AMERSFOORT – In Amersfoort heeft ongeveer 12 procent van de inwoners moeite met lezen, schrijven en/of rekenen, aanzienlijk minder dan het landelijke gemiddelde van 22 procent. Toch waarschuwt adviseur Mariet Hattink van Stichting Lezen en Schrijven dat het probleem daarmee niet kleiner is. ‘Het betekent dat ruim 1 op de 5 volwassenen in Nederland moeite heeft om volwaardig mee te doen.’
Volgens cijfers uit het Basisvaardighedeninzicht gaat het in Amersfoort om zo’n 14.500 mensen. Hoewel het percentage lager ligt dan landelijk, wijst Hattink erop dat de impact groot blijft. ‘Mensen met beperkte basisvaardigheden kunnen hun kinderen vaak niet goed helpen met huiswerk, hebben meer moeite met het vinden en behouden van werk en hebben vaker een slechtere gezondheid’ zegt ze. ‘Het speelt op allerlei levensgebieden een rol.’
Werkend, maar kwetsbaar
Opvallend is dat een groot deel van deze groep in Amersfoort werkt. Ongeveer 47 procent van de mensen met beperkte basisvaardigheden heeft een baan, tegenover 43 procent landelijk. Volgens Hattink verschuift daarmee de uitdaging. ‘Het gaat niet alleen om mensen zonder werk. Juist mensen die midden in de maatschappij staan, lopen tegen problemen aan. Denk aan het schrijven van rapportages of het leren werken met nieuwe digitale systemen.’ Ook op de werkvloer kan dat risico’s opleveren. ‘Als iemand veiligheidsinstructies niet goed begrijpt, kunnen er gevaarlijke situaties ontstaan’ legt Hattink uit.
Grotere groep ‘onzichtbare’ laaggeletterden
Een ander opvallend verschil is dat in Amersfoort relatief veel mensen met Nederlands als moedertaal moeite hebben met basisvaardigheden. Ongeveer 61 procent van de doelgroep valt onder de zogenoemde NT1-groep, tegenover 58 procent landelijk. Volgens Hattink zorgt dit voor een hardnekkig misverstand. ‘Veel mensen denken dat laaggeletterdheid vooral voorkomt bij mensen die Nederlands niet als eerste taal hebben. Maar een meerderheid heeft juist Nederlands als moedertaal. Omdat je het vaak niet hoort, blijft het probleem onzichtbaar.’ Daar komt bij dat schaamte een grote rol speelt. ‘Mensen praten er niet graag over. Ze denken vaak dat ze de enige zijn, terwijl dat helemaal niet zo is.’
Hulp nog niet gevonden
Om mensen te ondersteunen, werkt Stichting Lezen en Schrijven samen met uitzendbureau Olympia. Die hulp lijkt echter in de praktijk nog niet goed gevonden te worden. Dylan, medewerker van Olympia in Amersfoort, ziet nog weinig verandering. ‘Het is sinds kort vanuit het hoofdkantoor opgezet en nog nieuw voor iedereen’ zegt hij. ‘Ik heb ook nog niet het idee dat er een andere doelgroep binnenkomt of dat mensen ons hiervoor weten te vinden.’ Ook concrete hulpvragen blijven uit. ‘Ik heb nog niemand gehad die binnenkwam met de vraag of we hem of haar hiermee konden helpen.’
Hattink vindt dat niet verrassend. ‘De drempels zijn hoog. Schaamte speelt een rol, maar ook het gevoel dat het ‘wel gaat’. Daarnaast hebben veel mensen negatieve schoolervaringen of weten ze simpelweg niet dat er hulp bestaat.’
Onder de radar
De uitdaging in Amersfoort ligt volgens Hattink vooral in het zichtbaar maken van de doelgroep. ‘Veel mensen redden zich ogenschijnlijk prima, maar lopen in de praktijk tegen allerlei beperkingen aan’ legt ze uit. ‘Omdat ze werken en Nederlands spreken, wordt hun probleem vaak niet herkend.’
Juist daarom is het volgens haar belangrijk om actief te blijven inzetten op bereik en ondersteuning. ‘Dat vraagt om gerichte inspanningen, bijvoorbeeld via werkgevers of lokale organisaties.’ Investeren in volwasseneneducatie blijft daarbij essentieel. ‘Alleen zo kunnen we voorkomen dat mensen blijven vastlopen en hen helpen om echt stappen vooruit te zetten.’