Steeds meer gedetecteerd: De invloed van amateurdetectoren

Steeds meer gedetecteerd: De invloed van amateurdetectoren

Iemand met een metaaldetector en een schep die een bodemvondst zoekt.

Het aantal mensen in Nederland dat als hobby met een metaaldetector op pad gaat neemt sinds de coronacrisis steeds meer toe, zo blijkt ook uit het fors toegenomen aantal meldingen dat de Explosieve Opsporingsdienst Defensie (EOD) ontvangt. Naast oorlogsexplosieven, worden ook regelmatig allerlei andere historische bodemvondsten gedaan door amateurdetectoren. Welke bijdrage levert deze toename van amateurdetectoren aan onze kennis over historische cultuur?

Een kreet van blijdschap of “Pfff… alwéér een bierblikje!”, je weet vooraf nooit waar de metaaldetector op reageert. Bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed ontvangen ze veel meldingen van vondsten die met de metaaldetector worden gedaan. Daar geldt namelijk een meldplicht voor. Dolf Muller, woordvoerder van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed vertelt over de melding die hem het meest bijstaat: “Een illegale vondst door amateurdetectoren die een oud wagengraf vonden. Dat is een issue dat nog speelt dus daar kan ik niet zo heel veel over zeggen op dit moment, maar het is ook een spectaculaire vondst. Echt een kar met wielen, meestal kreeg een belangrijke man zo’n graf.” De vondst was illegaal omdat de detectoramateurs op verboden gebied gingen graven en ook dieper dan wettelijk is toegestaan. “We zijn er achter gekomen doordat ze de vondsten probeerden te verkopen, toevallig ook aan een archeoloog en zo is het balletje een beetje gaan rollen.”

Iemand die zelf veel bodemvondsten voorbij ziet komen is Channa Cohen Stuart, Gemeente Archeoloog bij Gemeente Wijk bij Duurstede. “Als gemeentearcheoloog ben je de schakel tussen alle verschillende opgravingen en eigenlijk al het archeologisch onderzoek dat in de gemeente plaatsvindt. Daarnaast heb je natuurlijk ook de functie om het verhaal van de archeologie aan de inwoners te vertellen. En zeker voor Wijk bij Duurstede is dat van belang omdat bijna overal waar je hier een gat graaft, is het raak. Deze plaats heeft namelijk een zeer langdurige en rijke geschiedenis en was in de vroege middeleeuwen bijvoorbeeld de grootste handelsstad van Noordwest Europa. Er komen dus ook veel mensen op af om hier te pieperen. Helaas is niet iedereen is op de hoogte van de regels. Bovendien is het van belang dat je je vondsten meldt. Daar hebben wij een geweldig mooi systeem voor met de naam: Portable Antiquities Netherlands (PAN). Daar kan je je vondsten melden en daar kunnen ze ook gedetermineerd worden. Dus zo kan je er zelf ook achter komen wat je gevonden hebt.”

Een partij die hier aandacht aan besteed is DDA Nederlandse Vereniging voor Metaaldetectie, zo verteld Kees Leenheer, hoofdredacteur van DDA. “Onze vereniging heeft als doel het verbeteren van de verstandhouding tussen detectoramateurs en (amateur)archeologen en het bevorderen van meldingen van vondsten gedaan met een metaaldetector aan de bevoegde instanties.” Daarnaast organiseert de vereniging speciale zoekdagen. “Dat doen wij op hele grote akkers, gemiddeld komen daar zo’n 300 zoekers op af. Wij verstoppen penningen in de grond en daar is een wedstrijd aan verbonden. Ook zijn er altijd deskundigen aanwezig die je meer kunnen vertellen over je (meegebrachte) vondsten.”

Luister hieronder de reportage:

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.