Terwijl tijdens Milan Fashion Week de nieuwste collecties worden gepresenteerd, probeert de internationale mode-industrie tegelijkertijd te verduurzamen. Maar duurzame mode moet concurreren met fast fashion, waarbij kleding snel, in grote hoeveelheden en voor lage prijzen wordt geproduceerd. Vooral die concurrentie maakt verduurzaming ingewikkeld.
Een van de problemen is de prijs. Duurzamer produceren kost vaak meer geld, terwijl consumenten gewend zijn geraakt aan de lage prijzen van fast fashion. Dat ziet ook Beatrice Venturi, textielontwerper bij Lottozero Studio in het Italiaanse Prato. De studio helpt onder andere ontwerpers en opkomende merken bij onderzoek naar textiel en nieuwe manieren van produceren.
‘Fast fashion draait om grote volumes, snelheid en lage prijzen. Duurzame mode richt zich daarentegen meer op kwaliteit, traceerbaarheid en verantwoordelijkere productieprocessen. Die kosten vaak meer tijd en middelen’, zegt Venturi.
Volgens haar hebben onder andere duurzamere materialen, aandacht voor arbeidsomstandigheden en het kunnen achterhalen waar materialen vandaan komen invloed op de prijs. Daarnaast wordt duurzame kleding vaak op kleinere schaal geproduceerd. Fastfashionbedrijven kunnen juist profiteren van de enorme hoeveelheden kleding die zij produceren.
Niet alleen anders produceren
Toch ligt het probleem niet alleen bij de manier waarop kleding wordt gemaakt. Emily Cooper, afkomstig uit Australië, studeerde Fashion Branding aan het Amsterdam Fashion Institute (AMFI) en werkt inmiddels onder andere in de mode-industrie en het modeonderwijs. Volgens haar speelt ook de manier waarop kleding aan consumenten wordt verkocht een belangrijke rol.
‘Marketing reageert niet alleen op de vraag van consumenten. Het kan actief verlangen creëren, trends versnellen en mensen aanmoedigen om meer te consumeren, terwijl we juist minder en beter zouden moeten consumeren’, zegt Cooper.
Ze ziet daarbij een tegenstrijdigheid onder jonge consumenten. Jongeren zijn volgens haar bewuster opgegroeid met onderwerpen als klimaatverandering, overconsumptie en greenwashing. Tegelijkertijd worden zij online voortdurend geconfronteerd met snel veranderende trends, advertenties, influencers en kledinghauls.
Cooper vindt daarom dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij de consument kan worden neergelegd. Ook bedrijven en overheden moeten volgens haar een rol spelen bij onder andere overproductie, transparantie en greenwashing.
Verder dan de catwalk
Grote internationale evenementen kunnen volgens zowel Cooper als Venturi wel bijdragen aan verandering. Tijdens Fashion Weeks krijgen nieuwe ontwerpen, materialen en productiemethoden wereldwijd aandacht. Venturi ziet daarin een mogelijkheid om duurzamere alternatieven zichtbaarder te maken.
Maar een duurzamere collectie op de catwalk is volgens haar niet genoeg. ‘Duurzaamheid moet niet beperkt blijven tot het evenement zelf. Betekenisvolle verandering moet het hele jaar door plaatsvinden bij bedrijven en in de volledige productieketen.’
Ook Cooper benadrukt dat Fashion Weeks invloed hebben op wat binnen de modewereld als aantrekkelijk en vernieuwend wordt gezien. Juist daardoor kunnen ze duurzaamheid meer aandacht geven. Uiteindelijk moet die verandering volgens haar verder gaan dan wat er tijdens Fashion Week op de catwalk te zien is.
Verslaggeefster Esmey Korkmaz legt uit welke impact de mode-industrie heeft op het milieu en welke rol fast fashion daarin speelt. Fashion editor en stylist Lieke Broekhuizen vertelt vervolgens tijdens het interview hoe duurzaamheid terugkomt in haar werk en tijdens Fashion Weeks.