Warme zomer op komst: ‘Het is alleen even de vraag of het zo ongeveer een graad of twintig is’ of of we richting dertig graden gaan

Warme zomer op komst: ‘Het is alleen even de vraag of het zo ongeveer een graad of twintig is’ of of we richting dertig graden gaan

Foto: Dennis van Brouwershaven

De zomer wordt vaak geassocieerd met vakanties, muggen en hoge temperaturen. In Nederland kent het zomerse weer echter twee tegenpolen: óf het is heel droog en heel warm, óf het is met korte buien kletsnat. Meteoroloog Roosmarijn Knol legt uit hoe dat komt, het effect van klimaatverandering en wat we de komende zomer kunnen verwachten. 

Waarom is het Nederlandse weer zo wispelturig?

In de zomermaanden waait de warme lucht vanuit Zuid Europa onze kant op. Knol legt uit: “lucht vanuit het Middellandse Zeegebied, dus Spanje of soms zelfs het noorden van Afrika, komt helemaal naar Nederland toe.”  Deze luchtstroming bevat een hoop warmte en wordt bij aankomst in Nederland gecombineerd met de lokale, vochtige lucht. De combinatie van lucht met hoge temperaturen en vochtige lucht zorgt ervoor dat er buien zich binnen een half uur kunnen ontwikkelen. Deze buien bevatten soms onweer en zijn volgens Knol heel plaatselijk. De “lucht die hoge temperaturen bevat” wordt ook in Nederland steeds gebruikelijker door klimaatverandering, met name door de stijging van de zeespiegel.

Deze spiegel stijgt met name aan de hand van de smeltende ijskappen. Waar de ijskappen ooit de warmte van zonlicht weerkaatste wordt deze door onze planeet opgenomen: “als die ijskappen smelten dan betekent dat dat er veel meer zonlicht eigenlijk door de Aarde wordt opgenomen want wit weerkaatst heel veel zonlicht.” 

De temperatuur op de wereld stijgt en er verdampt dus meer zeewater, dat vervolgens wolken vormt en het land van regen voorziet. Dit is niet een ongevaarlijke ontwikkeling, zeker niet voor Nederland. 

De meteoroloog schetst de gevaren voor de toenemende zeespiegel voor Nederland. “Ook als er in de zomer heel veel van die plensbuien komen dan zie je ook wel dat het riool het eigenlijk niet meer aankan, dat de straten onderlopen en dat het water eigenlijk gewoon geen kant meer op kan. We zijn ook hartstikke volgebouwd eigenlijk dus heel veel asfalt, heel veel beton, stoepen; dat water kan eigenlijk geen kant op.”

De laatste jaren is het weer volgens Roosmarijn warmer geworden, maar het weer is ook natter. Dit sluit aan op het klimaatscenario WL (Een warm klimaat met weinig veranderingen in luchtstroom) van het KNMI. 

Het Koninklijke Nederlandse Meteorologisch Instituut heeft een aantal klimaatscenario’s opgesteld om de ontwikkeling van het klimaat enigszins bij te kunnen houden. Dat zijn dus Wl, die tegenwoordig de overhand lijkt te nemen, Wh, GL en Gh. Het WL-scenario betekent dus dat we met warmer en natter weer te maken gaan krijgen in de zomer.

Wat we de komende zomer kunnen verwachten

Toch meent de meteoroloog dat het weerbeeld op dit moment niet heel duidelijk is. Dat komt door mixed signals van de weermodellen die de bureau’s hanteren: “Dat signaal geeft nu nog niet heel sterk aan of het echt een hele warme of juist een hele natte zomer gaat worden dus dat is op dit moment nog een klein beetje koffiedik kijken.” April was een van de koudste gemeten maanden sinds de tachtiger jaren, “dus we hebben een heel koud voorjaar gehad.”

Komende zomer gaat het in ieder geval warmer worden. “Het is alleen even de vraag of het zo ongeveer een graad of twintig is of dat we echt weer naar die dertig graden of meer zal gaan.” Dat ligt aan hoe het weer zich ontwikkelt, aan de hand van de windrichting bijvoorbeeld: “als er een lage drukgebied met heel veel onstuimig weer vanaf de Britse eilanden onze kant op komt zetten, dan kan het zo binnen een paar dagen omslaan.”

Quote in Kader

Weermodellen die worden gemaakt door een aantal weerinstituten zoals het KNMI en wat er eigenlijk gebeurt is een beetje zoals een flipperkast: een balletje begint op een startpositie en die geef je een zetje en dan ga je een beetje kijken welke kant ie oprolt

Als een signaal heel sterk is dan gebeurt het dus dat dat balletje heel vaak de zonnige en droge kant uitrolt. Dan wordt dat signaal dus veel sterker, terwijl als het aan de ene kant die kant op gaat en de andere keer die kant opgaat- dan wordt dat signaal wat vager.

  • Roosmarijn over de voorspelbaarheid van het weer

Over de auteur

Dennis van Brouwershaven

Ik ben student journalistiek.... grandioos.

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *