Spotlight

Selecteer Pagina

Factcheck: Is de kans kleiner dan 5% dat Nederland en Europa de klimaatdoelen van Parijs halen?

Factcheck: Is de kans kleiner dan 5% dat Nederland en Europa de klimaatdoelen van Parijs halen?

Foto: ANP

Geschreven door: Tim Lutters

DEN HAAG – Tijdens de algemene politieke beschouwingen in de Tweede Kamer op 16 september 2026 deed JA21-fractievoorzitter Joost Eerdmans een uitspraak over de effectiviteit van klimaatbeleid. Hij stelde: “Als het PBL heeft gezegd dat de kans dat we, als Nederland en zelfs als Europa, de klimaatdoelen van Parijs halen kleiner is dan 5%, dan zegt dat toch genoeg?” Met deze woorden verwees Eerdmans naar de Klimaat- en Energieverkenning (KEV) 2026, een jaarlijks rapport dat het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) op Prinsjesdag presenteert aan de minister van Economische Zaken en Klimaat. De fractievoorzitter gebruikte deze claim vervolgens om zijn pleidooi voor klimaatadaptatie te onderbouwen en te beargumenteren dat verdere uitbreiding van klimaatbeleid weinig zinvol zou zijn. Maar klopt zijn bewering wel? Is de uitspraak dat “het PBL stelt dat de kans dat Nederland en Europa de klimaatdoelen van Parijs halen kleiner is dan 5%” een correcte weergave van wat er daadwerkelijk in de KEV 2026 staat?

 

Feitelijk oordeel
“Nee, feitelijk klopt deze uitspraak van Eerdmans niet”, stelt Gerald Schut, woordvoerder klimaat en energie van het PBL. “Die 5% gaat over de kans dat Nederland het Nederlandse wettelijk vastgestelde klimaatdoel in 2030 haalt. Dat is een ander doel dan het klimaatdoel van Parijs dat Eerdmans aanhaalt.” Eerdmans haalt twee verschillende klimaatdoelstellingen door elkaar. “Over andere klimaatdoelen, of we die gaan halen, hebben wij in de KEV-2026 geen kansenberekening gedaan.”

Ook Europa betrekken is misleidend. Detlef van Vuuren, senior onderzoeker bij het PBL en hoogleraar aan de Universiteit Utrecht, wijst erop dat Europa veel dichterbij haar doel zit. Het Voortgangsverslag 2025 van de Europese Commissie concludeert: “De EU ligt op schema om haar emissiereductiedoelstelling voor 2030 te halen, mits de bestaande en geplande beleidsmaatregelen volledig worden uitgevoerd.” Ook op dit niveau is Eerdmans’ uitspraak geen correcte weergave van de KEV-2026.

‘Meer doen, niet minder’
Verder stelt Van Vuuren dat uit die 5% niet volgt dat Nederland moet stoppen met klimaatbeleid: “De reden dat Nederland haar doel niet haalt, is een gebrek aan uitvoering van klimaatbeleid. Hoewel het nu lastig wordt om op het laatste moment te versnellen, zouden we uit het feit dat we doelen niet halen vooral moeten concluderen: meer te doen.”

 

‘Adaptatie is pleisters plakken’
Zeespiegelonderzoeker en klimaatwetenschapper bij NIOZ en Universiteit Utrecht Aimée Slangen vertelt dat we niet ontkomen aan aanpassing: “Het klimaat is al aan het veranderen. Dus adaptatie is onvermijdelijk. Maar daarnaast moeten we ook zorgen dat het niet verder gaat veranderen. Want adaptatie is pleisters plakken. En als we niets veranderen aan de oorzaak van die klimaatverandering, kun je steeds grotere pleisters gaan plakken.”

Eerdmans vervolgde zijn interruptie als volgt: “Als je daar 50 miljard in stopt en de kans om de doelen te halen is kleiner dan 5%, kun je niet anders vaststellen dan dat wij in Nederland het wereldklimaat niet kunnen aanpassen…. We moeten ons wel aanpassen aan het klimaat; daar ga ik volledig in mee.” Slangen noemt deze oorzaak-gevolgtrekking “eigenlijk nergens op” slaan. Volgens haar blijft die 5% alleen constant wanneer er niets verandert aan het huidige klimaatbeleid. “Het halen van dat klimaatdoel is niet het doel. Het verbeteren van dat klimaat moet het doel zijn.” Dat de kans op het halen van het doel klein is, betekent volgens haar daarom niet dat Nederland moet stoppen met klimaatbeleid.


De prijs van uitstel
De klimaatwetenschapper waarschuwt voor de gevolgen als Nederland niets verandert aan het huidige klimaatbeleid. “Als we op de huidige trend doorgaan, kijken we aan het eind van de eeuw richting 60 à 70 centimeter zeespiegelstijging voor de Nederlandse kust”, zegt ze. “Na 2100 komt er nog veel meer bij. Tegen 2300 gaat het over enkele meters.”

De zeespiegel stijgt niet meteen minder als we stoppen met uitstoten. “Klimaatsystemen reageren traag”, legt Slangen uit. “Denk aan ijskappen die smelten: dat gaat niet van de ene op de andere dag. Ook de oceaan warmt langzaam op en koelt niet direct af als we minder broeikasgassen uitstoten. Wat we nú doen, heeft dus nog eeuwenlang invloed op de zeespiegel.” Hoe meer we nú doen om de uitstoot terug te dringen, hoe kleiner dat na-ijleffect wordt. “Er staat voor Nederland echt wel degelijk iets op het spel”, benadrukt Slangen. Zelfs bij vrijwel geen uitstoot meer in 2100, blijft de zeespiegel nog eeuwenlang stijgen door de traagheid van klimaatsystemen.

 

Conclusie
De uitspraak die Joost Eerdmans doet tijdens het plenaire Tweede Kamer-debat van september 2026 is geen correcte weergave van wat er in het KEV-2026-rapport staat. De 5%-kans geldt uitsluitend voor het Nederlandse 2030-doel, niet voor Europa of de Parijs-doelen. De cijfers worden in een verkeerde context geplaatst om Eerdmans’ pleidooi voor klimaatadaptatie te rechtvaardigen.

Over de auteur

Tim Lutters

Hey Hallo! Ik ben Tim Lutters. 21 jaar geleden geboren in Utrecht, maar woon al 15 jaar met mijn moeder, zusje en Springer Spaniël (Bibs) in het meest gemiddelde dorp van Brabant, Boxtel. Ik heb een obsessieve belangstelling voor boeken en muziek. Ook Ik schrijf graag en ben in het weekend graag in een zwetende zaal van een of ander poppodia. Verder produceer ik op de donderdagavond en de zaterdagochtend een radioprogramma.