OnAir

Selecteer Pagina

Zijn 56 wolvenroedels in Nederland realistisch?

Zijn 56 wolvenroedels in Nederland realistisch?

Sinds de terugkeer van de wolf naar Nederland nemen niet alleen het aantal wolven, maar ook de politieke zorgen toe. Vooral de vraag hoeveel ruimte er in Nederland voor de wolf moet zijn, zorgt voor discussie. ”In geen enkel realistisch scenario wil je 56 roedels wolven in Nederland. Dat zijn dan honderden wolven die door ons land lopen op zoek naar voedsel. Dat gaat niet lukken en dat wil ik ook niet,” dat zijn de woorden van staatssecretaris Silvio Erkens tijdens een interview met De Telegraaf. Nederland kan volgens onderzoek van Wageningen University & Research (WUR) ruimte bieden aan maximaal 56 wolvenroedels. Klopt de uitspraak van Erkens wel met wat het WUR-onderzoek daadwerkelijk zegt?

Om dit te controleren, is eerst gekeken naar het oorspronkelijke WUR-rapport gunstige referentiewaarden voor de wolf in Nederland. Daarin wordt onderzocht welke populatieomvang nodig is om de wolf in Nederland in een gunstige staat van instandhouding te houden. Het onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur.

WUR komt uit op een bandbreedte van 23 tot 56 wolvenroedels die Nederland kan bijdragen aan de Centraal-Europese wolvenpopulatie. De onderzoekers gebruiken daarvoor een habitatgeschiktheidsanalyse. Omdat de wolf pas relatief kort in Nederland voorkomt, zijn er weinig Nederlandse gegevens beschikbaar. Daarom zijn onder andere gegevens van gezenderde wolven in Duitsland gebruikt.

De bandbreedte ontstaat door twee scenario’s. In het strenge scenario wordt aangenomen dat wolven kieskeuriger zijn in hun keuze voor leefgebied. Dan komt Nederland uit op 23 roedels. In het soepele scenario wordt meer habitat als geschikt beschouwd, dat levert een maximum van 56 roedels op. De onderzoekers schrijven dat Nederland met het daarbij behorende leefgebied een “substantiële en realistische bijdrage” kan leveren aan de Centraal-Europese populatie.

Dat is relevant voor de uitspraak van Erkens. Het WUR-rapport presenteert 56 niet als een onmogelijk scenario. Integendeel: 56 is de bovengrens van een scenario dat wordt meegenomen in de beoordeling van de Nederlandse ecologische mogelijkheden. Dat betekent overigens niet dat WUR voorspelt dat Nederland daadwerkelijk 56 roedels zal krijgen.

Honderden wolven?

Erkens zegt daarnaast dat 56 roedels zouden betekenen dat er honderden wolven door Nederland lopen. Ook dat deel is controleerbaar. In een toelichting op het onderzoek rekent WUR met gemiddeld ongeveer vijf wolven per roedel. Bij 56 roedels komt dat neer op ongeveer 280 wolven. Daarmee is “honderden wolven” rekenkundig juist. Het getal 280 is geen voorspelling, maar een berekening op basis van het aangenomen gemiddelde aantal wolven per roedel. Daarnaast zijn er zwervende wolven die niet tot een vaste roedel behoren.

Hoe realistisch zijn 56 roedels?

De belangrijkste vraag blijft of 56 roedels daadwerkelijk een onrealistisch scenario zijn. Om de wetenschappelijke berekening vanuit ecologisch perspectief te duiden, is ecoloog Dries Kuijper, gespecialiseerd in wolven, aan het woord. Volgens Kuijper komt het getal voort uit populatiebiologische berekeningen: “Je kunt op een gegeven moment berekenen: ik heb zoveel individuen nodig, wil ik een zinvolle populatie hebben. En zo is het getal van 50 roedels uitgekomen.” Daarmee bevestigt hij dat het getal gebaseerd is op wetenschappelijke berekeningen en niet op een willekeurig gekozen aantal.

Tegelijkertijd waarschuwt Kuijper ervoor om de Nederlandse populatie los te zien van de rest van Europa. “Die kijken niet naar een land. Je moet niet één populatie hebben. Je hebt een hele Europese wolvenpopulatie.” Wolven houden zich volgens hem niet aan landsgrenzen en Nederlandse wolven kunnen zich gemakkelijk naar Duitsland verplaatsen.

Ook maakt Kuijper onderscheid tussen ecologische mogelijkheden en maatschappelijke haalbaarheid. Over 50 roedels zegt hij: “Als ik ga kijken als mens en ik denk: gaan er 50 roedels in Nederland leven zonder veel problemen? Nou, dan denk ik persoonlijk van niet.” Volgens hem gaat dat laatste niet zozeer over de biologische mogelijkheid, maar over het vermogen van de Nederlandse samenleving om zich aan te kunnen passen.

Maatschappelijke gevolgen

Dat onderscheid is belangrijk. WUR onderzoekt wat ecologisch nodig en mogelijk is, maar bepaalt niet of een bepaald aantal wolven maatschappelijk wenselijk is. De maatschappelijke en sociaaleconomische gevolgen, bijvoorbeeld voor landbouw en recreatie, zijn niet onderzocht. Ook de overheid erkent dat Nederland onderdeel is van een grotere Centraal-Europese wolvenpopulatie. In een Kamerbrief over het WUR-onderzoek staat dat voor die populatie een referentiewaarde van minimaal 500 roedels geldt. De Nederlandse bijdrage wordt daarbij geschat op 23 tot 56 roedels.

Erkens heeft dus een punt wanneer hij bedoelt dat 56 roedels mogelijk maatschappelijk of praktisch niet wenselijk kunnen zijn. Zijn uitspraak dat 56 roedels “in geen enkel realistisch scenario” voorkomen, gaat echter verder dan het WUR-onderzoek. WUR rekent 56 juist door als bovengrens van het soepele scenario en noemt de bijbehorende bijdrage van Nederland realistisch.

Het eindoordeel is dus dat Erkens’ uitspraak deels misleidend is. Erkens heeft gelijk dat 56 roedels, uitgaande van ongeveer vijf wolven per roedel, neerkomt op honderden wolven. Ook klopt het dat WUR 56 roedels als bovengrens berekent. Maar de bewering dat 56 roedels in “geen enkel realistisch scenario” voorkomen, wordt niet door het WUR-onderzoek ondersteund. Of Nederland dat aantal vervolgens maatschappelijk en politiek kan of wil dragen, is een andere vraag die het onderzoek niet beantwoordt.

Over de auteur

June Brennenraedts

June Brennenraedts (2001) is student aan de School voor Journalistiek in Utrecht. Voor SvJ Media maakt ze momenteel producties over actuele gebeurtenissen in de gemeente Hilversum. Haar journalistieke interesse ligt bij sociaal-maatschappelijke thema's en de (levens)verhalen van verschillende mensen en hun wereldbeeld, onderwerpen waarin ze zich graag verder wil verdiepen en ontwikkelen. Naast haar studie heeft ze een grote zwak voor golden retrievers, houdt ze van tennis en luistert ze het liefst naar de soulvolle klanken van Leon Bridges. Contact: june.brennenraedts@student.hu.nl