Patiënten die kanker hebben, hebben vaak te maken met het verlies van hun smaak. Door een chemokuur kan eten anders smaken dan mensen gewend zijn. Zo ook bij mevrouw Bouw. Zij vond drop vroeger erg lekker, maar vindt dat nu niet meer. Het gevolg hiervan is dat ondervoeding op de loer ligt.

 “Vroeger at ik heel graag drop. Dat deed ik ook om soms mijn bloeddruk op peil te houden.” Inmiddels heeft mevrouw Bouw al twee keer borstkanker gehad en één keer kanker aan haar lymfeklieren. “Het verlies van je smaak is in de periode dat je kanker hebt het meest erg. Je hebt geen trek en je vindt eten gewoon vies. Nadat de behandeling klaar is, komt je smaak wel weer terug, maar kan je last blijven houden van een andere smaak.”, vertelt ze. Drop vindt mevrouw Bouw dus nu erg vies, maar pizza eet ze veel meer dan vroeger. “Ik krijg wel eens de vraag waarom ik pizza nooit lekker vond, omdat het toch eigenlijk wel een beetje raar is. Maar ja, toch is het zo. Ik ben er nooit echt fan van geweest.”, vertelt mevrouw Bouw een beetje schaamtevol. 

 Bij ongeveer 55 tot 75 procent van de mensen met kanker komt verandering in geur en smaak voor. Dat verschilt van een slechte smaak in de mond tot een verandering in wat mensen daadwerkelijk proeven. “Een slechte smaak in je mond is niet eens zo heel erg, maar als je eten echt goor is, dan eet je liever niet. De periode van kanker is al niet leuk, dan zou een goede maaltijd wel lekker zijn.” voegt ze er nog aan toe. 

 Vanaf 2020 gaat een team van specialisten tussen de 400 en 800 patiënten in Nederland en België begeleiden. Ze krijgen advies, kunnen een chef 24 uur per dag bereiken via WhatsApp en krijgen toegang tot een platform waar patiënten recepten kunnen vinden om op gewicht te blijven.