Foto: Wikimedia Commons – Dmitry Astakhov / NRC
Geschreven door: Tim Lutters
HAMBURG – Woensdag 14 oktober stond de Oekraïner Serhii K. voor het eerst terecht voor het Hanseatische Oberlandesgericht, het monumentale gerechtsgebouw in Hamburg. K., de voormalige militair, wordt ervan verdacht de Nord Stream-pijpleidingen in de Oostzee op 26 september 2022 te hebben gesaboteerd. Die belangrijke aanvoerlijnen voor Russisch gas zijn sindsdien onbruikbaar. Het is de eerste grote rechtszaak rond de opgeblazen gastoevoer. K. besloot woensdag zelf te zwijgen. Zijn advocaten, onder wie de Italiaan Nicola Canestrini en de Duitser Jes Meyer-Lohkamp, vragen de rechter om alle aanklachten niet-ontvankelijk te verklaren wegens onder meer gebrek aan bewijs. De zaak valt samen met een lastige fase voor Oekraïne, terwijl ook in Duitsland de steun voor verdere wapenleveranties steeds meer onder druk lijkt te staan. Hoe standvastig blijft Duitsland in zijn steun aan Oekraïne, nu de Nord Stream-zaak de politieke druk opvoert?
Steun aan Oekraïne gaat Duitsers ‘te ver’
De politieke druk rond de steun aan Oekraïne neemt in Duitsland toe. Veiligheidsexpert Joachim Weber ziet dat patroon al langer: “De scepsis neemt al langere tijd langzaam maar gestaag toe. Dat is niet verwonderlijk, want de oorlog duurt inmiddels al langer dan de Eerste Wereldoorlog, al is er recentelijk wel een kleine versnelling opgetreden.”
Vleugelpartijen als de democratisch-socialistische Die Linke en de snel groeiende uiterst rechtse AfD hielden al lang een sceptische houding ten opzichte van de Duitse steun aan Oekraïne. Uit de ARD-DeutschlandTREND, gepubliceerd op 2 september 2026, blijkt dat 42 procent van de Duitsers de wapenleveranties aan Oekraïne te ver vindt gaan. Een jaar eerder lag dat 3 procent lager. Bij aanhangers van Die Linke ligt dat percentage op 43 procent, maar het grootste verschil zit bij de AfD: 86 procent van haar aanhangers vindt de wapensteun te ver gaan.
De AfD groeide bovendien flink bij de deelstaatverkiezing in Saksen-Anhalt afgelopen september. Samen met het Bündnis Sahra Wagenknecht (BSW) haalde de partij daar bijna de helft van de stemmen.
Nord Stream als politiek strijdmiddel
Ook de Nord Stream-zaak gebruikt de AfD al als politiek wapen. Toen het Duitse federaal parket op 2 juli 2026 een aanklacht indiende tegen Serhii K., riep AfD-fractieleider Tino Chrupalla op om alle militaire hulp aan Oekraïne stop te zetten. “Er is al voldoende bewijs om alle militaire steun aan Oekraïne stop te zetten.”
De Belgische strategisch analist Pieter-Jan Vandoren van The Hague Centre for Strategic Studies verwacht dat de AfD de zaak ook verder zal gebruiken om haar politieke verhaal te versterken. “De partij zou de kans niet ongelegen laten om zo veel mogelijk het idee te schetsen dat dit een daad is van de Oekraïense staat tegen civiele Duitse infrastructuur.” De partij zal zich naar verwachting scherper verzetten tegen militaire en civiele steun aan Oekraïne en oproepen die te stoppen. Nu de AfD electoraal terrein wint, is dat een ontwikkeling om sterk rekening mee te houden.
Merz houdt vast aan steun aan Oekraïne
De bondskanselier Friedrich Merz gaat voorlopig niet mee in die retoriek. Tijdens een onaangekondigd bezoek aan Kiev op zondag 4 oktober kondigde hij een nieuw steunpakket aan van ruim 1,3 miljard euro: ongeveer 1 miljard euro militaire hulp, onder meer langeafstandswapens, gevechtsdrones en satelliettechnologie, plus 350 miljoen euro voor Oekraïense energie-infrastructuur vóór de winter.
Weber verwacht overigens niet dat het proces op korte termijn de Duitse steun aan Oekraïne fundamenteel verandert. “Als het Nord Stream-proces nog interessante nieuwe inzichten aan het licht brengt, zal dat invloed hebben. Als dat, zoals ik eerder verwacht, niet echt het geval is, zal de zaak pas tegen het einde weer meer aandacht krijgen en zal de aandacht beperkt blijven.” Duitsland geldt bovendien als een belangrijke voorbeeldfunctie binnen Europa: “Vermindert Berlijn de steun, dan bestaat het risico dat andere landen volgen”, aldus Vandoren.
Proces loopt door tot in 2027
De rechtszaak begon op woensdag 14 oktober 2026 voor het Hanseatische Oberlandesgericht in Hamburg. Na de eerste zittingsdag is de behandeling verplaatst naar dinsdag 27 oktober om 9.30 uur. Het proces is voorlopig ingepland tot in januari en februari 2027. Wanneer de rechter uitspraak doet, is nog niet bekend.
Bekijk hier de explainer over de rechtszaak rond de aanslag op Nord Stream, gemaakt door verslaggever Tim Lutters.