Carnaval is van oorsprong een katholiek feest, wat voorafgaat aan de periode van het vasten. Waarschijnlijk vindt het zijn oorsprong in middeleeuws Italië, waar het gemaskerd bal veel toeschouwers trok. Vanuit hier waaide het over naar andere delen van Europa. Toch hebben sommige mensen er maar een raar idee bij, dat carnaval. Vijf dagen lang bier drinken.

Na de Tweede Wereldoorlog was het feest verboden in Nederland. Men liep kans op een boete. In het geheim organiseerde kroegeigenaren carnavalsfeesten. Mensen zaten op de fiets met dikke jassen en sjaals zodat de kleding bedekt bleef. Eenmaal binnen in de cafés barstte het feest los. Waar nu hits van Snollebollekes voorbijkomen, was er toen alleen kapelmuziek. Mensen waren verkleed als piet. Kledingverhuurders verkochten stiekem hun kleding aan mensen die carnaval wilde vieren, dus leenden zij hun pietenpakken uit. In het geheim werd de kleding ’s morgens weer teruggebracht.

Sinds 1964 is carnaval ‘legaal’. De eerste optocht in februari 1965 zag er heel anders uit dan nu. Toen waren het reclamewagens van bedrijven met teksten als ‘Bij Cunen slaagt men altijd’. “Van vroeger uit sloot iedereen zich aan bij een club”, aldus historicus Piet van Lijssel. “Sommige carnavalsclubs bestonden uit 1800 leden. Nu sluit iedereen gewoon aan in de stad.” Tegenwoordig zijn de wagens van papier-maché met allerlei vrolijke kleuren en mensen die er onherkenbaar verkleed naast lopen.

Wie denkt dat carnaval alleen maar vijf dagen per jaar is heeft het mis. 11-11, begint het feest. In de steden over de rivieren, Noord-Brabant en Limburg, wordt er een prins/prinses bekend gemaakt die het gezicht is van carnaval. Robert-Jan Steegman organiseert al jaren het Osse carnaval. Hij draag dan ook de titel: president van Stichting Osse carnaval. “Bestuurlijk gezien ben ik blij als het feest voorbij is en alles goed is gegaan.” Het leuskte vindt hij de tijd als de prins nog niet bekend is gemaakt. “Dan doet het bestuur alles in het geheim.” Hoe het feest van Zuid-Nederland er in de toekomst uit gaat zien, blijft voor Steegman en Van Lijssel slechts gissen. Volgens Van Lijssel is de traditie al aan het veranderen. Steegman vindt dat we met de tijd mee moeten gaan. Veranderingen kunnen ook succesvol zijn! “Ik denk dat de kern van carnaval, zoals de optocht, zal blijven”, aldus Steegman. “Van Rio de Janeiro tot Oss, overal waar het wordt gevierd staat een optocht centraal.” Van Lijssel hoopt dat carnaval blijft bestaan. “Het ligt eraan of ouders de traditie doorgeven. Het is een volksfeest voor iedereen.”