In de zomer van 2017 kleurde Nederland oranje. De Leeuwinnen wonnen het EK, stadions zaten vol en voor even leek het alsof het vrouwenvoetbal zijn vaste plek in de Nederlandse sportwereld had veroverd. Twee jaar later gebeurde het opnieuw, toen het team de WK-finale haalde en miljoenen Nederlanders meeleefden. Sindsdien is het stiller geworden, en de aandacht lijkt vooral op te laaien als er een groot toernooi is.
De cijfers laten dat patroon duidelijk zien. Tijdens EK’s en WK’s schieten de kijkcijfers omhoog, maar in de jaren ertussen zakt het snel terug. Nederland kijkt massaal als het spannend is, maar vergeet het vrouwenvoetbal daarna weer een beetje. Volgens sportscientist Sigrid Olthoff is dat jammer, maar niet vreemd. “De aandacht bij vrouwenvoetbal is typisch piekgedrag,” zegt ze. “Nederland leeft mee met een toernooi, maar vergeet het na afloop te snel.” Toch is het vrouwenvoetbal niet meer te vergelijken met tien jaar geleden. De Leeuwinnen hebben een vaste plek gekregen in de Nederlandse sportcultuur. Kinderen dragen oranje shirts met namen als Miedema en Van de Donk, en ook in de Eredivisie Vrouwen groeit de belangstelling. Maar vergeleken met het mannenvoetbal blijft het verschil groot. Waar de mannen vrijwel altijd stabiel hoge kijkcijfers en volle tribunes hebben, is dat bij de vrouwen nog sterk afhankelijk van succesmomenten. Het vrouwenvoetbal leeft van hoogtepunten, terwijl het mannenvoetbal een constante vorm van aandacht heeft.
Die ongelijkheid is niet alleen zichtbaar in de aandacht, maar ook in het geld. De Oranjevrouwen verdienen stap voor stap meer, maar de kloof met de mannen is nog altijd groot. De KNVB investeert meer in de eredivisie voor vrouwen en ook clubs steken er steeds meer in, maar de bedragen blijven bescheiden. Sponsoren en uitzendrechten liggen nog vooral bij het mannenvoetbal, simpelweg omdat daar al decennialang het publiek zit. Olthoff zegt daarover: “Geld volgt wat mensen gewend zijn. En wat mensen gewend zijn, is nog altijd het mannenvoetbal.”
Er verandert wel iets. Het prijzengeld bij toernooien stijgt, clubs krijgen meer aandacht voor hun vrouwenteams en de media besteden vaker tijd aan de Leeuwinnen. Toch blijft de belangstelling vaak beperkt tot de grote wedstrijden. Tijdens een EK of WK lijkt iedereen fan, maar zodra het toernooi voorbij is, verdwijnt het vrouwenvoetbal weer uit het gesprek. Dat maakt het lastig om een stabiele basis op te bouwen. De Leeuwinnen hebben meerdere keren bewezen dat ze miljoenen mensen kunnen raken, maar het lukt nog niet om dat gevoel het hele jaar vast te houden.
Het vrouwenvoetbal heeft Nederland al vaker in beweging gebracht. De pieken zijn hoog en indrukwekkend, maar de dalen nog diep. En zolang dat zo blijft, zal ook het geld diezelfde golfbeweging volgen. De Leeuwinnen hebben bewezen dat ze het publiek kunnen bereiken, maar de echte uitdaging ligt in wat er gebeurt zodra het stadion weer leegloopt.
Data en bronnen
Dit artikel is gebaseerd op publieke kijkcijfers (SKO/NOS) van de best bekeken wedstrijden van het Nederlands elftal (mannen en vrouwen, 2015–2024) en officiële prijzengeldpublicaties van FIFA en UEFA (2014–2025), aangevuld met rapportages van The Guardian, Reuters en NOS Sport.