Op studentensportverenigingen komen mensen voor twee redenen, aan de ene kant de gezelligheid en aan de andere kant natuurlijk de sport. Deze verenigingen zijn natuurlijk over het algemeen gericht op sport, waardoor je als lid dus kan verwachten goed bezig te zijn met je gezondheid. Uit de praktijk blijkt dat dit niet altijd het geval is.

Studentensportverenigingen zijn populair onder het studerende volk. In beweging zijn en nieuwe mensen ontmoeten klinkt voor velen als een gouden combinatie. Uit de praktijk blijkt dat er ook nog wel eens een nadeel kan zitten aan zo een club. Op veel verenigingen wordt er bijvoorbeeld flink wat bier genuttigd buiten trainings- en wedstrijdtijd om, niet goed voor de gezondheid en ook niet bevorderlijk voor de sportprestatie.

Of het bestuur van deze verenigingen door hebben dat hun leden soms eerder ongezond dan gezonder worden wanneer zij besluit bij zo’n club te gaan is de vraag. “Ik denk niet dat het onze taak als bestuur is om ons bezig te houden met de gezondheid van onze leden. Het is een lastige doelgroep die vrijwel hun eigen plan willen trekken op dat aspect, zeker als ze net op zichzelf zijn gaan wonen”, laat Jorn Muurling, voorzitter van de Utrechtse Studenten Hockey Club (U.S.H.C.), weten.

In de Nederlandse studentensteden zijn er soms wel tientallen verenigingen die de gezelligheid en sportcombinatie aanbieden. Zo telt Utrecht er bijvoorbeeld 28 waarbij er gekozen kan worden van bijvoorbeeld schaatsen tot ballet. Keuze genoeg dus. Een van de verenigingen die gevestigd is in Utrecht is de U.S.H.C. Waar trekt de Utrechtse Studenten Hockey Club de grens tussen sport en gezelligheid? Marjolein Jansen bespreekt het met Jorn Muurling, de voorzitter van de U.S.H.C.