Dag tegen Homofobie is nog steeds broodnodig: “Uitgescholden worden op straat is een packagedeal als je gay bent”

Dag tegen Homofobie is nog steeds broodnodig: “Uitgescholden worden op straat is een packagedeal als je gay bent”

IDAHOT: 'Spreek je uit!' Foto: COC Nederland

ROTTERDAM – Vlaggen hangen vol trots boven cafés, kunst in het thema van een regenboog en fotocampagnes door de stad is hét aanzicht van Rotterdam zodra je het station uitloopt. Zo’n negentien jaar geleden was 17 mei in het leven geroepen als Internationale Dag tegen Homofobie, Bifobie, Transfobie en Interseksefobie (IDAHOT). En niet zomaar, want in 1990 werd op deze dag door de Wereldgezondheidsorganisatie besloten dat homoseksualiteit niet langer bestempeld mocht worden als ziekte. Maar zijn we al waar we moeten zijn?

Als Demi (27) met zijn vriend Jesse (27) over straat loopt wordt duidelijk dat deze dag nog steeds hard nodig is. Vaak uit het zich bij hem in het uitschelden en onveilig voelen op straat. Een opvallende ontwikkeling is dat homofobie op straat vaker wordt geuit door jongvolwassenen. Hij verteld dat dit vaak jongere jongens zijn, juist de mensen die zijn opgegroeid in een samenleving waarbij acceptatie de norm zou moeten zijn. ‘Als ik op straat loop en ik loop langs een groep jongens, zet ik mijn muziek harder zodat ik het niet hoor. Maar als ik dan niet op mijn hoede ben omdat er alleen een oude man zit en hij dan toch iets roept, schrik ik daar toch meer van. Omdat ik het gewoon niet verwacht.’

Waarom dit precies is, weet hij niet zeker. Hij denkt niet dat het te maken heeft met dat de oudere man zich geïntimideerd voelt, maar dat het misschien een soort machtsspelletje is. ‘Ik denk dat iemand zich op zo’n moment misschien beter voelt dan jij en dat even duidelijk wil maken.’

“Ik denk dat geloof en cultuur wel een heel groot iets is wat nog steeds meespeelt in de acceptatie, of het gebrek eraan”

Hij realiseert zich dat in Rotterdam wonen ook wel een ‘risico’ met zich meebrengt. Rotterdam is een diverse stad met ontzettend veel culturen en religies die niet allemaal dezelfde accepterende mening delen over de seksuele geaardheid en genderidentiteit van mensen. Zelf heeft hij, voordat hij naar Rotterdam verhuisde, in Berkel en Rodenrijs gewoond. Hier was het een stuk meer dorps dan in de grote stad. Hier had hij minder last van homofobie, maar dit gold niet voor zijn vriend Jesse. ‘Mijn vriend is ook opgegroeid in een dorp waar hij ook last heeft gehad van homofobie. Dit waren voornamelijk christenen.’

De bouwstenen van onze maatschappij hebben ooit gerust op het Christelijke geloof. Dit is nu niet meer zo, maar toch is er nog een bepaald gedachtengoed lichtelijk verweven in onze samenleving. Demi denkt dat hier nog veel homofobie vandaan komt. ‘Ik denk dat geloof en cultuur wel een heel groot iets is wat nog steeds meespeelt in de acceptatie, of het gebrek eraan. Ik denk dat daarmee ooit de basis is gelegd.’

Dit is in principe geen gekke gedachte. De Grieken en Romeinen uit de Oudheid hadden namelijk voor de opkomst van het Christendom alle ruimte om hun seksuele verlangens tot uiting te brengen, zolang er maar wederzijds respect was.

“Als ik niet iets naar mijn hoofd geslingerd kreeg, voelde dat als een soort overwinning”

Demi woonde eerst in Rotterdam West, waar hij meer last had van homofobie dan dat hij nu heeft. Sinds anderhalf jaar woont hij in Rotterdam Noord, waar over straat lopen minder een obstakel vormt dan in West. ‘Ik ervoer elke dag als ik over straat liep met mijn vriend dat we wel iets naar ons hoofd geslingerd kregen. En als dat dan niet zo was dan voelde dit als een soort overwinning. Dit is zo stom, want daardoor laat je je dag bepalen door wat andere mensen van je denken of vinden.’

Hij moest bepaalde maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat hij en zijn vriend in veiligheid waren. ‘Meestal vermeden we bepaalde straten omdat we wisten dat we daar weer uitgescholden zouden worden.’ Iets terugroepen zit er ook niet in voor hem. Hij weet dat als hij van zich af zou bijten, hij zich in een situatie plaatst waar hij echt onveilig is.

Eerst voelde het voor hem wel als inhouden, maar nu meer als zelfbescherming. ‘Dit vind ik best gek om te zeggen, maar het is nu meer een gevoel van: het hoort erbij. Dat is natuurlijk niet goed, want zo moet het niet zijn, maar het voelt wel een beetje als een packagedeal als je gay bent.’

“We denken dat iedereen allemaal inclusief wordt opgevoed, maar toch blijkt dat dit niet zo is”

Nederland is gezakt op de ranglijst van homoacceptatie. Demi denkt dat dit misschien wel te maken kan hebben met dat er de afgelopen jaren minder actief op gefocust is omdat het allemaal relatief best goed ging. ‘Ik denk dat ze zijn vergeten de focus vast te houden omdat het allemaal wel oké lijkt nu. Maar we zijn er nog niet helemaal. We denken dat iedereen allemaal inclusief wordt opgevoed, maar toch blijkt dat dit niet zo is.’

Zelf heeft hij wel een inclusieve opvoeding gehad. Sterker nog, hij heeft nooit het gevoel gehad dat hij uit de kast moest komen. Bij hem thuis werd dan ook altijd benadrukt dat het niet uitmaakt of hij thuis kwam met een jongen of een meisje. ‘Ik heb letterlijk tegen mijn ouders gezegd dat ik een date had met een jongen. Het enige wat mijn moeder daarop kon reageren was de vraag of ik nog wat koffie wilde. Zo normaal was het.’

Dat de wereld er anders over denkt dan het warme nest waar in hij is opgegroeid, komt als een harde klap binnen. Volgens hem is het daarom extra belangrijk dat iedereen gebruik maakt van diens privilege en het inzet om een ander te helpen. ‘Ik denk dat mensen zoals de hetero-man juist hun macht moeten gebruiken om gemarginaliseerde groepen te helpen. Als ik word uitgescholden op straat en er is een andere man die het voor me opneemt, zou dat zoveel meer verschil maken. Juist omdat het voor jou misschien allemaal prima gaat, is het aan jou de taak om een ander een beetje te helpen bij wie dat niet zo is.’

Verslaggeefster Jessie Meeus sprak met Jesse Cornelissen over zijn werk bij Slachtofferhulp Nederland in verband met de Internationale Dag tegen Homofobie, Bifobie, Transfobie en Interseksefobie. Bekijk het interview hier:

Over de auteur

Levi Hilz

Ik ben Levi Hilz, verslaggeefster voor Nultiener. Ik heb altijd al een grote interesse gehad voor journalistiek, maar dit is pas echt gaan bloeien nadat ik in de organisatie zat van Het Woonprotest. Hier kreeg ik te maken met veel journalisten, kranten en programma's die mijn liefde voor het vak alleen maar deden opbloeien. Ik schrijf graag over maatschappelijk relevante onderwerpen, het liefst over politiek. Naar mijn mening is alles politiek, want als je om je heen kijkt is alles hierdoor bepaald. Omdat ik ook veelzijdig wil zijn als journalist, behandel ik ook weleens vrijetijdsonderwerpen.

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.