AMERSFOORT – Een belangrijke dag voor de freelance leraar! Scholen in Nederland krijgen vanaf vandaag een vergoeding voor het inhuren van een zzp-invaller voor een zieke leraar. Amersfoorter Jan-Willem Duim heeft negen jaar lang gestreden voor het SNA-keurmerk (Stichting Normering Arbeid) dat dit mogelijk maakt.
Je hebt negen jaar gestreden voor dat SNA-keurmerk. Waarom was dat zo belangrijk?
‘Het SNA-keurmerk is bedoeld om onderscheid te maken tussen bureaus die hun administratie goed op orde hebben en malafide organisaties. Dat is op zich goed bedoeld, maar daardoor viel de zzp’er buiten de boot.
Ik doe iets voor zzp’ers, maar kreeg telkens te horen: ‘U heeft niemand in loondienst, dus u kunt geen keurmerk krijgen.’ Terwijl wij juist geld van scholen beheren en dat netjes moeten doorbetalen. Dan wil je juist kunnen aantonen dat je dat goed doet.’
Wat is er nu veranderd?
‘Tot voor kort was het gewoon onmogelijk voor zzp-platforms om dat keurmerk te krijgen. Sinds een paar maanden kan het wel, en wij hebben het meteen gehaald.
De regels zijn aangepast. Dat heeft er ook mee te maken dat uitzendbureaus omvallen en dat organisaties zoals SNA ook moeten kijken hoe ze relevant blijven. Daardoor zijn zzp-platforms nu ook toegelaten.’
Waarom is dat keurmerk zo belangrijk voor scholen?
‘Het vervangingsfonds stelt het SNA-keurmerk als voorwaarde voor vergoeding. Daardoor kozen scholen vaak voor duurdere uitzendkrachten in plaats van goedkopere zzp’ers.
Met dit keurmerk kunnen scholen nu laten zien dat ze met een partij werken die alles netjes volgens de regels doet. Dat geeft vertrouwen.’
Er is veel discussie over zzp’ers in het onderwijs. Hoe kijken scholen in Amersfoort hier naar?
‘Die discussie speelt overal, ook in Amersfoort. Er zijn bestuurders die zeggen: ‘Wij doen het niet.’ Maar in de praktijk gebeurt het wel.
Ik sta zelf voor de klas in Amersfoort, op een school van een bestuur dat officieel meedoet aan een boycot. Maar ze gebruiken gewoon zzp’ers. En dat snap ik ook, want ze zijn nodig.’
Waar komt die weerstand tegen zzp’ers vandaan?
‘Dat komt vooral door de onduidelijkheid rond de wet DBA. Die wet bestaat al sinds 2016, maar er werd nooit gehandhaafd. Nu zegt de overheid: we gaan wel handhaven, maar de regels zijn nog steeds vaag.
Dus organisaties denken: als we het niet zeker weten, dan doen we het maar niet. Daardoor lijkt het alsof zzp’ers niet mogen, maar dat is niet waar.’
Wat zie je daarvan terug in de praktijk?
‘Bij de Kamer van Koophandel zie je dat het aantal zzp’ers blijft groeien. Maar het aantal opdrachten neemt af.
Dat komt doordat scholen bang zijn geworden om zzp’ers in te huren, niet omdat het verboden is.’
Wat betekent dit voor het onderwijs?
‘Het onderwijs is een sector met veel verzuim en uitstroom. Er is eigenlijk geen tekort aan leraren, maar een tekort aan leraren die in loondienst willen werken.
Er zijn tienduizenden gediplomeerde leraren die nu buiten het onderwijs werken. Die kun je met flexibele vormen, zoals zzp, weer terughalen.’
Wat verandert het keurmerk daarin?
‘Het keurmerk bevestigt dat zzp’ers er gewoon bij horen. Tot nu toe kon je alleen laten zien dat je het goed deed als je met detachering werkte.
Nu kun je ook met zzp’ers aantonen dat je administratie voldoet aan alle eisen. Dat geeft scholen vertrouwen om ze weer in te zetten.’
Je werkt zonder winstoogmerk. Waarom?
‘Omdat onderwijsgeld in het onderwijs moet blijven. Je hoeft geen winst te maken om zo’n platform te laten draaien.
Bij ons gaat alles online: scholen en zzp’ers vinden elkaar direct. Daardoor heb je veel minder kosten dan bij traditionele bureaus. Wat overblijft zijn alleen noodzakelijke kosten, zoals software en juridische ondersteuning.’
Wat hoop je dat er nu gaat gebeuren?
‘Ik hoop dat de angst rond zzp’ers verdwijnt. Ze zijn geen probleem, maar juist een oplossing.
Zonder zzp’ers krijgt het onderwijs het gewoon niet rond. Met deze ontwikkeling kunnen we laten zien dat het ook gewoon netjes, legaal en goed georganiseerd kan.’