FC Utrecht vanuit een rode fauteuil in plaats van een rood kuipstoeltje

FC Utrecht vanuit een rode fauteuil in plaats van een rood kuipstoeltje

Het was zover, zondag 27 september speelde FC Utrecht zijn tweede wedstrijd van het eredivisie seizoen, ze speelde tegen RKC Waalwijk. Het was tevens de tweede wedstrijd van de Utrechtse club die ook te zien was in de Pathé bioscoop in Leidsche Rijn.

Door de corona maatregelen is het aantal bezoekers dat in stadion Galgewaard is toegestaan drastisch verminderd, Pathé komt fans tegemoet door alle eredivisiewedstrijden van FC Utrecht in de bioscoop te vertonen. Een kaartje kost 8 euro en vijftig cent.

Langzaam druppelen er wat bezoekers de, naar popcorn geurende, zaal in, ‘als je op je plek blijft zitten komt alles goed’, zegt mark feenstra, de Pathé medewerker die iedereen laat zien waar zijn of haar stoel is. De welgeteld 17 bezoekers nemen plaats op de grote, rode, zachte fauteuils, die toch net iets comfortabeler zitten dan de kleine, harde kuipstoeltjes in het stadion.

Bij de hele voorbeschouwing en bij de aftrap om half drie waren de lichten aan, even was er de twijfel of ze wel uitgingen, maar ruim vijf minuten na dat de wedstrijd was begonnen gingen de lichten dan toch uit en kon de bioscoop ervaring beginnen. Het leek of de bezoekers nog even moesten wennen aan de nieuwe setting. Normaal hoor je, ook als je via een scherm kijkt, de spreekkoren uit het stadion klinken, maar door het verbod op juichen en zingen in het stadion hoor je alleen de het tikken van de bal en de commentator. Na ongeveer twintig minuten naar een doelpuntloze wedstrijd te kijken begon het te roezemoezen, op één van de achterste rijen van één van de gesprekken goed te volgen, ‘het matras was helemaal vies, ze voelde zich kapot schuldig’, blijkbaar was de wedstrijd nog niet interessant genoeg.

Als de wedstrijd op gang is zijn de bezoekers dat ook, er wordt zachtjes aangemoedigd. In de veertigste minuut is daar het eerste doelpunt voor FC Utrecht, gemaakt door Mimoun Mahi, er klinkt applaus in de zaal en in het stadion wordt er op de stoelen getrommeld. Niet veel later wordt er gevloten, de eerste helft zit erop.

In de pauze gaan de lichten aan en de bezoekers verlaat de zaal om een versnapering te halen. Bijna iedereen komt terug met een biertje, sommige zelfs met twee. Het is even wachten voordat de tweede helft begint. Op de vraag “hoe het vind je het om in de bioscoop voetbal te kijken?” antwoord de 8 jarige Djaro Braaf, terwijl hij een handje popcorn in zijn mond stopt, ‘leuk’, na een pauze voegt hij toe: ‘ik wil ook wel een keer naar het stadion, volgens mij ga ik daar volgende keer heen’.

Als de tweede helft begint is het een stukje luider in de zaal dan bij de eerste helft, het bier zal daar vast een rol in spelen, de “oeh’s”en “ah’s” zijn vast buiten de zaal te horen. Als Vitalie Damascan in de 59ste minuut de gelijkmaker voor RKC scoort is het muisstil in de zaal, het blijft rustig tot Gyrano Kerk in de 74ste minuut de 2-1 voor Utrecht maakt, dit keer wordt er luider geapplaudisseerd dan bij de eerste goal. In de 85ste minuut maakt Sander van de Streek de 3-1 voor Utrecht en is de winst bijna verzekerd. Vanaf dan is het ook rumoerig in de zaal en zeven minuten na de laatste goal klinkt het fluit signaal, einde wedstrijd.

Niemand staat gelijk op, de jongens op de rij achterin discussiëren over wie de beste speler was en Djaro kletst nog wat met zijn vader. Er zijn drie mensen die opstaan en met hun handen vol lege bierflesjes richting de uitgang van de zaal lopen, als ze voorbijlopen komt er een zure walm achter hen aan. Dan verlaten ook de jongens en Djaro met zijn vader en vriend de zaal, de volledige na beschouwing zou te zien zijn als er iemand was gebleven om te kijken, maar dat was niet het geval.

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *