Gemeente Rotterdam werkt aan betere aanpak seksuele straatintimidatie

Gemeente Rotterdam werkt aan betere aanpak seksuele straatintimidatie

Tijdens de gemeenteraadsvergadering van Gemeente Rotterdam op 27-5-2021 is de motie ‘Aanpak seksuele straatintimidatie’ besproken middels een kort debat. Deze motie is onderverdeeld in 3 moties; ‘OV-verbod daders straatintimidatie’, ‘Wettelijk kan het! Dus leg gebiedsverboden op aan de veelplegers van seksuele intimidatie’ en ‘Laat Femme de la Rue zien op scholen’. Het college staat achter de moties en is actief bezig met de preventie en maatregelen.

Na al meer dan zeven uur vergaderd te hebben komt de motie ‘Aanpak seksuele straatintimidatie’ aan bod tijdens de online gemeenteraadsvergadering. Het betreft de bespreking die voort komt uit drie andere moties met betrekking op de preventie en bestraffing van de seksuele straatintimidatie op de straten van Rotterdam. Als eerste geeft burgemeester en voorzitter Aboutaleb het woord aan T.B. Versnel van de VVD. ‘Eén op de twee Rotterdamse vrouwen heeft te maken met seksuele straatintimidatie, dit is niet normaal. . Daarom moeten we preventief jongerenwerk sterk betrekken bij de aanpak van die straatintimidatie. Zij kunnen hopelijk tot die jongens laten doordringen dat we het in deze stad niet normaal vinden hoe zij met vrouwen omgaan.’ verteld Versnel met een serieuze en forse toon in zijn stem. Ook vindt hij dat ouders meer betrokken moeten zijn om dit mee te geven in de opvoeding. Plat verwoord hij dat kinderen ‘op hun flikker moeten krijgen’ als ze verkeerd met vrouwen om gaan. Preventie alleen is niet genoeg; ‘ We gaan in afwachting op de strafbaarstelling door de Tweede en Eerste Kamer niet op onze handen zitten. We dienen een motie in om notoire daders van seksuele straatintimidatie aan te pakken en gebiedsverboden voor uitgaansgebieden aan ze op te leggen. Ook dienen we een motie in om samen met de RET stappen te gaan zetten naar een OV-verbod voor veelplegers van seksuele straatintimidatie.’ aldus Versnel.

Vervolgens wordt het woord aan S.F. Lammering van de PvdA gegeven. Hij en de fractie vinden het frustrerend dat vrouwen en LHBTI’ers zich niet veilig voelen op de straten van Rotterdam. De PvdA vindt dat er vooral gekeken moet worden naar de mannen die niet snappen wat voor impact hun gedrag heeft en vindt dat zij geconfronteerd moeten worden met de gevolgen. ‘We vinden inzet op gedragsverandering eigenlijk het aller belangrijkste maar we vinden ook dat verkeerd gedrag consequenties moet hebben. Vandaar dat we de moties MBT het OV- en gebiedsverbod zullen steunen.’ Bij de motie ‘femme de la rue’ heeft Lammering nog twijfels, wel staat hij hier open voor.

Ook T.C. Hoogwerf spreekt zich uit over de motie. De normalisering van het lastigvallen van vrouwen op straat zonder consequenties is volgens Hoogwerf niet oké en moet veranderd worden. ‘ In de commissie hebben we toezegging gekregen over het onder andere koppelen van een mogelijk straftraject aan bureau halt, effectievere plegen preventie door onderzoek naar o.a. de motieven van daders. Over het direct opnieuw starten van de effectief gebleven inzet van ons team handhavers. De volgende stap, het effectief toe gaan passen van een gebiedsverbod van plegers van seksuele intimidatie en geweld in het uitgaansleven. Niet de slachtoffers leiden onder seksuele intimidatie, slecht gedrag of zelfs crimineel gedrag, maar juist de hyena’s die maar blijven denken dat vrouwen loslopend wild zijn.’ Naast het bestraffen staat Hoogwerf ook achter de ‘femme de la rue’ motie. Ze beschrijft het als realistische filmpjes over een gemiddelde stadswandeling als vrouw of meisje. Door dit aan jongeren te laten zien wil ze dat er een besef komt van wat ze fout doen;  een spiegel ophouden.

F. Achbar spreekt namens DENK uit dat het aanpakken van intimidatie hoog staat bij de partij. Ze zijn van mening dat de gemeente hier aandacht aan moet blijven besteden, wel vinden ze het belangrijk dat de focus niet wordt gelegd op de etniciteit van de daders. ‘Wij zijn geen grote voorstander voor verbied gebod of OV-verbod, omdat wij onvoldoende overtuigd zijn of dat nou echt maatregelen zijn die een dader af laten zien van zijn gedrag. Ik denk eerder dat dat een verplaatsing zou zijn van de intimidatie dan dat het opgelost wordt.’ aldus Achbar.

E.C. Eskes sprak namens de CDA dat zij er alles aan willen doen om de aanpak ,en hierbij alle moties, te steunen. N. Arsieni sprak zich hier ook over uit namens D66, ook deze partij stemde in met een betere aanpak en zijn van mening zich vooral te richten op de preventie vanuit de daders. Net als menig andere partijen staat de aanpak van straatintimidatie erg hoog bij GroenLinks, desalniettemin heeft S. Leewis van GroenLinks twijfels bij de moties. Een straf lijkt hem passend, maar hij vraagt zich af hoe effectief, uitvoerbaar en houdbaar de handhaving is. Hij is van mening dat scholen wel aandacht moeten besteden aan dit onderwerp, maar vind het lastig om bepaalde middelen te verplichten, zoals ‘Femme de la rue’.

Wethouder B. Wijbenga- van Nieuwenhuizen vind het onacceptabel en geeft aan dat er zowel preventief als repressief werk aan de winkel is. Hierbij zal de opvoedondersteuning van de ouders een duidelijke plek krijgen in het plan van aanpak en zal dit plan sterk geïnspireerd zijn op de ervaring  van vrouwen. Het college staat achter alle moties, zowel de scholing als de bestraffingen. ‘Bij de RET kunnen we praten over wat zij als huisbaas van het OV kunnen doen op daders die betrapt worden en de burgemeester heeft op basis van de gemeentewet 172 een dergelijke ruimte, ook als het gaat om gebieden, of specifiek het uitgaan.’ aldus Wijbenga- van Nieuwenhuizen.

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *