Amersfoort

Selecteer Pagina

Cindy Kok in de keuken voor de dak- en thuisloze

Cindy Kok in de keuken voor de dak- en thuisloze

Samen met Cindy kookt het CDA een heerlijke maaltijd voor de dak- en thuisloze van Amersfoort

CENTRUM – Cindy Kok werkt al bijna een jaar voor motiva in Amersfoort waar ze dak- en thuisloze ondersteund. Ze verteld over het afgelopen jaar en over de koude tijden die de dak- en thuisloze te wachten staan.

‘Ik deed hier af en toe al vrijwilligerswerk. Dan kookte ik hier één keer in de zoveel tijd met vriendinnen. Ik was op zoek naar een andere baan en René zei eigenlijk al snel dat er hier een plekje vrij kwam. Zo ben ik hier begonnen.                                                                          We zijn eigenlijk een belangenbehartiger voor dak- en thuislozen. De ene is al een tijd dakloos, de ander wordt thuisloos. Dat kunnen gezinnen zijn, alleenstaanden, mensen met verslavingsproblematiek, mensen met psychische problematiek, echt van alles.                                                                                                  Dan gaan we eigenlijk kijken hoe we iemand naar de juiste zorg kunnen begeleiden.            Wat we ook organiseren is een stukje dagbesteding. Mensen kunnen hier een prikker, een hesje en een vuilniszak halen en dan in de stad straatvuil ophalen. Aan het einde leveren ze alles weer in en dan krijgen ze zes euro. Dat is met behoud van uitkering.                             Het zorgt ervoor dat ze hun wekker zetten, uit bed komen, hier onder de aandacht zijn, wij kunnen zien hoe het met hen gaat, ze kunnen vragen stellen en het heeft ook een groot sociaal pluspunt.’

‘In de winter is er een brede winteropvang. Als de gevoelstemperatuur onder nul wordt, mag niemand meer op straat. Dan wordt iedereen naar binnen gehaald. Het CDA komt dan voor kerst koken, maar we hebben hier het hele jaar door vrijwilligers die koken. Het MBO hier in Amersfoort doet nu een actie; Die kookt vier vrijdagen achter elkaar en zamelt geld in voor ons. Vanochtend kwamen er nog twee mensen die ik eigenlijk helemaal niet ken. Die hadden een oproep gezien dat we kerstbrood zochten om uit te delen. Die komen dat dan brengen. We hebben iemand die één keer in de week bij de Spar overgebleven brood ophaalt dat normaal gesproken wordt weggegooid omdat het een dag oud is. Zonder al die initiatieven kunnen wij dit werk ook niet doen. We worden ook gesteund door de gemeente Amersfoort, daarmee hebben wij hele korte lijnen. Als er dingen echt mislopen, bijvoorbeeld in de opvang, dan kunnen we direct schakelen met ambtenaren en de wethouder om te kijken hoe we dat anders kunnen doen.’ Het is wel opvallend dat in december ineens iedereen wat extra’s wil doen. Terwijl wij ook wel eens denken: dat mag ook in januari of februari. Dan kunnen we het een beetje verdelen. Maar de kerstgedachte heerst wel. Eigenlijk alles wat wij doen is gesponsord. Het komt bijna niet voor dat wij een kerstontbijt of paasontbijt zelf moeten bekostigen of de chocoladeletters zelf kopen. Dat wordt bijna altijd gesponsord door mensen die het belangrijk vinden om iets te doen voor een ander die het minder goed heeft. De hoeveelheid mensen die we helpen verschilt ook. Soms is het relatief rustig en soms komen er ineens weer drie nieuwe mensen waarvoor alles opgestart moet worden. Ook de hoeveelheid mensen op de dagbesteding verschilt dagelijks, de ene dag zijn het er zes en de andere dag twaalf. Als ik schat hoeveel mensen we dit jaar geholpen hebben, dan zijn dat er misschien 25 die echt dakloos waren en waar we wat voor hebben kunnen doen.’

‘Er waren twee personen die ik in juni voor het eerst gezien heb. Toen zaten ze in een hele moeilijke situatie en sliepen ze buiten of in de auto. En daar gaat het nu langzaamaan iets beter mee, dat doet mij heel erg goed. Ze kwamen laten zien hoe goed het met hen gaat en ze hadden een hele lieve kerstkaart geschreven met duizendmaal dank. Daar ben ik ontzettend blij mee. Het zijn beide vrouwen en omdat ik zelf vrouw ben raakt mij dat extra. Hun verhaal is mijn succesverhaal van dit jaar. Ik vergelijk zo’n verhaal dan ook heel erg met mezelf, want dit had mij ook kunnen overkomen. Je kan dit werk niet doen zonder er met je hart in te zitten, maar je moet ook je eigen hart beschermen zodat je het niet mee naar huis neemt. De balans is soms best zoeken. Maar René en ik hebben daar veel gesprekken over als er heftige situaties zijn. Ik hoop gewoon dat wij kunnen doorgaan zoals we nu doen, dat mensen ons nog beter weten te vinden en dat we met elkaar het zorgnetwerk nog sterker kunnen maken. Ik denk dat dat vooral zit in elkaar blijven opzoeken en in gesprek blijven gaan. Niet alleen op momenten dat het nodig is, maar ook op meer ontspannen momenten. Dan is het in tijden van crisis makkelijker om snel te schakelen. Dat lijkt me een heel mooi doel om te behalen.’

 

Over de auteur