De achterkant van stations

Gepubliceerd in 2020

In alle steden heeft een station een voor- en een achterkant, soms is die achterkant ook een

“achterstandswijk.” Steden als Amersfoort en Utrecht deden er van alles aan om de

stationsbuurt ook aan die andere kant te verfraaien. Hilversum probeerde al meerdere keren

de wijk rond het Oosterspoorplein, aan de achterkant van het station aan te pakken. Nu het

stedenbouwkundigplan in mei is goedgekeurd en het ernaar uitziet dat de gemeente de

panden rond het Oosterspoorplein zal opkopen, is er eindelijk hoop op verbetering.

Bij de aanleg van spoorlijnen en stations in Nederland is veelal gekozen om het spoor rond

de bestaande stad aan te leggen, later zijn veel steden verder gegroeid om het station heen.

Lange tijd was het zo dat een station een voor- en een achterkant had. Het is een trend van

de laatste jaren dat beide zijden van het station een volwaardig entree krijgen. Ruim dertig

jaar geleden was er de eerste grote verbouwing van Hilversums station. Tijdens de tweede

verbouwing was het voornaamste doel het verbinden van Oost en West, dit door middel van

de fietsers- en voetgangerstunnel. “Helaas heeft deze tweede verbouwing niet de

stedenbouwkundige spin-off gehad, die wel verwacht werd bij de aanleg van de tunnel”,

aldus Wim Voogt, stedenbouwkundige van OKRA en supervisor voor de Hilversumse

spoorzone.

De omgeving rond Utrecht CS onderging een transformatie, en zou wat dat betreft als

voorbeeld voor Hilversum kunnen gelden. De westzijde van het station, de kant van het

Jaarbeursplein, was jarenlang de achterkant. Het plein fungeerde alleen als doorgangsruimte

tussen de Jaarbeurs en het station. Het was het vertrekpunt van internationale busreizen, het

plein werd nauwelijks benut voor recreatie.

De gemeente Utrecht nam landschapsarchitecten in de arm voor de herinrichting van het

plein. Aan het plein is een grote en moderne bioscoop gebouwd, er zijn onderhand

restaurants en koffiebarretjes geopend en er zal een tijdelijk skatepark komen tot het nieuwe

Jaarbeurspleingebouw er in 2020 gebouwd wordt. Het plein is een stuk populairder dan het

tien jaar geleden was. De aangrenzende wijk, Lombok, is in de afgelopen jaren ook enorm

opgeknapt. Toen in 1960 de eerste gastarbeiders naar Nederland kwamen, gingen er veel

van hen in Lombok wonen. Die populatie is vergelijkbaar met de bewoners van de

Hilversumse Geuzenbuurt. Lombok is inmiddels veranderd van een achterstandswijk naar

een van de hipste wijken van Utrecht.

Ook de gemeente Amersfoort nam de achterkant van haar Centraal Station op de schop,

met het Utrechtse Lombok als voorbeeld. In 2008 presenteerde de gemeente een plan om

het Soesterkwartier aan te pakken: “De wijk zal het Utrechtse stadsdeel Lombok naar de

kroon steken als hippe, multiculturele en creatieve uitloop van de binnenstad”, aldus

toenmalig wethouder Arriën Kuyt tegen het Algemeen Dagblad. De wijk wordt stap voor stap

populairder. De waarde van koopwoningen is flink gestegen. Waar de gemiddelde WOZ-

waarde in 2017 nog 185.000 euro was, is dat in 2018 gestegen naar een gemiddelde van

205.000 euro.