Het belang van de nachtcultuur: ‘In een clubnacht voel ik mij geen vreemde eend’

 

 

 

 

 

[aesop_video src=”vimeo” id=”642378701″ width=”100%” align=”center” disable_for_mobile=”on” loop=”on” controls=”on” mute=”off” autoplay=”off” viewstart=”on” viewend=”on” show_subtitles=”off” revealfx=”off” overlay_revealfx=”off”]

 

Het nachtleven is anderhalf jaar geleden door een mokerslag getroffen. In maart 2020 moesten clubs net als de rest van Nederland de deuren sluiten vanwege het coronavirus dat de wereld over waaide. Sindsdien zijn de deuren van de clubs slechts op een kier open gegaan. DJ en nachtprogrammeur Dennis Rochat en coördinator van het Nachtoverleg Utrecht, Vera Vaessen, over de worsteling én het belang van de nacht.

Op het kantoor van platenmaatschappij Spinning Records was de sfeer luchtig, er werden grappen gemaakt over gasmaskers die besteld zouden worden en die vleermuizen kunnen ze ook wel aan. Spannend allemaal, maar zo erg kon het toch niet zijn? Tot de bewuste dag op 12 maart 2020 aanbrak: het moment dat duidelijk werd dat heel Nederland op slot ging. Dennis Rochat, de danceprogrammeur van poppodium EKKO was destijds werkzaam voor de platenmaatschappij naast zijn baan als dj. ‘Ik stond er best wel nuchter in, alle shows die ik als dj gepland had staan gingen niet door, ja dat was dan maar zo, alles voor de veiligheid. Ik ging ervan uit dat het een paar maanden zou duren, we zien wel dacht ik. Dingen die ik voor Spinning deed konden vanuit huis. Verder begon ik van dag tot dag te leven.’

 

 

 

[aesop_image img=”https://svjmedia.nl/louloukuster/wp-content/uploads/sites/351/2021/11/Schermafbeelding-2021-11-05-om-11.13.03.png” panorama=”off” imgwidth=”300px” credit=”Loulou Kuster” align=”center” lightbox=”on” captionsrc=”custom” caption=”Dennis Rochat in zijn zaal” captionposition=”left” revealfx=”off” overlay_revealfx=”off”]

Zo voelde het voor een groot deel van de culturele sector: ‘We gaan even op slot, dan zijn we veilig en daarna kunnen we gewoon weer door. Die festivalzomer komt er wel.’ Maar – zo hebben we het afgelopen jaar gezien – niets is minder waar. De zalen van de voorheen zo bruisende culturele sector bleven leeg. Werkten er in januari 2020 nog 1.647 mensen in loondienst in de poppodia, op 31 december dat jaar waren dat er nog maar 1.279, zo blijkt uit onderzoek van De Vereniging van Poppodia en Festivals (VNPF). En dan hebben we het nog niet over de freelancers, waar de culturele sector sterk van afhankelijk is. Een uiterst stressvolle periode voor de sector dus.

 

 

 

 

 

 

 

[aesop_image img=”https://svjmedia.nl/louloukuster/wp-content/uploads/sites/351/2021/11/Schermafbeelding-2021-11-05-om-11.52.23.png” panorama=”off” imgwidth=”300px” credit=”Loulou Kuster” align=”center” lightbox=”on” captionsrc=”custom” captionposition=”left” revealfx=”off” overlay_revealfx=”off”]

Die stress zou Vera Vaessen normaliter het liefst van zich af dansen in een veel te warme club met keiharde muziek en bezwete, maar euforische lichamen. Begin maart 2020 is Vaessen net begonnen met haar onderzoek voor de Gemeente Utrecht naar de nachtcultuur in de Domstad. Per toeval viel haar onderzoek samen met de coronacrisis, maar daardoor is de nachtcultuur wel symbolisch erkend door de gemeente. ‘Eigenlijk wisten ze helemaal niet veel van de nachtcultuur in hun eigen stad. Gesubsidieerde plekken, zoals poppodia kregen steun, maar niet gesubsidieerde plekken, zoals Stranded FM of dansnachten met eigen organisaties, kregen dat weer niet. Daarin zie je dat er een enorme tweedeling tussen nachtplekken en evenementenorganisaties is. Dat kwam heel duidelijk naar voren toen de nacht door de pandemie stil viel.’

https://public.flourish.studio/visualisation/7717758/

Bron: VNPF

Volgens Rochat, die inmiddels danceprogrammeur bij EKKO is, ligt het gat dat er valt tussen de ‘gewone’ culturele sector en het nachtleven niet alleen aan de gemeente. ‘Er zijn in het nachtleven ontzettend veel cowboys en indianen die doen wat ze leuk vinden en daar vette concepten mee neerzetten, juist dat maakt de sector zo leuk en spannend. Maar aan de andere kant laten ze zich ook niet zo makkelijk vangen. Er is geen landelijke overkoepelende brancheorganisatie die met al die partijen samen om tafel gaat zitten. Dat maakt dat er dus niet echt een lobby is voor de nachtcultuur, waardoor het voor de gemeente lastig is te zien wat nou het verschil is tussen een studentenfeest in café de Flater en een zorgvuldig neergezet nachtprogramma in EKKO of WAS.’

 

Met zoiets als het Nachtoverleg, het gemeentelijk initiatief waarin organisatoren in de nacht met de gemeente om de tafel gaan zitten, kom je volgens Vaessen al een heel eind. ‘Dat is wel naar voren gekomen in mijn onderzoek, waaruit het Nachtoverleg is ontstaan. Inmiddels is de gemeente bezig met de Nachtvisie van Utrecht, een soort intentieverklaring waarin ze duidelijk willen maken dat ze de nacht gaan steunen. Ze zien langzaamaan het belang van de nacht. In Amsterdam en Rotterdam heb je ook soortgelijke overleggen, het lastige is alleen dat dat allemaal lokaal is, op landelijk niveau bestaat er geen lobby voor de nacht.’

Luister hieronder naar verhalen van mensen voor wie de nacht een belangrijk onderdeel van hun leven is.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[aesop_collection collection=”1″ limit=”4″ columns=”4″ splash=”off” order=”default” loadmore=”off” showexcerpt=”on” revealfx=”off”]

 

Wat de nacht precies zo mooi en belangrijk maakt, laat zich niet makkelijk in woorden omschrijven. Het is een bepaald ‘gevoel’ en iets wat je ‘samen mee moet maken’. Universitair hoofddocent en cultuursocioloog Pauwke Berkers van de Erasmus universiteit in Rotterdam bevestigt dit in zijn publicatie in Sociologie Magazine: ‘Muziek kan bijdragen aan het vergroten van sociale cohesie, het verminderen van ongelijkheid en het hertoveren van een gerationaliseerde wereld.’ Luis-Manuel Garcia doet voor de universiteit van Birmingham onderzoek naar nachtcultuur. Hij noemt in zijn onderzoeken uitgaan een vorm van zelftherapie. ‘Waar mensen zich in het dagelijks leven niet altijd een houding weten te geven of zich niet helemaal thuis voelen, kunnen zij zich in de nacht zonder grenzen helemaal laten gaan.’

 

‘Het is voor jonge mensen ook een plek waar ze als eerst met cultuur in aanraking komen,’ vult Vaessen aan. ‘Tijdens een clubnacht komen jongeren gelijkgestemden tegen, die ze een ander perspectief kunnen geven. Dan wordt het zaadje gepland om vervolgens verder te kijken naar meer cultuur. Vanuit de nacht zien ze een opstapje naar bijvoorbeeld het museum of hebben ze een mix gehoord tijdens een set die ze vervolgens naar een klassiek concert laten luisteren.’

 

De nacht heeft nu vooral een veilig klimaat nodig, volgens Rochat. ‘Als eerste moet de pandemie onder controle komen, dat is logisch. Daarna hoop ik dat ambtenaren van de gemeente eens komen kijken bij clubnachten om te zien wat het mensen doet, om het gevoel van die safe space die de nacht kan zijn te ervaren. Zodat de taal van de nacht uiteindelijk vertaald kan worden naar de taal van de gemeente en er zo over en weer meer begrip ontstaat. Tot die tijd moeten we het doen met een nacht die eindigt om twaalf uur precies.’

[aesop_content color=”#050505″ background=”#d9d9d9″ columns=”1″ position=”none” imgrepeat=”no-repeat” disable_bgshading=”off” floaterposition=”left” floaterdirection=”up” revealfx=”off” overlay_revealfx=”off” aesop-generator-content=”Verantwoording dataselectie Voor dit stuk heb ik data gebruikt van Vereniging Nederlandse Poppodia en Festivals (VNPF). Zij zijn de branche organisatie van het overgrote deel van de Nederlandse poppodia en festivals. VNPF publiceert per jaar meerdere cijfers, waaronder het jaarlijkse fact&figures van de podia. Voor de data-analyse is gekeken naar de cijfers van de clubnachten van de podia van 2015 tot en met 2020. Waaronder de bezoekersaantallen en het aantal clubnachten. Met hulp van deze cijfers is een grafiek gemaakt waarin deze cijfers gecombineerd zijn in een zogeheten line-column grafiek. Hierbij is het goed om te vermelden dat er door de jaren heen podia zijn aangesloten of weg zijn gegaan bij VNPF, dit maakt dat de jaarcijfers niet exact overeen komen. Echter is dit zo’n klein aantal, dat het in het algemene beeld in de grafiek niet veel verschil maakt.

“]Verantwoording dataselectie

Voor dit stuk heb ik data gebruikt van Vereniging Nederlandse Poppodia en Festivals (VNPF). Zij zijn de branche organisatie van het overgrote deel van de Nederlandse poppodia en festivals. VNPF publiceert per jaar meerdere cijfers, waaronder het jaarlijkse fact&figures van de podia.

Voor de data-analyse is gekeken naar de cijfers van de clubnachten van de podia van 2015 tot en met 2020. Waaronder de bezoekersaantallen en het aantal clubnachten. Met hulp van deze cijfers is een grafiek gemaakt waarin deze cijfers gecombineerd zijn in een zogeheten line-column grafiek.

Hierbij is het goed om te vermelden dat er door de jaren heen podia zijn aangesloten of weg zijn gegaan bij VNPF, dit maakt dat de jaarcijfers niet exact overeen komen. Echter is dit zo’n klein aantal, dat het in het algemene beeld in de grafiek niet veel verschil maakt.

[/aesop_content]