OnAir

Selecteer Pagina

Factcheck: Stoten de rijkeren werkelijk meer co2 uit dan de armeren?

Factcheck: Stoten de rijkeren werkelijk meer co2 uit dan de armeren?

Bron: ANP

‘De allerrijkste 0,1 procent van de wereldbevolking stoot meer co2 uit, dan de armste helft.’ Dat zei NOS-nieuwslezer Thomas Delsing op 27 oktober 2026 tijdens het NOS Radio 1 journaal. Het klinkt makkelijk om aan te nemen. Deze uitspraak gaat over de verschillen tussen arm en rijk, maar hoe groot zijn die verschillen precies? Klopt het wel dat een kleine groep superrijken gezamenlijk meer co2 uitstoot dan de armste helft van de wereldbevolking?

De rijkste 0,1 procent

De uitspraak van Delsing is gebaseerd op een onderzoek van Oxfam Novib. Hij vervolgt zijn zin namelijk met: ‘Volgens Oxfam Novib zitten er in die toplaag ongeveer 8 miljoen mensen. In twee jaar tijd zorgen zij voor evenveel uitstoot als iemand uit de armste groep in 30 jaar.’ In het rapport ‘Disaster Divide: How Climate Chaos Deepens Inequality and Enriches the Few’, ook gepubliceerd op 27 oktober, onderzoekt Oxfam de relatie tussen klimaatverandering en ongelijkheid.

Volgens het rapport stoot de rijkste 0,1 procent, ongeveer 8 miljoen mensen, meer co2 uit dan de armste 44 procent van de wereldbevolking. Dat komt neer op ongeveer 3,5 miljard mensen. Denk bij die acht miljoen rijke mensen aan bijvoorbeeld ondernemers, miljardairs, investeerders of topbestuurders (exacte namen zijn niet te vinden). Deze groep is dus verantwoordelijk voor een enorme hoeveelheid uitstoot, terwijl de armste groep dus voor veel minder uitstoot zorgt.

Het berekenen van co2 uitstoot.

Maar hoe weet Oxfam nou hoeveel co2 verschillende inkomensgroepen uitstoten? Hiervoor hebben zij gebruikgemaakt van het Stockholm Environment Institute (SEI). De uitstoot van landen wordt daarbij verdeeld over inwoners op basis van hun inkomen. Hiervoor worden onder andere gegevens uit de World Inequality Database gebruikt.

Het gaat hier om consumptie gerelateerde co2-uitstoot: de uitstoot die samenhangt met wat mensen consumeren. Daarbij worden bijvoorbeeld de uitstoot van producten en diensten meegenomen. Oxfam benadrukt in de methodologie dat de berekening alleen co2 omvat. Andere broeikasgassen uitstoot door bijvoorbeeld landgebruik zijn hier niet mee gerekend.

Volgens de berekening stootte de rijkste 0,1 procent in 2023 ongeveer 2.361 miljoen ton co2 uit. Denk aan vliegen, transport, wonen en consumptie. De armste 44 procent kwam samen uit op ongeveer 2.312 miljoen ton co2. De uitstoot van de rijkere groep ligt dus inderdaad hoger.

KNMI: ‘Broeikasgassen hoofdoorzaak klimaatverandering’

Peter Siegmund van het KNMI geeft aan dat co2 per land administratief wordt berekend. ‘Ja dat wordt allemaal per bon bekeken,’ zegt Siegmund. ‘Productie, transport of kleding en voedsel.’ Ook satellietmetingen kunnen volgens Siegmund helpen om te controleren waar co2 vandaan komt en om metingen te vergelijken met de cijfers die landen rapporteren. Het KNMI zich alleen dan weer niet specifiek bezig met het controleren van de uitstoot van verschillende landen.

Wel benadrukt Siegmund het belang van co2 voor klimaatverandering. ‘De toegenomen broeikasgassen, daar is co2 het belangrijkste van, is de hoofdoorzaak van de opwarming van de aarde.’

Hoe zit dat in Nederland

Ook in Nederland zijn er verschillen tussen inkomensgroepen. Uit onderzoek van het CBS uit 2026 blijkt dat huishoudens met de hoogste inkomens, een grotere uitstoot hebben dan huishoudens met de laagste inkomens. De voetafdruk van de hoogste inkomensgroep is maar liefst 116 procent groter. Ook wordt er gekeken naar de verschillen in huishoudgrootte bij het CBS. Dan is het verschil wat kleiner, namelijk 64 procent.

Dit laat goed zien dat ook in ons kikkerlandje inkomen een grote rol speelt bij de hoeveelheid uitstoot die huishoudens veroorzaken.

Conclusie

De uitspraak van Thomas Delsing is: grotendeels waar. Echter zit er een kleine onnauwkeurigheid in. Het Oxfam-onderzoek uit 2026 laat zien dat de rijkste 0,1 procent van de wereldbevolking meer co2 uitstoot dan de armste 44 procent. Dat is bijna de helft, maar niet precies de armste 50 procent.

De genoemde cijfers van Oxfam ondersteunen dus de kern van de uitspraak: een kleinere groep zeer rijke mensen veroorzaakt samen meer co2-uitstoot dan miljarden mensen met de laagste inkomens. Toch is het belangrijk om de vergelijking precies te formuleren, al helemaal voor een organisatie als de NOS, die volgens hen zelf: ‘hoge journalistieke eisen van zorgvuldigheid, betrouwbaarheid, ongebondenheid, pluriformiteit en objectiviteit’ hoog in het vaandel heeft staan. De uitspraak is daarom grotendeels waar, maar niet helemaal exact.

Over de auteur

Ole Laenen

• Ole Laenen (2005) is student Journalistiek aan de Hogeschool Utrecht. Zijn interesses liggen vooral bij sport, politiek en regionaal nieuws. Zijn doel is dan ook om later als journalist van Viaplay te zijn langs het voetbalveld te staan of in de studio te zitten. Hij produceert momenteel nieuws in regio Nieuwegein. • Contact • E-mail: ole.laenen@student.hu.nl