
Moslimhaat neemt toe in de Nederlandse samenleving blijkt uit geluiden van diverse nieuwsbronnen. De Europese coördinator voor de strijd tegen moslimhaat en discriminatie, Marion Lalisse sprak recentelijk haar zorgen uit over discriminatie van moslims in Nederland. Hoe is het om les over de Islam te geven in een samenleving waarin moslimhaat groeit?
Moslimdiscriminatie
Met moslimdiscriminatie wordt bedoeld het onterecht ongelijk behandelen van mensen met een islamitische religie of van mensen die op basis van hun huidskleur, ‘ras’ of etniciteit als moslim worden gezien. Moslimhaat gaat vooral over afkeer van moslims en alles wat daarmee te maken heeft.
Volgens een recent artikel van de NRC ervaart iets meer dan de helft van de moslims ( 55%) in Nederland discriminatie op basis van geloof of etniciteit.
Hamza Walidin is 29 jaar. De basisschool Al-Qoeba is opgericht door zijn opa. Al-Qoeba behoort tot één van de drie islamitische basisscholen in Den Haag. Als klein jongetje heeft Hamza ook op deze basisschool gezeten. Inmiddels is hij zelf aan het werk als regulier- en godsdienst docent op de school.
Bij binnenkomst van de school kun je de ruime kinderspeelzaal niet missen. Kenmerkend voor de school zijn de mozaïek kunstwerken aan de muur. De schoenen gaan uit voordat je naar binnen mag. Achter in de hal staat een grote boom afgebeeld op de muur. Daarop staan 99 eigenschappen. “Wij geloven dat god vele eigenschappen heeft zoals barmhartigheid en genadevolheid. Door de namen te weten, leer je god beter kennen daarom hebben we dit op school hangen”, vertelt Hamza.
“Toen er een keer werd meegekeken tijdens mijn les voor een intake voor de zij-instroom van de pabo waar je een werk- leer traject kon doen, begonnen ze met vragen zoals: moeten jouw kinderen hoofddoeken dragen in de klas? Moeten de kinderen zo islamitisch gekleed zijn? Toen vertelde ik dat ze dat zelf mogen kiezen. Zichtbaar was dat niet ieder meisje een hoofdoek droeg en daarmee het ook niet verplicht is. Gek genoeg kwamen ze daar tot de conclusie dat ik voor die opleiding niet geschikt was als potentieel docent.”
Door deze vragen kreeg Hamza het gevoel dat het om hem als persoon ging; zijn geloof en zijn uiterlijk en hij niet serieus werd genomen als docent.
Uit de data over ervaren discriminatie op basis van kenmerken: religie of levensovertuiging blijkt dat moslims de meeste discriminatie ervaren. Deze staafdiagram laat zien en ondersteunt de hoge moslimdiscriminatie in de Nederlandse samenleving. Wat toen (27, 1%) moslims waren. Rooms-katholieken ervaren op basis van de cijfers de minste discriminatie (8,5 %). In vergelijking met de Islam ervaren ze ruim drie keer zo weinig. Wat opvalt in de grafiek is dat de mensen die een andere “religie of levensovertuiging” hebben een hoog percentage ( 20%) discriminatie hebben ervaren dat jaar.
“Wij weten in ons achterhoofd dat we daarop worden bekeken.”
Geloofsovertuiging uiten
De focus op de basisschool ligt vooral op het gedrag van de kinderen. Op Al-Qoeba zijn ze veel bezig met de manier waarop je jezelf presenteert aan de buitenwereld. Het geloof is gebaseerd op wat de profeet Mohammed vertelt en daarnaast de Koran, waar op school mee wordt gewerkt.
“De kinderen hier vinden hun geloof heel erg interessant.” Als Hamza in een klas komt om godsdienstles te geven zijn gelijk alle ogen en oren op hem gericht. “Ze zijn stil en luisteren aandachtig”, vertelt hij.
“Heel weinig mensen die niet islamitisch zijn gaan zelf de Koran lezen om een beeld te krijgen van de Islam.” Dus vindt Hamza dat ze dat zelf zo goed mogelijk moeten uitstralen. De kinderen moeten zelf de Koran en het leven van de Profeet lezen. “Wij moeten als moslims dat goed bestuderen en daaruit haal je goede manieren. Dat is wat we ook willen uitstralen. Op de school wordt ook gefocust op hoe het geloof ons een beter mens kan maken. Dat proberen wij de kinderen ook te leren.”
“God heeft ons op een wereld gezet met andere mensen. Het gedrag is het belangrijkste wat er is want je leeft in een samenleving. Wij weten in ons achterhoofd dat we daarop worden bekeken.”
Les op een islamitische basisschool
Naast het vaste lesprogramma leren de kinderen op de islamtische basischool Al-Qoeba hun geloof kennen en het toepassen daarvan. Op de school leren ze in groep 3, 4 en 5 eerst hun eigen geloof kennen, voordat docent Hamza de buitenwereld betrekt in hoe andere mensen naar hun geloof kijken.
In de middenbouw ligt de focus op sterk in je schoenen staan over wat je gelooft. “Het geloof is niet iets wat je vanzelf krijgt, je moet het zelf geloven. Het is echt iets waar je achter moet staan”, vertelt Hamza.
Als de kinderen sterker in hun eigen geloof staan dan betrekt Hamza ook andere geloven erbij. Ze leren die vervolgens ook te begrijpen; hoe zij naar het leven kijken. Daarnaast kijken ze ook naar de maatschappij en hoe andere niet-gelovige mensen over hen denken.
Er worden regelmatig verhalen van de Profeet in de klas besproken. Die verhalen gaan dan over een situatie waar de Profeet in terecht komt en waarin mensen het niet met hem eens zijn. Hij bespreekt dan met de kinderen hoe ze daarmee om kunnen gaan als dit hen zou overkomen. Als iemand je onaardig behandelt dan leert hij de kinderen dat je juist niet hetzelfde terug moet doen maar het tegenovergestelde. Hij benoemt het als: “Haat met liefde bestrijden.”


“Ik bespreek dit alleen met die leerlingen.”

Vijf keer per dag wordt er gebeden. Hier op school is daar ook een gebedsruimte voor.
Slecht daglicht
“Het is toch oneerlijk hoe mensen naar ons kijken”, vertelde een meisje uit groep acht laatst aan meester Hamza.
Enkele leerlingen zijn op de hoogte van politiek en de dingen die daar over moslims worden gezegd. “Ik bespreek dit alleen met die leerlingen.” Er wordt niet veel aandacht besteed aan de enkele incidenten die zijn gebeurd op andere islamitische scholen. Dat is op Al-Qoeba niet aan de orde dus houden ze zich er ook niet mee bezig. Daarmee wil Hamza de incidenten niet goed praten want wat daar is gebeurd vindt hij ook niet in orde.
Volgens onderzoeker Islamitisch basisonderwijs Maartje Beemsterboer bieden Islamitische basisscholen een vertrouwde omgeving waarin rekening wordt gehouden met gevoeligheden vanuit de samenleving. “Ze zijn geëvolueerd van een focus op religieuze voorschriften naar een balans tussen islamitische waarden en voorbereiding op de Nederlandse maatschappij. Dit sluit niet aan bij de vooroordelen vanuit de samenleving en media over islamitische scholen.”
Hamza benadrukt dat je moet kijken naar de kinderen die hier op school zitten en de docenten. “Dan zie je dat het hele aardige mensen zijn, die net als iedereen leven vanuit hun eigen overtuiging. Onze overtuiging wordt vaak in slecht daglicht gesteld door de media.”
“Ik wil niet dat we ons in de moslimhaat als slachtoffer gaan voelen. Ik wil de kinderen sterk in schoenen laten staan”, vertelt Hamza.
DATA VERANTWOORDING
Voor mijn onderzoek heb ik verschillende kenmerken van het geloof en daarbij de ervaren discriminatie vergeleken. De bron is afkomstig van het CBS. Het CBS biedt betrouwbare data vanwege de onafhankelijkheid, methodologie en transparantie. Er is voor verschillende geloofs-overtuigingen gekozen om aan te kunnen tonen en te vergelijken welke de meeste discriminatie ervaren in de Nederlandse samenleving. Uit de data komt naar voren dat de Islam het meeste discriminatie ervaart gevolgd door het Jodendom en het Hindoeïsme. De data uit de NRC is afkomstig van een rapport van het Europees Bureau voor de grondrechten (FRA), onderdeel van de Europese Unie. Het bureau verzamelt gegevens en doet onderzoek op basis van wetenschappelijke criteria. Deze informatie is relevant omdat het de schaal waarop discriminatie van moslims weergeeft in Nederland. De data van het CBS komt uit eind 2023. Van de NRC komt het uit 2024, dit is de meest recente data ( specifiek alleen moslims) dat vindbaar is.
BEELD VERANTWOORDING
Alle foto’s en video’s in deze Multimediale productie zijn zelf gemaakt. De locatie is in de islamitische basisschool Al-Qoeba in Den Haag.




