Het Groene Hart of een rotte kern?

Het Groene Hart of een rotte kern?

Standbeeld van BLM-activiste in Bristol

‘Hey meisje, waar kom jij vandaan?’. Ik hoor het vaak genoeg. Het lijkt zelfs een favoriete openingszin te zijn van vreemdelingen die voor welke reden dan ook een interactie met mij aan willen gaan. Ik snap de gedachte erachter niet zo goed en vraag me vaak af of die wel bestaat, of er wel over nagedacht wordt. 

‘Drenthe’, is mijn antwoord als ze niet snel met iets creatievers komen, al weet ik dat dat niet is wat ze bedoelen. Het is geen gelogen antwoord, ik ben in Drenthe opgegroeid. Tussen de weilanden en koeien woonde ik en ik leek wel het eindresultaat van gemengde koeienvlekken; niet echt wit, ook niet echt zwart. Tegenwoordig noem ik mezelf liefdevol ‘karamelkleurig’. Maar vroeger was dat anders, want tussen de weilanden en koeien woonden er weinig zoals ik. Iedereen was er roze met geel haar en blauwe ogen zoals ik dat als kind ooit aan m’n moeder omschreef. Huilend. Want zo wilde ik er ook uitzien. Zoals de rest. 

Zoals kinderen dat doen groeide ik op en nu is er die ‘volgende fase’. Meisje van het platteland verhuisd naar de stad om een nieuw leven op te bouwen. Om journalistiek te gaan studeren en om nieuwe inzichten te krijgen. Om door journalistieke ogen te kijken, die koeien en weilanden als geen ander kennen maar nu een stadsgezicht voorgeschoteld krijgen. Door andere ogen kijken, want de wereld laat hier iets anders zien. Hier ben je een racist als je geen mening zegt te hebben over de zwartepietendiscussie. In Drenthe was het een schandaal dat die lui uit de stad een kinderfeest kwamen verpesten met hun protesten, en uit protest waren de ‘roetvegen’ bij ons altijd compleet bedekkend. Ik als stukje fudge voelde me er niet persoonlijk door beledigt, maar ik snapte ‘die stadslui’ wel. Er klopte iets niet helemaal aan. Al wist ik nog niet precies wat dat was, wat ik ervan vond en wat ik ermee wilde.

Weer een fase verder woon ik als journaliste in spe in het Groene Hart van Nederland en vanuit dat nieuwe perspectief bezocht ik de laatste Coronavrije Sinterklaasintocht van het meest gemiddelde dorp van Nederland; Woerden. Tot mijn verbazing waren alle pieten er zwart. Ik sprak met de fanfare, die over straat liep in matchende pietenpakjes met matchende compleet bedekkende ‘roetvegen’ op hun gezicht, over hun mening en de algemene mening van Woerden tegenover de zwartepietendiscussie. Het was dat ze ABN spraken, anders had ik gedacht dat ik terug in Drenthe was geweest. 

Elke Woerdenaar die ik ernaar vroeg vertelde me geen enkel persoon te kennen dat naar een BLM protest was geweest. Een jonge jongen met Marokkaanse afkomst legde uit dat er wat frictie was in het stadje tussen ‘racisten’ en buitenlanders. Hij zei ook dat er etnisch geprofileerd werd door de politie in Woerden en een politieagent met migratieachtergrond die ik verderop in de straat sprak kon dit niet ontkennen. Voor zijn carrière als politieagent had hij er zelf nota bene mee te maken gehad binnen Woerden. 

Toch zie ik ook andere dingen in deze stadse omgeving dan de voor mij bekende, dorpse houding die Woerden liet zien. Mijn eigen kleur is in al deze tijd in Utrecht nog nooit als nadeel gebleken of zo behandeld. Sterker nog, men is hier soms jaloers op mijn huidskleur. Ik krijg complimenten in plaats van beledigingen naar m’n hoofd geslingerd. Ik word hier aangekeken met enigszins kleurenblinde ogen door die stadslui en als ik opkijk zie ik al mijn favoriete kleuren (om de Black Pumas even te quoten uit hun nummer Colors). Ik woon zelf niet in het oh zo gemiddelde Woerden maar in de ‘probleemwijk’ Overvecht waar soms weinig vertrouwen voor de mensen is, vooral van buitenaf. Aan de binnenkant ziet dat er anders uit. Alle kleuren die je maar kan bedenken zijn er te vinden, afkomstig uit alle hoeken van de wereld, en vredig wonen ze samen. Als 1. Alsof ze kleurenblind zijn. 

En dan denk ik: wat zou het toch mooi zijn als iedereen dat was. Kleurenblind. Wat zou het toch mooi zijn als iedereen zonder oordeel naar iemand kan kijken. Of voor het oordeel geveld wordt ten minste verder kijkt dan de oppervlakte, verder dan de huid. Waarom de mens onder die huid minder belangrijk is voor sommigen snap ik tot op de dag van vandaag niet. Ik hoop op een betere morgen.

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *