Als je overlijdt kun je je natuurlijk laten begraven of cremeren, maar wat steeds populairder wordt zijn natuurbegrafenissen. Volgens de Landelijke Organisatie Begraafplaatsen is dit type begrafenis afgelopen zes jaar verzesvoudigd in populariteit. In 2013 waren er nog maar 250 natuurbegrafenissen, in 2019 al ongeveer 1500. Ondanks de grote stijging worden gaan er relatief nog maar weinig mensen op deze manier heen: Jaarlijks zijn er ongeveer 100.000 crematies en 50.000 normale begrafenissen.

Bij een natuurbegrafenis draait alles om het natuurlijke. Zo lijken de begraafplaatsen eerder op parken dan normale begraafplaatsen, met de graven kriskras door elkaar in plaats van in rechte rijen. Het graf zelf is ook anders, er wordt meer rekening gehouden met de natuur. Zo is alles natuurlijk afbreekbaar. De kleding van de overledene is niet schadelijk voor de natuur, het lichaam is niet gebalsemd en de kist kan ook door de natuur worden afgebroken.

Er zijn meestal ook geen normale grafstenen. Het graf wordt aangegeven met een normale steen of een houten stam, waar de naam van de overledene in staat gegrafeerd. Omdat dit naar verloop van tijd lastiger terug te vinden is, krijgen de nabestaanden vaak ook de coördinaten van het graf.

Eeuwige rust, in plaats van 20 jaar rust

Iemand die meer van natuurbegrafenissen weet is Tom van Dijk. Tom is uitvaartverzorger en verzorgt regelmatig een natuurbegrafenis. Volgens Tom is een van de grote voordelen van een natuurgraf dat het weinig onderhoud vergt. ‘’Iedereen heeft het steeds drukker tegenwoordig. Je moet graven bijhouden. Steeds meer mensen gaan voor het gemak want deze graven hoef je niet bij te houden.’’ Het onderhoud is ook anders: het gras wordt niet met machines gemaaid, maar door grazende schapen.

Een andere reden dat deze vorm van begrafenis steeds populairder wordt is dat mensen steeds meer met de natuur bezig zijn. ‘’Het milieu-aspect is steeds belangrijker. Mensen vinden het ook een mooie gedachten, om terug te gaan naar de natuur.’ Volgens Tom vinden de nabestaanden dat natuurlijke ook fijn. ‘’Die gaan dan naar het graf toe en maken gelijk een wandeling. Mensen vinden het een mooie gedachte.’’

Wat ook meespeelt in de populariteit is dat het lichaam langer mag blijven liggen. Tom: ‘’Bij een normale begraafplaats is het standaard grafrecht (hoe lang een lichaam mag blijven, red) twintig jaar. Bij een natuurbegraafplaats heb je eeuwige grafrust. Het lichaam hoeft niet geruimd te worden, want de natuur doet z’n best.’’

Een natuurgraf kost ongeveer 4000 euro. Dat is niet perse duur: ‘’Het goedkoopste graf dat ik heb is 2000 euro, maar er zijn ook begraafplaatsen waar je 8000 euro voor betaald. Dat hangt helemaal af van de gemeente en de locatie.’’ Daar komen dan nog wel wat extra kosten bij. ‘’Er moet dan nog een steen op. En na twintig jaar moet je weer verlengen, dan betaal je weer 1000 tot 1500 euro. Bij een natuurbegrafenis heb je eenmalig kosten, maar daarna nooit meer.’’

Als hij komt te overlijden, wil Tom het liefst zelf ook op een natuurbegraafplaats liggen. ‘’Ik ben absoluut niet van de zweverij, maar als uitvaartondernemer zie ik zo veel mensen, plat gezegd, de oven in gaan… Dan wil ik toch liever begraven worden. En het idee van terug naar de natuur gaan vind ik dan een mooie gedachte.’’