Bron foto : Flickr
Tijdens de uitzending van WNL op Zondag van zondag 27 september 2026 beweerde ondernemer Bert Hesselink in een gesprek over de accijns op benzine in Nederland iets opvallends. Hij stelde: ‘Door accijnsverhogingen op benzine gaat de CO₂-uitstoot in Nederland omhoog’. Kort voordat Hesselink deze claim maakte, werd er een kort interview getoond met de eigenaar van de laatste Nederlandse benzinepomp voor de Duitse grens. Hesselink heeft zelf meerdere winkels vlakbij de Duitse grens en heeft daardoor veel ervaring met Nederlanders die zijn winkel voorbij rijden om iets verderop goedkoper boodschappen te doen in Duitsland. Maar, is het daadwerkelijk zo dat er zoveel mensen net over de grens gaan tanken dat de CO₂-uitstoot van Nederland stijgt?
Accijnsen: een korte opfrisser
Het woord “accijnsen” komt tegenwoordig steeds vaker voorbij en vrijwel iedereen betaalt ze, maar wat zijn accijnsen precies? Voor consumenten is accijns een bepaald soort belasting die alleen voor bepaalde producten, bijvoorbeeld drank of tabak geldt en meestal al inbegrepen is bij de prijs die op een prijskaartje staat.
Op het moment bestaat bijna de helft van wat je in Nederland voor benzine betaalt uit accijns en btw. Vrijwel alle Europese landen heffen accijns op benzine en diesel. Nederland is het land met de hoogste in Europa met momenteel ongeveer €0.845 aan accijns per liter benzine inclusief accijnskorting.
Accijnskorting is een tijdelijke verlaging van de accijns. Momenteel geldt er een accijnskorting van bijna 16%. Op Prinsjesdag 2026 is bekendgemaakt dat de accijnskorting volgend jaar niet stijgt terwijl dat eerst wel het plan was, daar ging het WNL op Zondag item over waar de claim uit komt.
Tanken in het buitenland
De claim is gebaseerd op het feit dat Nederlanders die relatief dichtbij de grens wonen soms tanken in een buurland. Benzine is daar vaak goedkoper dan in Nederland, waar een liter benzine gemiddeld €2,419 kost. In België kost een liter benzine gemiddeld €1,963, in Duitsland gemiddeld €2,276.
Als de stelling van Hesselink klopt zou dat betekenen dat er zo veel Nederlanders naar het buitenland rijden dat er meer CO₂ wordt uitgestoten dan voordat de benzine zo in prijs begon te stijgen.
Volgens Bas van Doren, wetenschappelijk onderzoeker bij het Planbureau voor de Leefomgeving is de claim hoogstwaarschijnlijk incorrect. ‘Als ik kijk naar de literatuur die er over te vinden is, zou ik niet verwachten dat het waar is,’ zegt hij.
Toon Zijlstra, senior onderzoeker bij het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid sluit zich daarbij aan; ‘ik kan me niet voorstellen dat die extra CO₂-uitstoot groter is dan de andere effecten.’
Die andere effecten waarop Zijlstra doelt zijn de effecten van de prijsstijging van benzine op CO₂-uitstoot binnen Nederland. Over het algemeen zorgt duurdere benzine namelijk voor minder uitstoot, ‘als de prijs hoger wordt gaan mensen soms zuiniger rijden,’ legt Zijlstra uit.
Van Doren vertelt dat als de brandstofprijs met 10 procent stijgt, het brandstofgebruik op korte termijn met 2 tot 3 procent daalt.
Lange versus korte termijn
Beide onderzoekers benadrukken dat het effect van een hogere brandstofprijs verschilt op de korte en de lange termijn.
De kortetermijneffecten kunnen de claim van Hesselink ondersteunen. Als benzine in Nederland duurder wordt dan in buurlanden krijgen automobilisten een financiële prikkel om daar te tanken. Dat dit gebeurt wordt door zowel Zijlstra als door van Doren erkend. Voor sommige mensen betekent dit extra kilometers en dus extra uitstoot.
Aan de andere kant kan een hogere benzineprijs mensen ook direct hun rijgedrag laten aanpassen, stelt Zijlstra. ‘Op korte termijn gaan mensen een goedkoper tankstation zoeken of laten ze de auto laten staan,’
De effecten op lange termijn ontkrachten de stelling van Hesselink dan weer. Allebei de heren zeggen dat de opkomst van elektrische auto’s daar een grote rol in speelt. Toon Zijlstra benoemt ook nog andere gedragsreacties die mensen op langere termijn hebben, volgens hem bijvoorbeeld; ‘in de vorm dat mensen een andere baan of woonplek zoeken.’ Deze veranderingen zorgen voor minder uitstoot.
Zowel Zijlstra als van Doren benoemt meerdere keren dat alhoewel zij met de beschikbare kennis hun twijfels hebben bij de claim van Hesselink, hun oordeel niet gebaseerd is op een actuele, volledig geïnformeerde berekening waarmee de claim volledig te bewijzen is.
Conclusie
De claim van Hesselink is waarschijnlijk niet waar. De extra CO₂-uitstoot door automobilisten die vanwege de hogere benzineprijs over de grens tanken, lijkt op te wegen tegen de uitstoot die wordt bespaard doordat mensen minder of zuiniger gaan rijden. Helemaal zeker is dat echter niet. Er is onvoldoende actuele data om alle effecten van de hogere benzineprijs tegen elkaar af te zetten en daarmee de totale verandering in CO₂-uitstoot precies te berekenen.