Testcase!

Testcase!

“In welk neusgat wil je het wattenstaafje?” vraagt een medewerker van de GGD aan een vriend van mij die als de dood is voor wat er gaat komen. “Maakt mij niet uit, zolang de uitslag van de test maar negatief is, want ik wil naar de voetbalwedstrijd,” is zijn genuanceerde antwoord. Twee minuten daarvoor heb ik het spits afgebeten door als eerste de coronasneltest te ondergaan. Bij mij verloopt de test vlekkeloos en gelukkig komt mijn vriend er zonder kleerscheuren van af. Onderweg naar de voetbalwedstrijd Nederland – Letland krijgen wij onze uitslag binnen op onze telefoon. We blijken allebei negatief.

Dat mijn vriend en ik ons hebben laten testen komt doordat ik twee dagen daarvoor, op dinsdag 17 maart, een pushbericht van de NOS op mijn telefoon krijg: “Tijdens de WK-kwalificatiewedstrijd Nederland – Letland op 27 maart in de Johan Cruijff ArenA mogen 5.000 supporters aanwezig zijn.” Ik open het bericht en lees dat het gaat om een test over hoe voetbalsupporters zich in bepaalde ‘bubbels’ gedragen. Het doel van het experiment is om te bepalen op welke manier grootschalige evenementen met publiek weer op een veilige en verantwoorde manier gehouden kunnen worden.

Sinds de eerste lockdown, in maart vorig jaar, is de Nederlandse voetbalcompetitie stopgezet en na de zomer voortgezet zonder publiek. Sindsdien heeft de voetbalsupporter net zoveel perspectief gekregen als Pieter Omtzigt op zijn rol in het nieuw te vormen kabinet. Maar opeens komt Hugo de Jonge met een mededeling: via sneltesten of een ‘vaccinatiebevestiging’ zal meer mogelijk moeten zijn. In combinatie met de app ‘CoronaCheck Scanner’ kun je weer toegang krijgen tot bijvoorbeeld stadions of festivals.

De vriend en ik willen toch een keer weer naar het stadion en besluiten om twee kaartjes te kopen. Na achteraan in de virtuele file te hebben aangesloten, kunnen we op miraculeuze wijze twee kaartjes kopen. De voorwaarde is wel dat je je vooraf laat testen, je plaatsen krijgt in een bepaalde bubbel en je achteraf nogmaals laat testen. Op zaterdagavond, terwijl onze ogen nog op kwart voor negen hingen, lopen wij als een stel makke lammetjes achter de herder aan om ons te laten testen.

Dat de ‘clubsupporter’ niet staat te springen om zich te onderwerpen aan deze verplichtingen, snapt Gijs de Jong, operationeel manager van de KNVB, ook wel. Maar het is voor zijn organisatie belangrijk, omdat Amsterdam een van de speelsteden van het EK Voetbal is, dat in verschillende landen wordt georganiseerd. En de UEFA, verantwoordelijk voor het EK, heeft al aangegeven dat het niet wenselijk is om de wedstrijden zonder publiek te spelen.

Gelukkig blijkt de test negatief en staan wij even later voor de ingang van onze ‘bubbel zes’. Ik moet heel even goed in mijn ogen wrijven en in mijn wang knijpen: “Bubbel zes betekent dat je alles mag en gewoon bier zuipen!” Wij sluiten aan in de rij, krijgen een kleine bierdouche over ons heen en gaan naar binnen. Terwijl wij via de omloop in vak 127 komen, komt de bekende geur van het gras, het beton en het bier weer naar boven. Maar dan komt het besef: je vrienden van het vak, de harde kern, en ook jij zelf zullen nooit elke keer een sneltest ondergaan met allerlei QR-codes om een wedstrijd te zien.

De harde kern heeft een duidelijke boodschap afgegeven op social media: óf iedereen óf niemand! Bij thuiskomst tref ik mijn seizoenkaart van Ajax in eenzaamheid en onder een laag stof aan in een ladekast. Op de terugweg had ik het erover met de vriend: “Elke wedstrijd, zeventien keer uit en zeventien keer thuis, moeten we dus dit gedoe in totaal vierendertig keer ondergaan.” Toen moest ik terugdenken aan de wattenstaaf van vanochtend: dit elke keer voor een voetbalwedstrijd: aan mijn lijf geen polonaise!

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *