Stephan van Baarle, fractievoorzitter van politieke partij DENK, deed op 7 oktober volgende uitspraak in een Tweede Kamervergadering: ‘Ik heb het in mijn bijdrage in de commissie ook gehad over de haatdragende, haatzaaiende en discriminerende acties die men soms “demonstreren” noemt, maar die dat niet zijn, namelijk het vernietigen of verbranden van de koran.’ In hoeverre is deze uitspraak waar?
Hiervoor kijken we eerst terug op de bijdrage in de commissie waar Van Baarle naar verwijst. 10 september dit jaar stelde hij in een debat over het demonstratierecht dat DENK het een ‘daad van haat’ vindt dat iemand het ‘heilige boek van (…) moslims doelbewust kan verbranden of vernietigen.’ Hier verwoordt Van Baarle de uitspraak meer als een mening en minder als een feit. Van Baarle en Koranverbrandingen hebben een langer lopende relatie: in augustus 2023 demonstreerde hij mee tegen het verbranden van een Koran door anti-islambeweging Pegida en vroeg hij het kabinet een wettelijk verbod op koranverbranding op te leggen naar Deens voorbeeld.
In dit land is inderdaad wel een wet tegen de verbranding van heilige schriften in het openbaar ingegaan. Dit is wel het enige Europese land waar zo’n wet van kracht is; hoewel er in Zweden bijvoorbeeld veel onrust is geweest rondom koranverbranding, kwam er geen wet die dit verbood. Ook een meerderheid van het Nederlandse kabinet-Rutte IV zag dit toentertijd niet zitten. Het daaropvolgende kabinet-Schoof wilde ook geen wettelijk verbod tegen verbranding van heilige schriften.
Zij stelden dat het verwerpelijk is dat dit plaatsvindt, maar zeiden te hechten aan de vrijheid van meningsuiting. Wel wordt er nu gekeken of burgemeesters meer wettelijke bevoegdheden kunnen krijgen om op te treden wanneer demonstraties uit de hand lopen; koranverbranding is hier slechts een onderdeel van. De aanpassing van deze wet loopt nog.
Koranverbranding is wettelijk toegestaan
Juridisch gezien is het dus toegestaan om een Koran of ander heilig schrift te verbranden of vernietigen. Belangrijk hierbij is dat wordt gekeken naar het doel hiervan: het valt onder de vrijheid van meningsuiting, zolang het niet aanzet tot haat of als groepsbelediging overkomt. Wanneer dit het geval is, verschilt per situatie. Zo werd Pegida-voorman Edwin Wagensveld veroordeelt in 2024 tot een voorwaardelijke taakstraf van 40 uur. Hij verscheurde de Koran en noemde dit een fascistisch boek. Dit beoordeelde de rechter als groepsbelediging voor moslims en geldt als de enige veroordeling in Nederland voor het vernietigen van een heilig schrift.
Sommige geplande koranvernietigingen in Nederland werden door de politie tegengehouden voordat of omdat zij uit de hand zouden lopen. De meeste vernietigingen van heilige schriften in Nederland verliepen wel volgens de wet; hier gold dus het demonstratierecht dus. Concrete cijfers over het aantal koranverbrandingen, of vernietigingen van andere heilige schriften, ontbreken. Onderzoekers vermoeden wel dat de Koran in Nederland meer wordt verbrand dan andere boeken.
Media-aandacht voor Koranverbrandingen
Als de media over ontheiliging bericht, wordt de Koran hier het vaakst bij aangehaald volgens Anita Nissen. Nissen is universitair hoofddocent European Studies aan de Aalborg University en focust zich op extreemrechtse politiek. ‘Moslims zien de ontheiliging van een koran eerder als een inbreuk op hun godsdienstvrijheid dan als een kwestie die draait om het recht op protest. Zij beschouwen dit als een uiterst beledigende daad; christenen beschouwen een dergelijke ontheiliging van een voor hun heilig boek niet als even verwerpelijk.’ De Bijbel of Thora wordt in het openbaar wel eens verbrandt, maar levert minder media-aandacht op omdat er vanuit de bevolking minder heftig op wordt gereageerd.
Tim Wolff is werkzaam aan de UvA en onderzoek onder andere religievrijheid. Hij voegt toe: ‘Er is een aantal – meestal rechtse – mensen die de islam en zo de Koran als een ernstige maatschappelijke bedreiging zien. Zo wordt het christendom en het judaïsme door weinig mensen gezien.’
Hoewel het verbranden van een heilig schrift zelf dus niet strafbaar is in Nederland, kan deze wet wel worden overtreden wanneer hierbij groepsbelediging of discriminatie plaatsvindt. Van Baarle stelt in zijn uitspraak op 7 oktober onterecht dat het verbranden van een Koran geen demonstratie is. Als de context wordt bekeken en zijn eerdere uitspraak van 10 september wordt aangehaald, wordt duidelijk dat zijn uitspraak een standpunt van DENK vertegenwoordigt.
