
Geen impulsieve klik.
Het was een beslissing, gemaakt in vertrouwen.
Wat begon als hoop op concertkaartjes, eindigde in paniek.

Het bericht
Voor Björn Odijk begint het met een appje dat via een vriendin wordt doorgestuurd. In een WhatsAppgroep die verbonden is aan de universiteit zou iemand twee concertkaartjes verkopen. Officiële tickets waren niet meer verkrijgbaar. Doorverkoop voelde als een laatste kans.
Het bericht kwam niet van een onbekende, maar via-via. Dat gaf vertrouwen. Tegelijk was er twijfel: hij wist dat dit soort transacties risico’s hebben. Toch besloot hij contact op te nemen.
Het eerste contact
Het contact met de verkoper verloopt in het begin soepel. Ze maken afspraken over de prijs: tweehonderd euro voor twee staanplaatsen. Op vragen over de tickets wordt duidelijk en overtuigend gereageerd. Wanneer hij vraagt of de overdracht via een officieel platform kan, lijkt dat geen probleem.
Het onderbuikgevoel is er nog steeds, maar er is geen directe reden om af te haken. Het gesprek blijft zakelijk en ogenschijnlijk normaal.
De eerste signalen
Na het akkoord verandert de toon. De verkoper wordt opdringeriger en vraagt herhaaldelijk of het geld al is overgemaakt. Wanneer de betaling is gedaan, blijft bevestiging uit. Het geld komt niet direct aan, wat hij niet gewend is.
Kort daarna valt iets anders op: het telefoonnummer van de verkoper verandert. Eerst is het een buitenlands nummer, daarna opnieuw een ander nummer, met dezelfde profielfoto. Dat moment voelt anders.
Het besefmoment
Niet veel later wordt zijn bankrekening geblokkeerd. Op dat moment vallen de puzzelstukjes op hun plek. De wisselende nummers, het opdringerige contact en de vertraagde betaling blijken geen toeval.
De twijfel slaat om in paniek. Toch houdt hij het in eerste instantie voor zichzelf. Uit boosheid, maar ook uit schaamte. Pas later neemt hij contact op met de bank.
De directe gevolgen
De bank bevestigt dat de transactie is tegengehouden vanwege een vermoeden van fraude. De rekening waar het geld naartoe ging, komt vaker voor in fraudemeldingen. Het bedrag wordt vastgehouden en uiteindelijk volledig teruggestort.
Hoewel de financiële schade wordt voorkomen, blijft het gevoel hangen. Niet zozeer door het geld, maar door het besef dat het vertrouwen is misbruikt. De verkoper blijft ontkennen dat er iets mis is en verbreekt uiteindelijk het contact.
Online oplichting uitgelegd
Online oplichting kent verschillende vormen. Soms gaat het om misleidende verkoop, soms om misbruik van identiteitsgegevens of berichten die mensen naar valse betaalpagina’s leiden. Wat deze vormen gemeen hebben, is dat ze zelden beginnen met iets dat direct fout voelt.
Het gaat vaak om situaties die op het eerste gezicht normaal zijn: iemand die iets verkoopt, een bericht dat via-via binnenkomt, een gesprek dat zakelijk en vriendelijk verloopt. Juist die alledaagsheid maakt het lastig om het moment te herkennen waarop het misgaat.
Volgens cijfers en signalen van het Centraal Bureau voor de Statistiek en de Fraudehelpdesk is online oplichting een van de meest voorkomende vormen van digitale criminaliteit in Nederland. Ongeveer 1 op de 10 Nederlanders werd slachtoffer van online oplichting, in totaal zo’n 1,4 miljoen mensen.
De cijfers laten zien dat online oplichting geen probleem is van één specifieke groep. Dat mensen van verschillende leeftijden slachtoffer worden, hangt samen met de manier waarop oplichters te werk gaan. Ze spelen niet zozeer in op leeftijd, maar op herkenbare situaties en menselijk gedrag: vertrouwen, haast en de verwachting dat een transactie normaal verloopt. Omdat vrijwel iedereen online koopt, verkoopt en communiceert, kunnen oplichters hun aanpak gemakkelijk aanpassen aan uiteenlopende doelgroepen. Het risico zit daardoor minder in wie iemand is en meer in de situatie waarin iemand terechtkomt.
De dynamiek is vaak hetzelfde. In het begin verloopt het contact soepel en overtuigend. Pas later verandert de toon: er ontstaat tijdsdruk, afspraken worden vager of details verschuiven. Denk aan aandringen op snelle betaling of wisselende contactgegevens. Dat zijn signalen die achteraf duidelijk lijken, maar op het moment zelf gemakkelijk worden weggeredeneerd.
Online oplichting zit zelden in één duidelijke fout, maar in een opeenstapeling van kleine beslissingen die logisch lijken zolang het gesprek gaande is. Juist omdat dit verloop zo dicht tegen normaal gedrag aanligt, herkennen veel slachtoffers pas laat dat ze zijn misleid.
Die herkenning kwam voor Odijk pas achteraf. Wat begon als een ogenschijnlijk gewone doorverkoop via een vertrouwde omgeving, laat zien hoe dun de scheidslijn kan zijn tussen een normale keuze en misbruik van vertrouwen.
‘Ik was vooral heel boos. Het voelde gewoon heel onrechtmatig’ – Björn Odijk
Boosheid, schaamte en twijfel
Het geld werd door de bank tegengehouden en later teruggestort. Financiële schade bleef uit. Daarmee was de zaak voor Odijk niet afgedaan.
In de uren nadat zijn bankrekening was geblokkeerd, overheerst boosheid. Niet vanwege het bedrag, maar vanwege het besef dat iemand doelbewust inspeelt op vertrouwen en verwachting. ‘Ik was vooral heel boos. Het voelde gewoon heel onrechtmatig,’ zegt hij.
Daarbij komt schaamte. Odijk vertelt de eerste dag vrijwel niemand wat er is gebeurd. Niet omdat hij bang is voor de reactie van anderen, maar omdat hij zichzelf verwijt dat hij is meegegaan in het verhaal. ‘Ik schaamde me, omdat ik normaal juist tegen anderen zeg: ‘’denk goed na, neem dat risico niet.’’’
Die schaamte maakt dat hij het eerst alleen probeert op te lossen. Hij heeft meerdere keren contact met de bank en wacht af wat de uitkomst zal zijn. De onzekerheid over wat er nog kan volgen, zorgt voor spanning.
Wanneer blijkt dat de transactie is geblokkeerd vanwege eerdere fraudemeldingen op de ontvangende rekening, is er opluchting. Tegelijk blijft het gevoel van machteloosheid. Het geld is veiliggesteld, maar het vertrouwen heeft een knauw gekregen. ‘Je voelt je toch een beetje machteloos, ook al krijg je je geld terug.’
Emotionele gevolgen
Online oplichting wordt vaak gezien als een financieel probleem. Iemand maakt geld over, het blijkt een scam en in het gunstigste geval krijgt het slachtoffer het bedrag terug. Die focus op geld doet echter geen recht aan wat er daarna gebeurt. Uit tweejaarlijkse onderzoek Online Veiligheid en Criminaliteit van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat online oplichting ook emotionele gevolgen heeft. Juist omdat oplichters inspelen op vertrouwen, herkenning en urgentie, kan de impact verder reiken dan het moment van de fraude zelf.
De cijfers van het CBS laten zien dat emotionele gevolgen veel voorkomen onder slachtoffers van online oplichting. Vooral het vertrouwen krijgt vaak een deuk. Een groot deel van de slachtoffers geeft aan na de oplichting minder vertrouwen te hebben in andere mensen. Ook gevoelens van stress, angst en een verminderd gevoel van veiligheid worden regelmatig genoemd.
Zwaardere mentale klachten, zoals slaapproblemen of depressieve gevoelens, komen volgens het CBS beduidend minder vaak voor. Die worden slechts door een kleine groep slachtoffers ervaren. Dat verschil laat zien dat de impact van online oplichting zich meestal niet uit in ernstige psychische klachten, maar juist in meer alledaagse gevoelens die het dagelijks functioneren kunnen beïnvloeden.
Het misbruik van vertrouwen
Volgens zowel het CBS als de Fraudehelpdesk speelt het misbruik van vertrouwen een centrale rol bij online oplichting. Oplichters doen zich vaak voor als betrouwbare verkopers, bekenden of organisaties en creëren een gevoel van urgentie. Slachtoffers denken daardoor dat ze een normale, veilige beslissing nemen.
In onderzoek en ervaringsverhalen die de Fraudehelpdesk verzamelt, komt naar voren dat slachtoffers zichzelf achteraf vaak verwijten maken. Schaamte en zelftwijfel zorgen ervoor dat mensen hun ervaring niet meteen delen en eerst proberen het probleem zelf op te lossen. Dat versterkt het gevoel van machteloosheid dat veel slachtoffers beschrijven.
Dat verklaart waarom gevoelens van wantrouwen en onveiligheid zo vaak voorkomen bij slachtoffers van online oplichting. De impact zit niet alleen in het verlies van geld, maar in het besef dat het vertrouwen bewust is misbruikt.
Wanneer het misgaat
Wie vermoedt dat er iets niet klopt, doet er goed aan snel te handelen. In veel gevallen is de eerste stap contact opnemen met de bank. Banken monitoren transacties continu en kunnen bij een vermoeden van fraude betalingen blokkeren of tijdelijk vasthouden, zoals ook gebeurde bij Odijk. Wiens bank de transactie tegenhield omdat de ontvangende rekening vaker voorkwam in fraudemeldingen
Daarnaast adviseren zowel de Fraudehelpdesk als de Politie om melding te maken of aangifte te doen, ook wanneer de financiële schade beperkt blijft of het geld is teruggestort. Die meldingen worden gebruikt om patronen te herkennen en andere slachtoffers te waarschuwen. Daarbij is het belangrijk om bewijsmateriaal te bewaren, zoals betaalbewijzen, chatgesprekken en telefoonnummers.
Uit onderzoek van het CBS blijkt dat online oplichting vaak volgens terugkerende werkwijzen verloopt. Toch delen veel slachtoffers hun ervaring niet direct, uit schaamte of het gevoel dat melden weinig zin heeft. Juist dat maakt het probleem hardnekkig: hoe minder er wordt gemeld, hoe lastiger het wordt om oplichting zichtbaar te maken en aan te pakken.
Terugblik
‘Kritisch nadenken is nooit verkeerd – Björn Odijk’
Dataverantwoording
De cijfers in dit artikel komen uit het onderzoek Online Veiligheid en Criminaliteit van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In dit onderzoek wordt aan inwoners van Nederland van 15 jaar en ouder gevraagd of zij te maken hebben gehad met online criminaliteit, zoals online oplichting, en wat dat met hen heeft gedaan. De gegevens zijn verzameld via enquêtes, waarin mensen zelf hun ervaringen delen.
Het CBS voert dit onderzoek eens per twee jaar uit. De gebruikte cijfers hebben daarom betrekking op het meest recente onderzoeksjaar waarvoor data beschikbaar zijn.
Voor dit artikel zijn twee onderdelen uit de CBS-cijfers gebruikt. Het gaat om cijfers over hoe vaak online oplichting voorkomt per leeftijdsgroep en om cijfers over de gevolgen die slachtoffers ervaren. De datavisualisaties laten deze cijfers zien in percentages, zodat verschillen tussen groepen goed te vergelijken zijn.
In de grafiek over leeftijd is te zien welk percentage mensen per leeftijdsgroep slachtoffer werd van online oplichting. Dat laat zien dat online oplichting voorkomt bij verschillende leeftijden. In de visualisatie over emotionele gevolgen is te zien welke gevoelens slachtoffers het vaakst noemen na online oplichting. Daarmee wordt duidelijk dat de impact verder gaat dan alleen financiële schade.
De visualisaties zijn bedoeld om extra context te geven bij het verhaal.
Beeldverantwoording
Alle beelden zijn gemaakt door Marit van Ens