Leidsche Rijn

Selecteer Pagina

Minder plezier op school onder Utrechtse basisscholieren

Minder plezier op school onder Utrechtse basisscholieren

Foto: Lars Piron

Het plezier dat Utrechtse basisschoolleerlingen van 10 tot 12 jaar ervaren op school neemt duidelijk af. In 2017 gaf nog 72 procent van de kinderen uit groep 7 en 8 aan graag naar school te gaan. In 2023 was dat nog 63 procent, blijkt uit cijfers van de Utrecht Monitor, gebaseerd op ruim 2600 ingevulde vragenlijsten.

Ontwikkeling van schoolplezier onder Utrechtse basisscholieren (2013–2023)

Jonne Bloem, promovendus aan de Universiteit Utrecht die onderzoek doet naar motivatie en kansenongelijkheid in het basisonderwijs, vindt de daling zorgwekkend maar benadrukt dat het lastig is om harde conclusies te trekken. Volgens haar kan de afname in schoolplezier niet zonder meer worden toegeschreven aan één factor. ‘Het lijkt een substantieel verschil, maar we weten niet hoe die daling precies is opgebouwd,’ zegt Bloem. Het zou bijvoorbeeld kunnen dat vooral een specifieke groep leerlingen minder gemotiveerd is, terwijl anderen hetzelfde blijven.

Bloem legt uit dat motivatie meer omvat dan alleen de wil om te leren. ‘Het hangt ook af van hoe leuk je het vindt, hoe je contact is met klasgenoten en je leraar, en of je het gevoel hebt dat je zelf invloed hebt op wat je leert,’ zegt ze. Uit het landelijke HBSC onderzoek naar gezondheid en welzijn van scholieren blijkt dat kinderen al in de basisschoolleeftijd druk kunnen ervaren door schoolwerk, sociale relaties en persoonlijke problemen. Dit onderzoek wordt elke vier jaar uitgevoerd door het Trimbos-instituut en de Universiteit Utrecht en verzamelt data over leerlingen welbevinden, sociale relaties en schoolstress. Volgens dat onderzoek hangt motivatie samen met zowel sociaal-emotioneel welzijn als met de manier waarop leerlingen hun eigen leerproces beleven.

Daarnaast wijst het rapport ‘Jong na corona’ van het Trimbos-instituut en de Universiteit Utrecht erop dat scholieren gemiddeld meer druk ervaren door externe prikkels zoals sociale media en prestatiedruk. Het rapport beschrijft dat de combinatie van sociale verwachtingen, digitale prikkels en maatschappelijke onzekerheden invloed kan hebben op hoe jongeren het leven en school beleven, en mogelijk ook op hun motivatie en plezier in school.

Leerkracht ziet veranderingen in de klas
Leerkracht Joyce Welters, die al 26 jaar voor de klas staat en in verschillende plaatsen les heeft gegeven, waaronder Utrecht tussen 2018 en 2022, herkent deze signalen in haar eigen praktijk. Volgens haar is de leefwereld van kinderen de afgelopen jaren sterk veranderd, wat invloed heeft op hun beleving van school. ‘Er is veel meer aanbod buiten school, zoals sociale media. Dat zijn vaak aantrekkelijkere prikkels dan wat er in de klas gebeurt,’ zegt Welters. Ze ziet dat kinderen gewend zijn aan steeds kortere, visuele informatie, wat de concentratie in langere lessen kan bemoeilijken.

Belang van relaties en omgeving

Zowel Bloem als Welters benadrukken dat de kwaliteit van relaties in de klas een belangrijke rol speelt bij schoolplezier. Bloem legt uit dat motivatie mede wordt bepaald door de relatie met de leerkracht en klasgenoten, maar ook door het gevoel dat leerlingen invloed hebben op hun eigen leren.

Welters vult aan dat een veilige sociale omgeving en het gevoel dat je erbij hoort essentieel zijn voor kinderen om met plezier naar school te gaan. ‘Als een kind zich gezien voelt en zich prettig voelt in de klas, gaat het sneller met plezier naar school,’ zegt ze. Daarnaast benadrukt ze het belang van uitdaging en autonomie. Leerlingen die te weinig keuzevrijheid ervaren of onvoldoende uitdaging krijgen, haken sneller af.

Breed beeld ondersteunt signalen

De ervaringen van Bloem en Welters sluiten aan bij bredere onderzoeksprogramma’s die schoolplezier koppelen aan sociaal-emotioneel functioneren en motivatie. Naast het HBSC onderzoek en het rapport ‘Jong na corona’ is er het programma Welbevinden op School, een initiatief van het Trimbos-instituut en Pharos, dat laat zien dat motivatie, veiligheid en betrokkenheid op school samenhangende factoren zijn voor het welzijn van leerlingen. Deze onderzoeken vormen geen eenduidig antwoord op waarom het plezier in school afneemt, maar zij laten wel zien dat de Utrechtse trend past in een breed gedragen beeld van veranderingen in motivatie en emotioneel welzijn bij kinderen.

Over de auteur

Lars Piron

Mijn naam is Lars Piron, 25 jaar oud en woonachtig in Utrecht. Oorspronkelijk kom ik uit een klein dorpje in Noord-Brabant genaamd Budel-Schoot. Al jarenlang heb ik bewondering voor mensen die werken in de mediawereld. Het is een droom om ook zelf actief te zijn voor televisie, het liefst als programmamaker. Mensen inspireren & entertainen, dat is het ultieme doel.