Is Dick de nieuwe Rembrandt? “Nee, ik vind mijn naam veel interessanter”

Is Dick de nieuwe Rembrandt? “Nee, ik vind mijn naam veel interessanter”

“Achteraf kan ik zeggen dat ik het toch weer heb geflikt.” I Foto: Pepijn van Wezenberg

Leiden en de schilderkunst, het is een gouden combinatie. Grootheden als Rembrandt van Rijn, Jan Lievens en Jan Steen hebben hun roots liggen in de Sleutelstad, die nog altijd vele kunstenaars huisvest. Dick Bakhuizen van den Brink is een van hen, maar of hij te vergelijken is met Rembrandt? “Ik vind mijn naam veel interessanter”, grapt hij. “Nee hoor, hij zou wel wat commentaar hebben op mijn technieken.”

“Rembrandt leerde in Leiden alles wat hij nergens anders zou leren”, zei schrijver en Rembrandt-kenner Onno Blom afgelopen zondag in een interview op NPO Radio 1. “Amsterdammers mogen dan misschien wel roepen dat de kunstschilder één van hen is, niets is minder waar. Rembrandt is een Leidenaar.”

De Hollandse meester werd op 15 juli 1606 in de Sleutelstad geboren voor hij 25 jaar later naar Amsterdam vertrok. En hij was niet de enige Leidse creatieveling die van cruciaal belang was voor de Hollandse schilderkunst in de Gouden Eeuw. Samen met Jan Lievens legde de jonge Rembrandt in zijn beginjaren het fundament voor een oeuvre van wereldwijze betekenis.

“Rembrandt zou mij onderwijzen”
Inmiddels, een paar honderd jaar later, wordt er nog altijd geschilderd in de Sleutelstad. In een bomvol atelier is de 70-jarige Dick Bakhuizen van den Brink, herkenbaar aan zijn lange grijze baard, druk bezig aan zijn nieuwste werk: een huisje dat is verstopt in het bos.

“Dit lijkt in de verste verte niet op wat Rembrandt schilderde”, concludeert Dick. “Niet alleen houd ik er een wat bredere schilderstijl op na en probeer ik van alles uit. Rembrandt was ook gewoon honderd klassen beter. Ik denk dat als hij naar mijn werk zou kijken, hij eerst zou zeggen dat hij het ‘wel leuk’ vindt. Daarna gaat hij mij gewoon onderwijzen.”

Sparren met een muis
Gelukkig voor Dick hoort hij van anderen dat zij zijn doeken wél mooi vinden, al schildert hij vooral voor zichzelf. “Ik maak werk wat ik mooi vind en waarvan ik denk dat ik het moet maken. Ik schilder niet met een bepaalde doelstelling of met het idee dat het per se goed moet zijn. Dat mijn hobby mijn werk is geworden, is mooi meegenomen. Ik visualiseer wat in mij opkomt.” Het maakt de Leidse glibber trots. “Achteraf kan ik toch weer zeggen dat ik het heb geflikt. Het geeft mij rust.”

Ondanks dat Rembrandt Dick’s schilderijen niet meer kan beoordelen, loopt er gelukkig voor de geboren Leidenaar af en toe nog een muisje door het atelier. “Dan kijken we samen naar mijn doek en sparren we over de juiste kleur groen. Als ik het moment vind, kom ik in een soort roes. Ik ben dan geen Rembrandt, heerlijk vind ik het schilderen wel.”

Over de auteur

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *