UPD8

Selecteer Pagina

Biedt de Rijksoverheid betere arbeidsvoorwaarden dan het bedrijfsleven?

Biedt de Rijksoverheid betere arbeidsvoorwaarden dan het bedrijfsleven?

‘Wij zijn als Rijksoverheid de grootste concurrent op de arbeidsmarkt’, zei staatssecretaris Eric van der Burg op 27 oktober bij ‘Sven op 1’. Volgens hem komt dat doordat de overheid goede arbeidsvoorwaarden biedt. Maar zijn de arbeidsvoorwaarden bij de Rijksoverheid daadwerkelijk beter dan bij vergelijkbare werkgevers in het bedrijfsleven?

Om dat te onderzoeken, kijken we naar twee onderdelen: het salaris en de secundaire arbeidsvoorwaarden. Daarvoor gebruiken we onderzoek van SEO Economisch Onderzoek en recente cijfers van het CBS. Ook spraken we met een van de onderzoekers van SEO.

Het salaris

Het onderzoek van SEO Economisch Onderzoek, gepubliceerd in 2024, vergelijkt de lonen van werknemers bij de overheid met die van vergelijkbare werknemers in andere sectoren. Daarbij houden de onderzoekers rekening met kenmerken zoals leeftijd, opleidingsniveau, geslacht en het aantal gewerkte uren. De salarisgegevens hebben betrekking op 2022.

Rijksambtenaren verdienden gemiddeld 37,32 euro bruto per uur. Bij vergelijkbare werknemers in het bedrijfsleven was dat 38,52 euro. Het gemiddelde uurloon bij het Rijk lag dus iets lager. De bedragen staan in figuur 3.3 van het onderzoeksrapport van SEO.

Recentere cijfers van het CBS laten zien dat de cao-lonen bij de overheid in het derde kwartaal van 2026 met 3,9 procent stegen. Bij particuliere bedrijven was dat 4,1 procent. De lonen in het bedrijfsleven stegen dus iets harder. Deze cijfers gaan over de overheid als geheel en niet specifiek over de Rijksoverheid. Ze geven daarom geen direct beeld van het salarisverschil tussen rijksambtenaren en werknemers in het bedrijfsleven. (CBS, derde kwartaal 2026)

Secundaire arbeidsvoorwaarden

Naast het salaris onderzocht SEO ook de secundaire arbeidsvoorwaarden. Daarvoor vergeleken de onderzoekers de cao van het Rijk met cao’s uit tien private sectoren. Op meerdere onderdelen scoort het Rijk gunstiger. Zo zijn de regelingen voor ouderschapsverlof en zorgverlof ruimer. Ook zijn er gunstigere regelingen voor extra uitkeringen, thuiswerkvergoedingen en opleidingsmogelijkheden. Vakantie-uren, feestdagen en overwerktoeslagen zijn juist vergelijkbaar. De vergelijking staat in tabel 3.1 van het SEO-onderzoeksrapport.

Ook de huidige cao bevat extra voorwaarden. Zo krijgen werknemers jaarlijks 64 extra IKB-uren en bedraagt het Individueel Keuzebudget 16,5 procent van het salaris. Dat budget kunnen werknemers onder meer laten uitbetalen of gebruiken om extra verlof te kopen. De afspraken staan in de CAO Rijk 2026.

Deskundige

Albert Rutten, onderzoeker bij SEO en medeauteur van het rapport, bevestigt dat de verschillen tussen werknemers groot kunnen zijn. ‘Specifiek voor het Rijk zien we dat de uurlonen voor heel de sector vergelijkbaar zijn met die van vergelijkbare werknemers in andere sectoren’, schrijft hij.

Sommige groepen verdienen bij het Rijk wel meer. ‘Zo verdienen werknemers bij het Rijk die in deeltijd werken (minder dan 30 uur per week) en werknemers met een wo-master gemiddeld een hoger bruto uurloon dan vergelijkbare werknemers in andere sectoren.’ Vooral werknemers boven de 35 jaar met een masteropleiding die in deeltijd werken, komen gunstiger uit de vergelijking. Jongeren onder de 35 jaar die voltijd werken, verdienen juist gemiddeld minder. ‘Werknemers die gemiddeld een lager bruto uurloon verdienen, zijn vooral jongeren onder de 35 die voltijd werken (ongeacht hun opleidingsniveau).’

Over de secundaire arbeidsvoorwaarden is Rutten duidelijker: ‘De cao van het Rijk scoort op het gebied van secundaire arbeidsvoorwaarden beter dan vergelijkbare cao’s in de private sector.’

Wel plaatst hij een kanttekening: de vergelijking gaat over cao-afspraken. Individuele werkgevers kunnen betere voorwaarden bieden dan in hun cao zijn vastgelegd.

Conclusie

De uitspraak van Van der Burg is grotendeels waar. Het gemiddelde uurloon bij de Rijksoverheid ligt iets lager dan bij vergelijkbare werknemers in het bedrijfsleven. Daar staat tegenover dat het Rijk op verschillende secundaire arbeidsvoorwaarden beter scoort, zoals op het gebied van verlofregelingen, extra uitkeringen en opleidingsmogelijkheden. Daarmee biedt de Rijksoverheid op meerdere onderdelen gunstigere arbeidsvoorwaarden dan vergelijkbare cao’s in de private sector. Individuele werkgevers kunnen echter betere voorwaarden aanbieden dan in hun cao staan.

Over de auteur

Robbin Griekspoor

Robbin Griekspoor (2004) is een student Journalistiek aan de Hogeschool Utrecht. Na twee jaar Rechtsgeleerdheid te hebben gestudeerd, ontdekte hij dat zijn passie toch ergens anders lag en maakte hij de overstap naar de journalistiek. Momenteel maakt hij samen met de redactie van Upd8 elke week nieuwsuitzendingen. Buiten zijn studie is hij helemaal gek van voetbal en krachttraining.