Leidsche Rijn

Selecteer Pagina

Hoge cijfers auto-inbraken zetten gevoel van veiligheid in Utrecht onder druk

Hoge cijfers auto-inbraken zetten gevoel van veiligheid in Utrecht onder druk

Auto's in Interparking Hoog Catharijne P1

UTRECHT – Na jaren van dalende cijfers stijgt het aantal auto-inbraken in Utrecht opnieuw. Uit CBS-cijfers blijkt dat in de gemeente Utrecht in 2025 sprake is van 95 auto-inbraken per 10.000 inwoners, tegenover een landelijk gemiddelde van 21. Daarmee scoort Utrecht het hoogst van Nederland. Lukas van den Boom, coördinator High Impact Crimes en Veelvoorkomende Criminaliteit bij de gemeente Utrecht, noemt auto-inbraken een blijvende uitdaging voor de stad.

CBS-cijfers laten zien dat Utrecht niet alleen de hoogste score van Nederland heeft, maar daarbij ook afwijkt van het landelijke beeld. Waar auto-inbraken landelijk juist dalen, stijgt het aantal geregistreerde diefstallen uit en vanaf motorvoertuigen in gemeente Utrecht in 2024 en 2025 weer, na jaren van afname. Juist dat roept de vraag op of preventie en toezicht in de stad voldoende effect hebben.

Coördinator High Impact Crimes Van den Boom zegt dat hij “niet volledig verrast” is door de hoge cijfers. Volgens hem komt Utrecht vaker hoog voor in dit soort overzichten. Dat betekent niet dat er één simpele verklaring is. ‘Je hebt best wel wat verschillende factoren die hier aan bijdragen.’

Preventie is lastig, toezicht beperkt
Volgens Van den Boom spelen onder meer grote en kwetsbare parkeergarages, parkeerhotspots, de bereikbaarheid van de stad en verschillende typen auto-inbraak een rol. Een deel van de inbraken draait om waardevolle spullen zoals laptops of tassen. Een ander deel is juist gericht op auto-onderdelen, zoals schermen, koplampen, buitenspiegels en boordcomputers. Tegen dat laatste is volgens hem veel moeilijker te waarschuwen en beschermen.

Binnen Utrecht verschillen de aantallen bovendien per wijk. Volgens Van den Boom bestaan in een top tien van autokraaklocaties veel parkeergarages, naast grote parkeerstraten en andere drukke plekken. Dat beeld komt ook terug in ervaringen van bezoekers. In Google Reviews van parkeergarage Hoog Catharijne melden meerdere gebruikers auto-inbraken en klagen zij over een gebrek aan toezicht. Hotspots verschuiven bovendien per periode.

De gemeente probeert volgens Van den Boom wel maatregelen te nemen, zoals campagnes, gesprekken met parkeergaragebedrijven en tijdelijke inzet van boa’s op plekken waar veel wordt ingebroken. Tegelijk erkent hij dat de aanpak grenzen heeft. Bewoners zijn nog te waarschuwen om geen waardevolle spullen in de auto te laten liggen, maar bij diefstal van ingebouwde onderdelen hebben automobilisten vaak weinig invloed. Ook de pakkans is volgens hem niet groot. Bij de inzet van politie en gemeente wordt vaak de keuze gemaakt om misdrijven waarbij direct slachtoffer-dader contact is, zoals woninginbraak of nepagenten, voorrang te geven.

Slachtoffers betalen de prijs
Gedupeerden draaien vaak financieel op voor de kosten van een auto-inbraak. Maar, dat die kosten niet alleen financieel zijn, blijkt uit de ervaringen van slachtoffers. Een 27-jarige Utrechtse uit Tuinwijk krijgt in de zomer in korte tijd twee keer te maken met auto-inbraak. Uit haar Peugeot 108 halen daders beide keren het ingebouwde scherm. ‘Ik was er heel erg van geschrokken’,  zegt ze. ‘De eerste paar nachten sliep ik toch ook niet zo lekker.’ Na de tweede inbraak besluit ze haar auto niet meer op straat te laten staan. In plaats van een parkeervergunning van veertig euro, huurt ze nu een plek in een garage. ‘Ik ga mijn auto niet meer op straat zetten, ik ben eigenlijk geforceerd om dat te doen.’ Die keuze kost haar 250 euro per maand, naast twee keer 300 euro eigen risico. ‘Wat is er dan meer waard? Een leuk autootje of gewoon iets meer rust?’

‘Je wordt gewoon aan je lot overgelaten’
Ook Marlou (41) ervaart dat zo. Zij woont in de omgeving van het Lodewijk Napoleonplantsoen vlak bij het stadion en zegt dat daar regelmatig wordt ingebroken. In december kocht zij een Volkswagen Golf uit 2017. Twee weken later wordt er ingebroken. In eerste instantie denkt de 41-jarige dat het gewoon pech hebben is, maar nadat de auto is gerepareerd, gebeurt het twee weken later opnieuw. Bij beide inbraken halen daders het scherm en de boordcomputer uit de auto. Volgens de Utrechter loopt de schade per keer op tot bijna 6.000 euro. ‘Ik heb drie maanden een auto waar ik vier weken in gereden heb. Het beheerst op een gegeven moment echt je leven.’

Volgens Marlou vertelt een wijkagent haar dat auto-inbraken ‘helemaal geen prioriteit’ hebben en adviseert hij haar zelfs om de auto te verkopen en een ander merk te nemen. Daardoor voelt zij zich weinig beschermd en is haar vertrouwen in gemeente en politie afgenomen. ‘Je wordt gewoon aan je lot overgelaten.’ Ook extra maatregelen geven haar weinig vertrouwen. Er zit een alarm op de auto, maar dat houdt inbrekers volgens haar niet tegen. Een garage in de buurt is er niet, en een andere veilige plek om te parkeren evenmin. Waar haar eerste autootje vrijheid had moeten betekenen, levert die nu vooral stress, schade en onzekerheid op. ‘Het is niet meer de vraag óf er wordt ingebroken, maar wanneer.’

Vragen over effectiviteit blijven staan
Van den Boom zegt niet dat een gebrek aan toezicht dé oorzaak is van de hoge Utrechtse cijfers. Daarvoor spelen volgens hem te veel verschillende factoren mee. Maar de combinatie van stijgende cijfers, wisselende hotspots, beperkte pakkans en slachtoffers die zich onvoldoende beschermd voelen, maakt de vraag naar de effectiviteit van preventie en toezicht wel onvermijdelijk. De Politie wilde voor dit verhaal niet inhoudelijk ingaan op de Utrechtse cijfers en de aanpak van auto-inbraken.

Een hardnekkig probleem
De CBS-cijfers en de ervaringen van slachtoffers in verschillende Utrechtse buurten laten zien dat auto-inbraak in de stad geen los incident is. Utrecht is landelijk de uitschieter, terwijl de aantallen na jaren van daling weer oplopen. Volgens Van den Boom blijft auto-inbraak daarom een hardnekkig probleem voor de stad. Juist daardoor komt de vraag op tafel of de huidige aanpak, of het ontbreken er van, in een stad als Utrecht overtuigend genoeg is.

Over de auteur

Lola Agsteribbe

Lola Agsteribbe (2002) is geboren en opgegroeid te Groningen. In 2014 is ze naar het Zwarte Woud, Duitsland verhuisd, en groeide ze op in het hotel en restaurant van haar ouders. Hierdoor deed zij veel ervaring op in de horeca. Zij ging in Duitsland naar de Friedrich-Boysen Realschule (havo) in Altensteig. Hierdoor spreekt zij vloeiend Nederlands, Engels en Duits. Op haar 17e verhuisde ze terug naar Nederland. Lola was van plan om destijds de opleiding Journalistiek te volgen, maar liep door omstandigheden anders. Ze verhuisde terug naar Groningen om voortgezet algemeen volwassenenonderwijs (vavo) te doen. In 2021 begon Lola aan de mbo opleiding Marketing, Communicatie en Journalistiek te Utrecht. Tijdens deze studie heeft ze veel en brede ervaring mogen opdoen, zoals een stage bij KRO-NCRV als Social Media-Expert en een afstudeerstage bij BNNVARA Bar Laat op de online redactie. September 2025 begint Lola met de Bachelor Journalistiek te Utrecht. Zij interesseert zich voor onderwerpen als: mensenrechten, klimaatverandering, welzijn, internationaal, politiek en nog veel meer. Momenteel doet zij verslag in Amersfoort. Mocht u nieuws hebben of informatie, kunt u Lola bereiken via het e-mail adres hieronder. lola.agsteribbe@student.hu.nl