AMERSFOORT – Steeds meer apps stellen hogere eisen aan smartphones. Daardoor dreigt een groeiende groep mensen toegang te verliezen tot belangrijke digitale diensten zoals bankapps en DigiD. Vooral ouderen en mensen met beperkte digitale vaardigheden lopen risico. Belangenorganisaties slaan alarm en roepen op tot betere ondersteuning en alternatieven.
Veel belangrijke apps werken binnenkort alleen nog op nieuwere besturingssystemen. Dat betekent dat mensen met oudere telefoons soms geen gebruik meer kunnen maken van digitale diensten. Volgens Ed Klute van belangenorganisatie U op Leeftijd kan dat grote gevolgen hebben. ‘Als een toestel niet meer voldoet aan de juiste Android- of Apple-versie kan het in het slechtste geval betekenen dat een app gewoon ophoudt te bestaan,’ zegt hij.
Sommige telefoons kunnen nog worden geüpdatet, maar dat lukt lang niet altijd. Vooral toestellen van acht jaar of ouder krijgen vaak geen nieuwe software meer. ‘Dan stopt bijvoorbeeld een bankapp, terwijl andere apps later volgen,’ legt Klute uit.
Minder zichtbaar probleem
Toch blijkt het probleem minder zichtbaar dan vaak wordt gedacht. Dat komt doordat veel ouderen helemaal geen bankapp gebruiken. ‘Van de 75-plussers heeft ongeveer 65 procent een smartphone,’ zegt Klute. ‘Maar slechts zo’n 35 procent gebruikt daadwerkelijk de bankapp.’ Daardoor vallen veel problemen buiten beeld.
Volgens hem komt het grootste risico juist later. Banken, overheden en andere organisaties willen dat steeds meer mensen hun diensten via apps regelen. ‘Uiteindelijk willen organisaties naar ongeveer tachtig procent appgebruik,’ zegt Klute. ‘Maar juist in de groep die die apps nu nog niet gebruikt, zitten relatief veel mensen met verouderde telefoons.’
Hoewel ouderen vaak worden genoemd, zijn er meer groepen die risico lopen. Mensen met een laag inkomen, laaggeletterden of mensen met een verstandelijke beperking kunnen ook moeite hebben met digitale veranderingen. ‘Veel van deze mensen regelen hun bankzaken al met hulp van anderen,’ zegt Klute. ‘Als apps niet meer werken op hun toestel, verliezen ze soms zelfs het overzicht over hun eigen rekening.’ Dat kan volgens hem ook risico’s opleveren. ‘Als iemand anders via zijn eigen telefoon toegang heeft tot de rekening, kan de eigenaar minder goed zien wat er gebeurt.’
Naast bankzaken kunnen ook andere dagelijkse dingen moeilijker worden. Steeds meer diensten werken via apps, bijvoorbeeld parkeren, pakketbezorging of toegang tot zorgportalen. ‘Je ziet dat gemeenten en bedrijven steeds vaker apps gebruiken,’ zegt Klute. ‘Maar als iemand die app niet heeft, kan het soms lastig worden om bijvoorbeeld te betalen of informatie te vinden.’Volgens hem is betere afstemming nodig tussen organisaties. Nu verhogen verschillende partijen op verschillende momenten hun eisen voor software.
Probleem in Amersfoort
De 74-jarige Jan van den Berg merkte vorig jaar dat zijn telefoon niet meer geschikt was voor verschillende apps. ‘Ik kreeg ineens een melding dat mijn bankapp binnenkort niet meer zou werken,’ vertelt hij. ‘Mijn telefoon doet het verder nog prima, dus ik snapte niet waarom ik ineens een nieuwe moest kopen.’ Van den Berg probeerde eerst zelf uit te zoeken wat er aan de hand was, maar dat bleek lastig. ‘Je moet dan allerlei instellingen bekijken en updates doen. Daar word ik eerlijk gezegd een beetje onzeker van.’ Uiteindelijk vroeg hij hulp aan zijn dochter. ‘Zij heeft alles opnieuw ingesteld op een nieuwe telefoon. Maar zonder haar was dat me waarschijnlijk niet gelukt.’
Volgens Van den Berg zijn veel leeftijdsgenoten afhankelijk van hulp. ‘Je wilt het eigenlijk zelf kunnen, maar soms is het gewoon te ingewikkeld.’
Oproep tot oplossingen
Volgens Klute is het belangrijk dat organisaties meer rekening houden met verschillende gebruikers. Hij pleit onder meer voor eenvoudigere apps. ‘Je zou bijvoorbeeld een lichtere versie van een app kunnen maken met alleen de belangrijkste functies,’ zegt hij. ‘Met een paar duidelijke knoppen kunnen veel mensen hun bankzaken nog prima regelen.’ Daarnaast vindt hij dat alternatieven moeten blijven bestaan. Sommige mensen gebruiken nog een apparaatje waarmee ze via de computer inloggen op hun bank. ‘Er zijn nog veel mensen die op die manier bankieren,’ zegt Klute. ‘Die mogelijkheid moet blijven bestaan.’
Voor mensen die vastlopen met digitale zaken zijn er verschillende plekken waar ze terechtkunnen voor hulp. In veel bibliotheken worden cursussen en inloopspreekuren georganiseerd over digitale vaardigheden en het gebruik van DigiD.
