UPD8

Selecteer Pagina

Zo kiest Oslo de winnaar van de Nobelprijs

Zo kiest Oslo de winnaar van de Nobelprijs

Vrijdag om 11.00 uur stapt de voorzitter van het Noorse Nobelcomité naar de microfoon in Oslo en noemt een naam. Of een organisatie. De wereld weet dan wie de Nobelprijs voor de Vrede 2026 heeft gewonnen. Wat de wereld niet weet: hoe vijf mensen uit 287 kandidaten tot die keuze kwamen. En dat zal ze ook nooit weten, tenminste niet de komende vijftig jaar.

De Vredesprijs is de meest politieke onderscheiding ter wereld, en tegelijk de minst inzichtelijke. Hoe komt zo’n keuze tot stand? Wolfgang Wagner, hoogleraar internationale veiligheid aan de VU, mag zelf kandidaten voordragen en deed dat dit jaar weer, samen met zijn studenten. 

Wie de Nobelprijs voor de Vrede wil begrijpen, moet eerst begrijpen waarin hij verschilt van de andere Nobelprijzen. Die belonen vrijwel allemaal een prestatie: een natuurkundige die decennialang onderzoek heeft gedaan, een schrijver die in de canon thuishoort.

“Bij vrede is het vaak zo dat de bedoeling is om ook een interventie te maken, en invloed te hebben op een lopend conflict of een lopende vredesonderhandeling”, zegt Wagner. “Vaak heeft het Nobelcomité mensen genoemd die steun nodig hadden.”

Dat verklaart ook waarom winnaars soms midden in een onopgelost conflict staan. De prijs is minder een medaille voor wat is bereikt dan een duw richting wat nog moet gebeuren.

De beslissing ligt bij vijf mensen, benoemd door het Noorse parlement. Ze worden voorgedragen door de politieke partijen, en hun samenstelling weerspiegelt de krachtsverhoudingen in Noorwegen. Bij de vergaderingen zijn alleen die vijf leden en de secretaris van het comité aanwezig.

Is zo’n klein gezelschap te beïnvloeden? Wagner denkt dat het meevalt. “In Noorwegen bestaat wel een cultuur om zich niet makkelijk te laten beïnvloeden”, zegt hij. Als voorbeeld noemt hij dat Donald Trump de Noorse premier zou hebben gebeld om de prijs te regelen: “Maar het comité gaat er niet mee.” Of dat telefoontje zo is gebeurd, kan niet onafhankelijk worden bevestigd.

Van 287 namen naar één

Het proces begint met nominaties. Duizenden mensen mogen ze indienen: parlementsleden, regeringsleiders, hoogleraren in onder meer geschiedenis, sociale wetenschappen, rechten en filosofie, en eerdere winnaars. Wagner doet het via een account op de site van het Nobelinstituut. Wat hij daarna terug krijgt, is niet meer dan een e-mail. “Dat is eigenlijk alles wat er formeel gebeurt”, zegt hij.

De deadline is 31 januari. Dit jaar telde het comité 287 kandidaten: 208 personen en 79 organisaties. Wie ze zijn, maakt het comité niet bekend. Iedereen die nomineert mag dat wel zelf doen. De VU droeg dit jaar de Zuid-Soedanese vrouwen- en mensenrechtenactiviste Alokiir Malual voor.

Daarna bekijkt het comité alle nominaties en stelt een shortlist op. Het vergadert ongeveer eens per maand. En hier komen de experts in beeld, want vijf Noren kunnen onmogelijk elk conflict in detail kennen. “Niemand kent de details van wie wat doet, en wie te vertrouwen is, in al deze conflicten”, zegt Wagner. “Die expertkennis is echt belangrijk om een beeld te vormen.”

Dat doet ook zijn eigen werkgroep. Studenten stellen kandidaten voor, die worden gescreend, vaak met gewoon internetonderzoek, en soms met hulp van deskundigen. “Je wilt niet iemand nomineren die achteraf heel lelijke dingen heeft gedaan.”

Geen stemming

De belangrijkste les uit Wagners gesprek met het commissielid is dat het comité er alles aan doet om niet te stemmen. “Voor ons was het het belangrijkste om te begrijpen dat ze echt bij consensus besluiten”, zegt hij. “Er zijn vijf mensen en ze moeten het eens worden over één kandidaat. Soms duurt het langer, dan hebben ze een heleboel afspraken. “Maar ze proberen echt alles om niet te hoeven stemmen over verschillende kandidaten.”

Waarom zo geheim?

De nominaties blijven vijftig jaar geheim. Wagner kan niet precies zeggen waarom, maar ziet wel wat het oplevert. “Kennelijk werkt het heel goed voor het comité.” “Als zij een besluit nemen en dat wordt in oktober publiek gemaakt, wordt het heel breed door de media gedeeld en ook geaccepteerd.” Kritiek is er altijd, maar de onbekendheid maakt de aankondiging juist feestelijk: “Je weet niet wie er bijna genomineerd was en toch niet, of wie door wie gesteund werd.”

Dat is wel Wagners lezing, niet die van het comité. Het geheime proces maakt het ook moeilijk om te toetsen of de keuze eerlijk, onafhankelijk of politiek is. Wat je buiten Oslo ziet, is alleen het resultaat.


 

Over de auteur