UMC, verteld dat het aantal donoren hier in Nederland is gelimiteerd en dat beperkt het aantal donaties per donor. “In Denemarken is er geen tekort, omdat er geen limiet zit aan het aantal donaties per donor. Deense spermabanken kunnen één donor in verschillende landen inzetten. Dan is het nog maar de vraag of dat zo leuk is voor het kind. Je kan je dan als kind enorm als product uit een productie voelen.” Het limiet op het aantal donaties per donor kan reden zijn voor een langere wachttijd. “Elke donor kan voor 12 gezinnen doneren. Dat staat ongeveer gelijk aan 25 kinderen. Je wil als kind zijnde ook niet meer dan 25 broers of zussen.”

Het taboe op het doneren van sperma- en eicellen ligt hem vooral bij de schaamte dat het niet als heteroseksueel koppel wil lukken om op een natuurlijke wijze kinderen te wekken. Doneren is nog steeds een natuurlijke manier, maar dan met iets meer hulp. “Het beeld van iemand die zichzelf zit af te trekken in een potje in een kamertje vinden mensen lachwekkend. Dat vind ik persoonlijk een beetje kinderachtig.” Mochtar maakt duidelijk dat mensen waarbij het niet wil lukken eerder heel verdrietig zijn dan zich ervoor schamen dat ze een donor nodig hebben om een kind te wekken.

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *