Somberheid, angst en stress. Studenten dreigen in pandemie door het ijs te zakken.

Somberheid, angst en stress. Studenten dreigen in pandemie door het ijs te zakken.

Studenten vormen een groep die extra zwaar gebukt gaat onder het coronajuk. Eenzaamheid, angst en depressies liggen op de loer. Zelfs in Den Haag lijken deze zorgen nu door te dringen. Op onderwijsinstellingen in Utrecht slechts gedeeltelijk.

Vandaag (24 november) stuurde minister van onderwijs Ingrid van Engelshoven een brief naar de Tweede Kamer waarin zij haar zorgen uit. ‘Studenten hebben het zwaar in deze tijd’, schrijft de minister. ‘Het thuis studeren wordt door het merendeel van de studenten als lastig ervaren en studenten laten weten te maken te hebben met stress en depressieve klachten. Ook maken studenten zich zorgen over hun studieverloop en de toekomst.’

Nadat een maand eerder GGZ Nederland ook aan de bel trok is dit wederom een signaal op nationaal niveau dat er aandacht moet zijn voor de situatie van studenten. Uit de brief van de minister blijkt dat studenten het vooral zwaar hebben omdat zij sociale contacten en de interactie met docenten missen. Eerstejaars studente Interdisciplinaire Sociale Wetenschappen Ylse Muller herkent dit: ‘De behoefte aan sociaal contact bij eerstejaars is gewoon heel groot. Maar ik zit nu steeds in het zelfde online groepje dus heb ik niet de kans meer mensen te ontmoeten. In totaal ben ik dit jaar pas drie keer op de faculteit geweest.’

Muller studeert aan de Universiteit Utrecht (UU), alhoewel de Universiteit aangeeft 30 procent van het onderwijs op locatie te mogen organiseren merkt zij hier weinig van terug. Marieke de Bakker, afdelingshoofd studentenzaken aan de UU, benadrukt dat ze op de UU wel veel waarde hechten aan fysieke les, ‘We kijken reikhalzend uit naar versoepelingen. Kantoorpersoneel kan prima nog een tijdje thuiswerken maar we willen absoluut studenten weer zo snel mogelijk naar de universiteit laten gaan.’ Ook Eline Terpstra, secretaris van de landelijke studentenvakbond (LSVB), pleit voor meer fysiek onderwijs. ‘Sommige eerstejaars hebben de campus nog nooit gezien. We vinden het belangrijk dat iedereen het gevoel van echt studeren ervaart maar ook dat studenten het gevoel hebben dat ze het niet alleen doen om zo de eenzaamheid te verminderen.’ Op de Hogeschool Utrecht (HU) mag net als op de universiteit 30% van het onderwijs op locatie gegeven worden. Het lijkt hier goed te lukken om fysieke lessen te realiseren. Volgens Eveline Eckelboom, teamleider Studentenbegeleiding, wordt er op de HU hard gewerkt om nog meer mogelijk te maken qua fysiek onderwijs. ‘Vanaf het tweede blok zijn de mogelijkheden hiervoor verruimd. Ook wordt er gekeken naar mogelijkheden om studenten in kleinere studiegroepjes op school aan gezamenlijke opdrachten te laten werken.’

Niet alleen minister Van Engelshoven trok aan de bel. Eerder al waarschuwde Jacobine Geel, voorzitter Nederlandse GGZ, in een rapport dat jongeren dreigen door het ijs te zakken. Bij de UU herkennen ze zich niet in dit beeld. Marieke de Bakker geeft wel aan dat uit intern onderzoek blijkt dat studenten somberder zijn en meer stres ervaren. Maar ze brengt wel een nuance aan: ‘Een dipje hebben is iets anders dan bijvoorbeeld een klinische depressie.’ Drukte op het decanaat en bij de studentenpsychologen linkt ze verder vooral aan de tijd van het jaar, ‘Het is altijd drukker in de periode tussen het eerste tentamen en kerst.’ Ook de studievertraging valt volgens haar mee: ‘Dat zie je toch voornamelijk op de opleidingen waar stages of co-schappen gelopen moeten worden, maar over het algemeen genomen ziet het er nu nog heel goed uit.’

Opvallend want ISO, de grootste overkoepelende studenten organisatie van Nederland, signaleerde afgelopen zomer al dat 54.000 studenten vanwege corona met studievertraging te kampen hadden. Ook zou je meer drukte verwachten omdat het aantal studenten met angst en depressie klachten steeg. Van 25 naar 30 procent, afgaande op onderzoek van Tilburg University.

Op de HU merken ze wel dat het bij het decanaat iets drukker is. ‘We hebben nu het idee dat al eerder in het jaar meer studenten zich melden met mentale problemen’ vertelt Eveline Eckelboom. Ze is ook bezorgd over de studenten die zich juist niet melden. ‘We zien dat studenten toch eerder de binding met de opleiding dreigen te verliezen. Ze verdwijnen ook eerder van de radar denken we, door het online onderwijs hebben docenten toch minder zicht op wat er speelt.’ Eline Terpstra, van de LSVB, beaamt dat zij deze zorgen delen. ‘Het is een gevaar dat sommige studenten van de radar verdwijnen, op afstand wordt het contact ook gewoon afstandelijker.’

Annelies Aquarius, voorzitter van de sectie studentenpsychologen bij het NIP (Nederlands Instituut Psychologen) schetst een duidelijk beeld van de problematiek waarmee studenten zich in deze tijd melden: ‘We horen met name klachten op het gebied van eenzaamheid, stemming, gebrek aan motivatie en concentratie, en gebrek aan dagelijkse structuur. Of dit direct met het veranderende onderwijs te maken heeft, is lastig te zeggen. Wat zeker wel meespeelt is het verminderde contact met medestudenten.’ Het belang van af en toe fysiek contact hebben blijft terugkomen. Minister van Engelshoven wijst in haar brief specifiek op initiatieven die dit bevorderen, bijvoorbeeld sportactiviteiten op grote locaties te organiseren. Ook roemt zij het buddysysteem van Universiteit Maastricht, waarin studenten gestimuleerd worden meer naar elkaar om te kijken.

Utrechtse studenten aan de HU en UU moeten het voor nu toch vooral met online initiatieven doen. Studente Ylse Muller begrijpt dat het lastig moet zijn voor haar opleiding om zich opeens met dit soort zaken bezig te houden. Maar ze hoopt toch op wat creatievere oplossingen: ‘Ze hebben het wel geprobeerd, maar de zoveelste online pubquiz of proeverij is nu ook wel uitgekauwd en daar kwamen dan ook weinig mensen op af.’

Toch wordt er op beide instellingen hard gewerkt aan studenten welzijn. Zowel de Bakker als Eckelboom zijn overwegend positief over het beleid van hun opleidingsinstellingen. ‘We zitten gelukkig in financieel gunstige tijden’ zegt De Bakker. ‘Er is een impuls van twee miljoen naar onze opleidingen gegaan. Ook sturen we een nieuwsbrief met tips en mogelijkheden voor hulp. Daarnaast hebben we een speciale Wellbeing Week georganiseerd in samenwerking met de HU.’ Het blijft echter schipperen tussen ideeën en wat de coronamaatregelen in praktijk toelaten. Dit vergt een bijzonder creatieve manier van denken om toch de gedroomde binding met opleiding en medestudenten te creëren. Eline Terpstra (LSVB) pleit ervoor vooral van elkaar te leren: ‘Opleidingsinstellingen moeten proberen de zogeheten good practices van elkaar over te nemen.’

Voor de student in Utrecht is het hopen dat de onderwijsinstellingen de grootte van het probleem niet bagatelliseren en open blijven staan voor nieuwe en innovatieve ideeën zodat er alles aan gedaan wordt iedereen zo goed en kwaad als het kan toch dit lastige studiejaar door te slepen.

Volgens Eveline Eckelboom hoeven studenten aan de HU zich hier geen zorgen over te maken. ‘Ze kunnen er op rekenen dat de instelling open staat voor nieuwe en innovatieve ideeën. Er is bij de HU veel aandacht voor studentenwelzijn, het delen van good practices, het betrekken van de studenten, werken aan binding met de opleiding en het fine-tunen van een passend begeleidingsaanbod. Een goed voorbeeld van het laatste zijn de online supportgroepen en de HU StudieHuiskamer, dat een vaste plek om te studeren aanbiedt (vaste structuur, vaste groep en vaste begeleider) voor studenten met studievertraging.’

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *