De Utrechtse werfkelders: ‘Er is altijd wat te rommelen’

De Utrechtse werfkelders: ‘Er is altijd wat te rommelen’

Op de werf aan de Oudegracht met bewoner Maarten Jongsma

De Utrechtse werfkelders zijn de laatste tijd vaak in opspraak gekomen. De Gemeente Utrecht is momenteel druk bezig met het onderhoud van wal- en kluismuren en het herstel van kelders, maar de restauratie verloopt niet altijd even soepel. Vorige week viel er nog een kraan om in de Nieuwegracht. Ook duren de werkzaamheden langer dan gedacht en is het budget al overschreden. Dit komt mede door de complexiteit van de werfkelders. Wat maakt de Utrechtse werfkelders dan zo complex?

De aanleg van de eerste werfkelder vond rond 1150 plaats. Deze ging als opslagruimte dienen. Voorheen moesten werklieden de goederen vanuit de gracht omhoog brengen om ze vervolgens weer naar de kelders van de grachtenpanden te sjouwen, maar dit was ontzettend veel werk. De werfkelder bracht hier verandering in en dit concept werd dan ook al snel door anderen overgenomen. Wat de Utrechtse werfkelders uniek maakt, is het lage waterpeil van de grachten. Op geen enkele andere plek is de combinatie van grachten en werven mogelijk, behalve in Utrecht.

Ingewikkeld proces
Vandaag de dag worden de werfkelders niet langer voor hun originele functie gebruikt. Daarom worden veel werfkelders omgebouwd van opslagkelder tot een bewoonbare ruimte. Architectenbureau Lukas de Jong Architectuur verricht deze werkzaamheden in Utrecht al decennialang. Bij deze projecten komt een hoop kijken. ‘Het is een ingewikkeld proces van trial and error dat door de eeuwen heen de plaats en vorm van de kelders heeft bepaald’, zegt Lukas de Jong.

‘Er zijn verschillende fases die we doorlopen. We beginnen met het opzetten van een bestemmingsplan, de ruimte wordt in kaart gebracht en er wordt een ‘voor en na’ ontwerp gemaakt. Daarna vragen we de installaties op. Dat zijn archieven waarin staat wat er eerder aan de werfkelder is gedaan. Is het bijvoorbeeld al eerder waterdicht gemaakt? Vervolgens vragen we een vergunning aan bij de gemeente die uiteraard goedgekeurd moet worden voordat we kunnen beginnen. Ook leggen we contact met de afdelingen erfgoed en archeologie van de gemeente. Er moet dus een hoop geïnventariseerd worden’, vertelt Lukas de Jong.

Uitdaging
Het bestemmingsplan is dus al redelijk gecompliceerd, maar het uitvoeringsproces brengt nog veel meer uitdagingen met zich mee. ‘De werfkelders zijn uit particulier initiatief gebouwd. Oftewel: iedere kelder is anders. En de basis van sommige kelders is minder dan van andere kelders, omdat niet iedereen toen over dezelfde bouwvaardigheden beschikte. Daarnaast moeten wij lekkage, scheuren of zelfs verzakkingen verhelpen, maar in sommige gevallen durven wij de klus niet aan. Ik had jaren geleden met een kelder te maken die niet meer te redden was.’

Werfkelders waarbij sprake is van instortingsgevaar zijn vaak minder goed gebouwd. Ze hebben een dunnere laag stenen, waardoor het gewicht van het vrachtverkeer bovenop de straat sneller schade aanricht. In sommige werfkelders liggen de stenen ook anders, waardoor het plafond minder stevig is dan in andere kelders. Al deze factoren hebben invloed op de complexiteit van de renovatie. ‘Je moet vindingrijk zijn bij dit soort projecten. Werfkelders bevinden zich nou eenmaal buiten de standaard.’

Aan de werf
Lukas de Jong Architectuur bevindt zich zelf ook in een werfkelder. Het architectenbureau is een van de oudste werfkelders aan de Oudegracht. Het heeft hele dikke muren. De ruimte is relatief smal en het gewelf, het plafond, is redelijk laag. De fundering ligt heel ondiep, zoals dit ook het geval is bij veel andere werfkelders. ‘Deze werfkelder ligt in rak 10. Een rak is het gedeelte tussen twee bruggen. In totaal zijn er hier 27 rakken’, legt Lukas uit. Door een gebrek aan onder andere vloerverwarming is er in deze werfkelder sprake van aardig wat vochtoverlast. Op de muren zijn op meerdere plaatsen vochtplekken te zien. ‘We storen ons er niet zo aan’, zegt Lukas lachend.

Eeuwig werk
Lukas de Jong heeft dus de volgende taken: hij werkt aan het bestemmingsplan, aan de ontwerpen en hij houdt contact met de klant en de gemeente. Daarnaast legt hij de plannen voor aan de gemeente voor goedkeuring en om zo vergunningen te kunnen verkrijgen. Ook houdt hij op locatie soms het overzicht. ‘Ik heb al jaren aan ervaring opgedaan. Ik heb al van alles gezien. Bij het afgraven van de vloer van een werfkelder heb ik zelfs een keer een Romeins vest gevonden. Dit vak heeft veel kanten. Het is interessant en wisselvallig. Er is eeuwig werk. Er valt altijd wel wat te rommelen.’

Bekijk hieronder het interview met werfkelderbewoner Maarten Jongsma over de unieke omstandigheden van wonen in een werfkelder.

Over de auteur

Effie Bikker

Mijn naam is Effie Bikker. Ik ben geboren en getogen in een dorpje genaamd Sliedrecht en ik studeer journalistiek aan de Hogeschool Utrecht. Schrijven is mijn grote passie en dat kan je merken bij het lezen van mijn artikelen. Het is mijn droom om uiteindelijk muziekjournalist te worden.

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.