De carrière-loop van Marike Stellinga én extra tips voor de beginnende journalist

De carrière-loop van Marike Stellinga én extra tips voor de beginnende journalist

Marike Stellinga is econoom en politiek verslaggever. Ze heeft meerdere malen aan tafel gezeten bij Op1 en Pauw en Witteman. Zo legt ze vooral de afgelopen maanden uit wat de invloed van corona is op onze economie. Daarnaast is ze óók journalist bij de NRC. Vóór de aanvang van het interview, leidt ze het gesprek in met een leuke anekdote over haar eerste baan als journalist. Marikes collega’s vertelden haar dat ze prima op haar plek zat, wat betreft haar keuze om journalist te worden. Toen ze vroeg waarom, kreeg ze als antwoord: ‘Omdat jij voortdurend je eigen collega’s vragen stelt en interviewt.’
Wat heeft Marike Stellinga verder gedreven om econoom en politiek verslaggever te worden en wat heeft ze in het afgelopen decennium gedaan en geleerd?
 

Waarom koos je voor economie? 

Op de middelbare school vond ik bètavakken veel moeilijker dan taalvakken, ik was er niet goed in. Maar toch interesseerden die vakken mij het meest. Bèta’s kunnen bruggen bouwen en medicijnen uitvinden, zij hebben waardevolle kennis. Economie was voor mij een middenweg: niet te moeilijk, maar toch een beetje exact. Ik studeerde eerst politicologie maar dat vond ik niet exact genoeg. Dus koos ik voor economie. Ik studeerde macro-economie (economie gericht op het land) én financiële economie (over de prijsvorming op effectenmarkten). Ik heb een half jaar stagegelopen in Indonesië. Ik woonde daar als kind en ik wilde daarnaar terug. Daar ben ik journalistieke verhalen over de Aziëcrisis gaan schrijven en toen bedacht ik me dat journalistiek eigenlijk perfect voor me was. 

Hoe ben je dan in de journalistiek terechtgekomen? 

Terug in Nederland heb ik veel kranten en weekbladen een opiniestuk over de Aziëcrisis gestuurd. Ik kreeg leuke reacties: wat schattig, zei een weekbladredacteur die me opbelde. Maar mijn opiniestuk plaatsten ze niet. Ook het Financieel Economisch Magazine belde: ze wilden zichzelf veranderen in een Nederlandse versie van Business Week. Of ik wilde solliciteren als journalist. Daar ben ik aangenomen. Ik vind economie leuk als er politieke discussie over is, en politiek leuk als het over sociaaleconomische kwesties gaat. Dus ik heb me altijd bewogen tussen de politieke en economische journalistiek in. 

Wat zijn de belangrijkste momenten in je carrière geweest? 

Mijn overstap naar de economie-redactie van het weekblad Elsevier was zeer belangrijk. Ik vond daar journalistiek die bij me paste: niet de microfoon weggeven aan deskundigen en belanghebbenden, maar kan je zelf in de feiten en cijfers uitzoeken hoe het zit? Mijn boek uit 2009 De Mythe van het glazen plafond was belangrijk, net als mijn vele tv-optredens die rond die tijd begonnen. Het boek omdat het heerlijk is een keer heel uitgebreid over één, weliswaar breed, onderwerp te schrijven. De tv-optredens omdat het ontzettend leerzaam is te bedenken wat nou de kern is, in simpele woorden, van een ingewikkeld verhaal dat je wil vertellen, zonder dat iedereen wegzapt. En dan mijn overstap naar NRC Handelsblad, waar ik de balanceerkunst van de dagbladjournalistiek leerde: inspelen op het nieuws van de dag, zonder je eigen lange termijn projecten uit het oog te verliezen. Zeer belangrijk, zeer mooi en zeer leerzaam waren mijn vier jaar in de hoofdredactie van NRC (2012-2016), waarbij ik om de week de adjunct-hoofdredacteur was, die de krant en de sites maakte met al die geweldige journalisten en redacteuren in binnen- en buitenland.

Wat zou je de beginnende journalist adviseren? 

Er zijn geen domme vragen, wees nooit bang om een simpele vraag te stellen. Toen ik net begon sloeg ik de meest basale vragen nog wel eens over in een interview met een econoom of een bankier ofzo. Omdat ik dacht: het antwoord is zo evident. Maar dat hindert je bij het schrijven van een goed verhaal. Want je schrijft voor een lezer die dat allemaal níet weet. En, vaak zijn ogenschijnlijk simpele vragen heel moeilijk om te beantwoorden. Dus stel de vragen die in je opkomen, laat je niet hinderen door de gedachte: is dit een domme vraag? 

Probeer grip te krijgen op het vraagstuk waarover je schrijft. Dat is geen verspilde moeite: kennis die je opdoet, maakt je een betere journalist. Het helpt als journalist om veel te weten over het onderwerp wat je aankaart. Ik kan pas met een goed gevoel een stuk schrijven als ik er echt grip op heb. Ik kan dan met volle overtuiging mijn stuk schrijven. Natuurlijk gaat dat niet altijd bij een krant waar je snelle deadlines hebt, maar toch probeer ik dat altijd voor mezelf te bereiken. Het is niet alleen heel goed voor mijn eigen kennis, maar ik voel ook dat mijn stukken er beter op worden 

Nog een leuk weetje: mensen praten graag over zichzelf, hun beroep, hun kennis. Maak daar gebruik van. 

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *