Leidsche Rijn

Selecteer Pagina

Padden trekken weer naar het water in Parkwijk, verkeer blijft het grootste gevaar

Padden trekken weer naar het water in Parkwijk, verkeer blijft het grootste gevaar

'Pas op! Paddentrek'-bord op de Grietmansraklaan in Parkwijk

PARKWIJK – Langs de Grietmansraklaan bij het Archeologiepark is de paddentrek weer begonnen. Vrijwilligers helpen padden daar oversteken naar het water, omdat de dieren onderweg gevaar lopen door verkeer. Volgens RAVON is de gewone pad op basis van overzetgegevens in zeventien jaar tijd met zo’n veertig procent afgenomen.

Het is grauw, donker, bewolkt en licht mistig langs de Grietmansraklaan in Leidsche Rijn. Op het water ligt dauw en in het schijnsel van zaklampen glinstert de berm langs de sloot. Langs een muur van keien, vlak bij het Archeologiepark in Parkwijk, begint in deze weken opnieuw een tocht die voor veel padden gevaarlijk afloopt: de trek naar het water om te paren. Beter bekend als de paddentrek.

Volgens vrijwilliger en coördinator Geert Koning overwinteren de padden in de stenenrand langs de route. Nu het weer zachter wordt, komen ze daaruit tevoorschijn om naar de sloot te trekken. ‘Als het een tijdje boven de tien graden is, is dat voor hen een teken om wakker te worden’, zegt hij tijdens de avondronde. Ook regen helpt mee: ‘Op zachte, vochtige avonden kan de trek ineens snel op gang komen’. In Leidsche Rijn gebeurt het overzetten met een groep van veertien tot zestien vrijwilligers. Koning is sinds 2015 betrokken bij de paddentrek op deze locatie en coördineert de groep sinds 2017. Vooral tussen half negen en tien uur ’s avonds is de kans groot dat padden actief worden.

Om te voorkomen dat de dieren zelf over het fietspad, door de wijk en uiteindelijk de straat op trekken, zijn langs de route ingegraven emmers geplaatst en is een lang groen scherm neergezet. Padden lopen tegen dat scherm aan, volgen de rand en vallen vervolgens in een emmer. Vrijwilligers halen ze daaruit en zetten ze over bij het water.

Dat gevaar is langs deze weg direct zichtbaar. Op het asfalt liggen al enkele platte padden, dieren die de oversteek niet hebben overleefd. Even later rent Koning de weg op om een pad van het asfalt te halen wanneer een auto snel aan komt rijden. De automobilist stopt pas wanneer hij merkt dat Koning niet opzij gaat. Het moment duurt maar kort, maar maakt meteen duidelijk waarom de overzetactie nodig is. ‘Ze gaan heel langzaam de straat over en zien ook geen gevaar’, zegt Koning.

Die lokale observatie past in een breder beeld, herkent Rolf van Leeningen van RAVON, het kenniscentrum voor reptielen, amfibieën en vissen in Nederland. Volgens hem zijn er landelijk 125  á 130 paddenwerkgroepen actief. Die groepen voorkomen niet alleen dat dieren worden doodgereden, maar verzamelen ook gegevens over aantallen en trends. ‘Op basis van die overzetgegevens kunnen we zien hoe het met soorten gaat.’

Die cijfers zijn zorgwekkend. Volgens Van Leeningen is de gewone pad op basis van overzetgegevens in zeventien jaar met zo’n veertig procent afgenomen. ‘Dat zijn forse cijfers’, stelt hij. ‘Juist omdat het om een soort gaat die lange tijd als algemeen werd gezien.’ Ook Koning ziet die achteruitgang terug in Leidsche Rijn. Waar op deze locatie vroeger ongeveer 300 padden per seizoen werden overgezet, ligt dat aantal volgens hem de laatste jaren rond de 130 tot 150.

De precieze oorzaak van die daling is volgens Van Leeningen niet met zekerheid vast te stellen. ‘Waarschijnlijk is het een combinatie van verschillende factoren.’ Daarbij noemt hij onder meer verstedelijking, minder groen in tuinen, verkeer, intensieve landbouw, klimaatverandering en exoten in sloten en plassen, zoals rivierkreeften. Dat bredere beeld sluit aan bij wat Koning langs de Grietmansraklaan ziet. Volgens hem is niet alleen het verkeer een probleem, maar ook het leefgebied zelf. Padden kunnen jarenlang oud worden, waardoor een populatie na bebouwing niet meteen verdwijnt. Maar als schuilplekken en groen langzaam afnemen, wordt dat later wel zichtbaar in de aantallen.

Tijdens de avond worden meerdere padden gevonden. Daarbij wordt ook gekeken of het om mannetjes of vrouwtjes gaat. Mannetjes zijn te herkennen aan een donker kussentje op de duim, waarmee zij zich aan het vrouwtje vastgrijpen. Vrouwtjes zijn vaak groter. Op deze avond worden opvallend veel vrouwtjes gevonden, terwijl volgens Koning normaal juist eerst meer mannetjes actief zijn.

Bij het water wordt duidelijk waar de tocht naartoe leidt. De padden worden aan de rand van de sloot losgelaten, waar het donkere water stil tussen de begroeiing ligt. Sommige dieren blijven even zitten, andere springen meteen het water in. Koning legt uit dat het mannetje zich tijdens de voortplanting vastklemt op de rug van het vrouwtje. Het vrouwtje zet daarna haar eieren af in het water, bij padden in lange snoeren en niet in klonten zoals bij kikkerdril. Meteen klinkt het geluid van kriekende en kwakende padden in het water Enkele mannetjes proberen zich vrijwel meteen vast te klampen aan de nieuwe vrouwtjes.

Mannetjes duiken meteen boven op de vrouwtjespadden

Volgens Van Leeningen is de afname van de gewone pad extra opvallend omdat het dier een vaste rol heeft in het ecosysteem. Padden worden zelf gegeten door andere dieren en eten op hun beurt insecten en andere kleine dieren. Het verdwijnen van zo’n soort laat een ecosysteem niet direct instorten, maar is volgens hem wel een duidelijk signaal dat de leefomgeving onder druk staat. ‘Het is zorgwekkend dat juist een algemene soort afneemt.’

Niet alleen op de weg lopen padden gevaar. Van Leeningen wijst ook op een ander probleem: amfibieën die in straatkolken terechtkomen en daar niet meer uitkomen. RAVON werkt daarom ook aan projecten rond padden in putten en kolken. Ook Koning benoemt deze putten tijdens het rondje. Daarnaast kunnen gemeenten helpen met schermen, waarschuwingsborden of in sommige gevallen tunnels onder wegen, al verschilt het volgens hem sterk per plek hoeveel aandacht en geld daarvoor beschikbaar is.

Het vrijwilligerswerk van Koning en in het algemeen de paddentrek laat zien hoe een stil natuurverschijnsel zich afspeelt midden in de wijk. Maar zonder schermen, emmers en vrijwilligers zou een deel van die tocht eindigen op het asfalt. De paddentrek is weer begonnen, maar vanzelfsprekend veilig is die nog altijd niet.

Over de auteur