Spotlight

Selecteer Pagina

FACTCHECK: ‘Sponsors richten zich heel erg op die 5 procent’

FACTCHECK: ‘Sponsors richten zich heel erg op die 5 procent’

FACTCHECK: ‘Sponsors richten zich heel erg op die 5 procent.’

Claim

In het vrouwenvoetbal verdient een kleine top heel veel geld en die top trekt de sponsors. De rest van de speelsters en de meeste nationale competities blijven achter.

Oorsprong claim

Na een nieuw onderzoek van spelersvakbond FIFPRO ontstond er aandacht voor de salarissen in het vrouwenvoetbal. Oud-international Tessel Middag reageerde daarop in een NOS-artikel. Ze zei: ‘Vooral in het verschil tussen de 5 procent die de top vormt en de 95 procent daaronder. Sponsors richten zich heel erg op die 5 procent. De internationale toernooien groeien in alles, maar de nationale competities blijven, op die in Engeland en de VS na, achter.’

Middag werkt mee aan Common Goal, een organisatie die wil dat speelsters meer verdienen. Maar klopt haar verhaal ook echt?

Wat zegt het FIFPRO-rapport?

Het FIFPRO-rapport werd gepubliceerd in oktober 2026. Ruim 790 speelsters uit 40 landen deden mee aan de enquête. Gemiddeld verdient een speelster $2.601 per maand. Dat klinkt veel, maar de helft verdient minder dan $1.669. Het gemiddelde ligt hoger dan de mediaan, wat wijst op hogere salarissen aan de bovenkant van de verdeling.

In Oost-Europa ligt het gemiddelde zelfs onder het minimumloon. FIFPRO noemt het vrouwenvoetbal daarom een ‘two-tier game’: een rijke top en een grote groep daaronder voor wie profvoetbal onzeker blijft. De 5 procent van Middag staat niet in het rapport. Het is namelijk een schatting.

De top in cijfers

Hoe klein is die top dan? Het FIFA-benchmarkrapport onderzocht 669 clubs. Slechts 16 van die clubs betalen hun speelsters gemiddeld meer dan $50.000 per jaar (SBS). Dat is ongeveer 2 procent van de onderzochte clubs. Wel telt FIFA clubs en Middag speelsters, dus de cijfers zijn niet precies te vergelijken.

Demi Soetens van CK Advocaten bevestigt dat er grote verschillen bestaan. Zij onderzocht dit. ‘Sommige speelsters krijgen wel een salaris en andere krijgen alleen maar een kleine vergoeding’. Over speelsters van Telstar zegt ze: ‘Die verdienden nog net zoveel als je bij een vakkenvuller bij de Albert Heijn verdient.’

Sponsors

Ook wetenschappelijk onderzoek laat zien dat financiering een belangrijk probleem blijft. In een onderzoek uit 2025 Voor het onderzoek spraken onderzoekers met 61 mensen uit het Europese vrouwenvoetbal, waaronder speelsters, trainers en managers. Daaruit blijkt dat geld nog steeds een groot probleem is. Het vrouwenvoetbal groeit, maar niet alle clubs en speelsters profiteren daarvan.

Bij het EK van 2025 steeg het sponsorgeld met 150 procent ten opzichte van 2022 (UEFA). Bij de competities groeien vooral twee landen mee. FIFPRO noemt de Amerikaanse NWSL en de Engelse WSL de competities met de meeste omzet ter wereld. Van de 30 onderzochte competities hebben er maar 8 een cao.

Soetens ziet hetzelfde in Engeland: ‘Ze zijn daar veel verder om die voetbalsters daadwerkelijk promoten.’

Een toernooi kan een thuiscompetitie ook helpen. Na het EK zagen acht van de tien Zwitserse clubs meer interesse van sponsors. Het is dus niet zo dat toernooien nooit iets opleveren voor competities.

Oordeel: grotendeels waar

Waarom grotendeels waar?

Er bestaan grote financiële verschillen binnen het vrouwenvoetbal. Uit de rapporten van FIFPRO en FIFA blijkt dat een kleine groep clubs veel hogere salarissen betaalt, terwijl veel andere speelsters financieel onzeker blijven. Ook wetenschappelijk onderzoek laat zien dat financiering een probleem blijft voor de ontwikkeling van het vrouwenvoetbal.

Internationale toernooien groeien hard en vooral de Engelse en Amerikaanse competities lopen voorop. De exacte 5 procent van Middag is alleen niet bewezen. Ook is niet vastgesteld welk deel van het totale sponsorgeld naar deze groep speelsters gaat. De beschikbare cijfers ondersteunen dus vooral het beeld van grote financiële verschillen, maar niet de precieze verdeling van sponsoring.

 

 

Over de auteur

Julian Boorsma

Contact gegevens: - Julian.boorsma@student.hu.nl